Zijn daden benne groots

Camping Kinzigtal is een typische Duitse camping. Schoon, niet luxueus maar een plek van rust, orde en regelmaat. Sjoemelen, daar houden ze niet van. 

Kapitein staanplaats

Een Nederlandse jonge man, klein (vroeger zou je ‘dwerg’ zeggen) is aangesteld als staanplaatsbeheerder.

Op zijn korte beentjes holt hij mee met de aankomende caravans of campers en wijst hen de precieze plek. Zo ook bij Zwager en zus. 

De kleine man gaat weg en het vaste ritueel van de caravan plaatsen gaat van start. Loskoppelen, op de juiste plaats zetten, vier poten uitdraaien en met waterpas controleren of het recht staat. Opgelucht slaakt zwager een zucht, dat is weer gedaan.

Bakkie

‘Eerst een bakkie’, zegt Zus maar dat had ze verkeerd gedacht. De kleine man komt aangerend en gaat op een vierkante steen staan die op het veld ligt. Hij wijst en zegt ‘nein’ en ‘niet gut’. Het puntje van de dissel steekt een centimeter uit over die steen en dat mag niet. Zwager lacht (nog) en ook Zus vindt het een goede grap. Maar er valt niet te spotten met de kleine man. Het is zijn taak om ‘grundig’ te zijn. Als een Napoleon gebaart hij dat de caravan een centimeter of twee naar links moet. 

Als vriendin en ik later langs gaan bij hen zien we twee sombere mensen die zwetend op hun stoeltje zitten. ‘De camping is waardeloos, de man is een arrogante dwerg met een ruimtelijke dwangneurose voor wie elke centimeter telt. Dat begrijpen we eigenlijk ook wel. 

Kijken en genieten

Op het veld zien we elke dag vergelijkbare situaties waarbij de kleine man grote daden verricht en de campinggasten in het Duits, Engels, Frans het hoofd schudden en hem met verbazing aankijken. Maar elke keer komt de kleine man als winnaar uit de non-verbale strijd. Als de grote directeur loopt hij het veld af, draait zich nog een keer om en inspecteert zijn landerij. Hoe een man de wereld naar zijn kleine hand kan zetten? Zijn daden benne groot.

Laat een reactie achter