Tag: italiaans restaurant

Non toccare il mio mento

Een paar jaar geleden waren wij met zwager en zus in Italië voor een heerlijke vakantie. Er blijven altijd verhalen hangen die zich, ongewenst, blijken te herhalen. Zo blijkt mijn zwager’s kin in trek te zijn bij de Italiaanse man.

In een restaurant in Italië werden we overdreven hartelijk ontvangen door de eigenaar. Hij is handtastelijk, maakt grappen die hij zelf erg leuk vindt en pakt veelvuldig de hand van zwager vast. Het toppunt van de avond was de vriendelijke kriebel onder de kin van Zwager. De onthutste blik van Zwager was het aanzien meer dan waard.

Rijswijk heeft er ook één

Zwager rilt als hij er over praat terwijl bij ons de tranen over de wangen rollen. De Italiaan had ook geen betere ‘echte’ man kunnen uitzoeken voor zijn handtastelijkheden.

We gaan opnieuw Italiaans eten maar dan in Rijswijk. We kennen het restaurant niet maar wagen het er op. Als we binnenkomen staat de eigenaar overdreven Italiaans te doen. Zijn lange haren wapperen frivool langs zijn gerimpelde hoofd, zijn snor krult enthousiast om de mond. Het strenge meisje speelt serveerster die blijkbaar op zijn commando de tafels bedient. De eigenaar maakt zijn opwachting bij de verschillende tafels met moeilijk verstaanbare praatjes.

We laten ons verrassen door het verrassingsmenu dat verrassend veel tijd in beslag neemt. Af en toe komt de snor langs om vooral zwager veelvuldig aan te kijken. Hij maakt ondeugende grapjes die eigenlijk vooral smerig zijn.

Doet ‘ie het of doet ‘ie het niet

Door de manier van doen komen de herinneringen aan het kinmoment ter sprake. Het zou ons niet verwonderen als dat hier ook gaat gebeuren, alles wijst er namelijk op. Zwager zucht en doet wat stoere uitspraken: ‘hij moet het niet proberen, dan…’ Wij lachen.
Maar het gebeurt wel. Op een onverwacht moment duikt de man op naast ons tafeltje, buigt zich over zwager heen en wij zien hoe zijn vingers verdacht langzaam maar zeker dichterbij het gezicht van zwager komen. Gierend roepen wij ‘ohhhhhh’. De man schrikt en komt omhoog. ‘Wat, wat?’, vraagt hij. Hij ziet aan de blik van Zwager precies wat er aan de hand is en trekt gekwetst zijn handen van hem af. Hij negeert ons verder de hele avond maar er zijn mensen genoeg die hij kan vermaken.

Als we vertrekken draait hij zijn rug naar ons toe en giet wat limoncello tussen de borsten van een vrouw die het allemaal wel kan waarderen.