WK 2010

op het groen bij de vijver
een stilleven van eenden en ganzen, zitten ze
alsof ze afgesproken hebben
even niets te zeggen
als ik voorbij kom

het is ook wennen
aan de zon, de warmte
zelfs ik houd mijn mond
als ik voorbij loop
zo zachtjes als ik kan

ze kijken me na
terwijl ik in gedachten
afstand neem van dit beeld
en denk; ach
dan winnen we toch niet.

Vaderdag

De reclame roept en schreeuwt, ik
hoef er niet meer op te letten
geen kaart, of peinzen over een cadeau
geen belletje of toch maar gaan
omdat mam dat wel waardeert.
Misschien ontmoeten we elkaar
waar we vermoeden dat ze zijn
neem de jenever mee
het kleine glaasje
zijn donkergrijze vest
zijn halve pantoffels
drink, drink, drink

Broertjes de boer

Ze zijn zo vaak gepersifleerd
als ik ze nu ‘echt’ zie denk ik toch
wat doen ze hun goed na.

Wat heb je bereikt in je leven?
Behalve heel veel geld verdiend?
je persiflage overschaduwd wie je werkelijk bent.
Wie wil dat nou niet?

Ziekenzaal

we fluisteren met elkaar
over heel gewone dingen
en delen verder alles
met de zaal

de oude dame kreunt
een ander wijst de weg
zij is het langst ziek
zegt ze bijna trots

de verpleegster heeft geen tijd
ze mompelt: kom er aan
elke keer als men haar vraagt
een pilletje te pakken

alle gêne overboord
je piest en poept
in samenzang alsof je
nooit iets anders hebt gedaan

maar thuis doen we mooi de deur op slot.
Gewoon omdat het kan.

Ziek

operatieschort aan
nu ben je ziek
ga liggen
ga kreunen
nu ben je ziek
zegt de dokter
nee, niet lopen
je loopt niet zelf
de operatiekamer in
je bent ziek
je hebt een schortje aan.

Vrouwen

Sommige vrouwen zijn er mee geboren:
de onbedwingbare neiging om andere vrouwen
te overschaduwen om dan
als dat niet lukt
genadeloos toe te slaan, pootje te haken
de valse schijn te wekken
met een, waarschijnlijk, weerzinwekkende glimlach.

Niemand die het ziet, alle lelijke
trekjes zijn weg geplamuurd
in poederdons en everlasting
lipstick.

The Hague Jazz (3)

Bescheiden jongen
gitaar om de schouders
verlegen blik in de zaal
het gaat niet om hem
voelt zich onbespied
raakt de snaren met handen
van binnen gestuurd
van hart naar vingers
ogen knijpen samen
mimiek begeleidt
wat onzichtbaar was
tonen zijn binnenkant
pijn, vreugde, genot.

Vooral genot
doet pijn.

The Hague Jazz (2)

In het publiek, twee mannen, witte overhemden
ik zie de rechte ruggen
ze bewegen bijna synchroom
schouders op en neer,
hoofd op de tel iets schuin naar achter
de heupen, links, rechts
door de knieën en weer opnieuw
schouders op en neer
heupen, links, rechts

homo’s kunnen niet dansen.