Op haar eigen wijze

Ik zie ze heus wel kijken en denken. Die mensen die ons soms horen over Ami. ‘Wat een getut over een hond’, ‘het is maar een hond niet je kind’. En ze hebben helemaal gelijk. Nooit gedacht dat zo’n mens in mij verstopt zat. Zo’n mens die overstroomt van liefde. Voor een hond.

Onderweg in de auto, terug van de vakantie, ben ik nerveus. Vriendin ook. Ami is dan al thuis gebracht. In mijn hoofd bepaal ik de volgorde. Toch maar eerst de koffers uit de auto en dan pas naar binnen. Tegelijk met Vriendin natuurlijk. Om de hartstochtelijke begroeting van ‘her majesty’ samen te mogen ontvangen.

Ze staat bij de deur en kwispelt. Maar ze kwispelt lang niet zo erg als wij. Ze is gewoon blij, tevreden dat we er weer zijn maar wil eigenlijk gewoon het liefste weer terug naar haar rode kussen, want ze lag net te slapen, ja!

Om de hartstochtelijke begroeting van ‘her majesty’ samen te mogen ontvangen.

Moed

Vriendin en ik spreken elkaar moed in. Dat ze gewoon een eigenwijze kwibus is, dat ze niet van dat hele kleffe gedoe houdt, dat we echt niet inwisselbaar zijn maar misschien wel een beetje. ‘s Avonds ligt ze gewoon weer op haar rug, de pootjes in de lucht, haar mantra voor een goed en veilig leven. Alsof er niets aan de hand is.

Plassen

Vanmorgen laat ik haar uit. Ze moet plassen. Elke hond moet plassen na een nacht, toch? Ami niet. Ami gaat zitten op het veld waar mijn zwarte sneakers inmiddels volgelopen zijn met het vocht van natte grasvelden. Ze zit en kijkt links en recht. Als ze weer loopt maakt ze zeker tien keer een schijnbeweging. Ze zakt door haar achterpoten, ik mompel ‘yes, ze gaat plassen’, ze komt weer overeind. Verkeerde plek, verkeerde tijd.

Hondenoppas

Als G, van de hondenuitlaatdienst en ook haar vakantiebabyzit, haar komt ophalen, reageert ze hetzelfde. Een kwispel, een uitrekmoment. G en ik praten nog wat over de vakantie, over Ami en d’r eigenwijze hebben en houwen en zij gaat er maar eens bij liggen. Dat getut. Met de riem om haar nek ligt ze er bij alsof ze nog een tukkie gaat doen totdat de grote mensen uitgepraat zijn.

Als ik er goed over nadenk, heb ik echt de hond die bij mij past. Ik ben ook geen knuffelaar. Wil graag zelf bepalen, wanneer, door wie en hoe lang. Als Vriendin mij voorstelt om te gaan wandelen zijn er ook heel veel andere dingen die ik liever doe op dat moment, gewoon lui onderuit zitten, is er één van. Als ik ‘s morgens ontwaak wil ik ook met rust gelaten worden. Ontbijten kan ook echt wel rond lunchtijd. Een plas ophouden kost me totaal geen moeite.
Ami doet alles zo op haar eigen wijze. En het liefst doe ik dat ook.

English people rule the world

Na onze vakantie op Lanzarote begrijp ik de Brexit opeens veel beter. En zing ik in gedachten ‘Let it go, let it go’.
Het hele eiland lijkt in handen van de Engelsen. Van de pub tot de dagelijkse bingo. Van blingbling tot de hoge hakken die de weelde maar nauwelijks kunnen dragen.

En natuurlijk ga ik nu heel erg generaliseren, ik weet het en weet dat ik het weet.
Opmerkelijk veel Engelsen zijn er op de Canarische eilanden. Hele gezinnen, wat zeg ik, families, flaneren verveeld over de boulevard. Onder de vele tatoeages gaan menselijke gedaantes schuil. Dikke moeders kleden hun dikke dochters met een overload aan bling bling, de make-up stroomt door de hitte van de bolle wangetjes. Ze zijn niet blij. Ze spelen blij. Ze eten geen vette ontbijtjes, ze zijn verworden tot vette ontbijtjes.

Drie dikke dames

Op het strand staan de strandbedden twee aan twee opgesteld. Niet dat je een zee van ruimte hebt maar een zekere privacy is je gegund. Drie dikke, vette vrouwen van een jaar of vijftig komen aangesjokt en speuren het strand af naar drie stoelen naast elkaar. Die zijn er niet. De grootste vrouw pakt een leeg strandbed en laat die tussen de setjes van twee neervallen zodat je opeens een rij van vijf bedjes hebt. Twee van die bedjes zijn bezet door een jong Nederlands stel. Het jonge meisje werpt een nerveuze blik naar links waar inmiddels de grote Engelse vrouw zich probeert te ontdoen van haar te strakke jurk. Ze buigt en bukt en duwt haar stevige achterste in het gezicht van het jonge meisje. De drie Engelse dames kirren onderhand van genot en roepen met hese stemmen dingen die niet te verstaan zijn. Als de grote vrouw haar kont uit het gezicht van het meisje heeft gewurmd, ploft ze neer op het bed. Het jonge stel staat op en verhuist naar een ander paar bedden. Niet één keer heeft de Engelse buldog hen een blik waardig gegund.

Goed gevulde luier

Een andere familie ploft ook neer op het strand. Kinderen met kinderen. Ze eten en drinken. Een moeder verschoont haar baby en gooit de luier achter zich weg. Als de familie uiteindelijk weer vertrekt blijft de luier liggen waar hij lag. Why not?

Blote borsten

Ze laten ze hangen. De Engelse borsten. Dames van zekere leeftijd en ouder. De borsten zijn zo zwaar en groot dat ze als slappe ballonnen aan beide zijden van het bedje bijna op de grond bungelen. Wat is ‘gêne’ in het Engels?

Ik neem aan dat de Engelse vakantieganger op dit soort eilanden van een speciaal soort zijn. En kijkend naar de kinderen die als kleine prototypes van hun ouders naast hen lopen, zal het soort in stand blijven. En wij zijn niet beter, natuurlijk niet. Maar niet eerder zag ik een kort tijdsbestek hoe generatie op generatie doorgeeft wat niet doorgegeven zou moeten worden. En dat is een pijnlijke constatering.

 

Eén ogenblik

Het was zo’n doodnormale dag. Doodgewone mensen en doodgewone dingen die moeten gebeuren.

Het vreselijke bericht van het ongeluk met de schoolkar en de trein brak de dag in tweeën, brak alles wat normaal was in gruzelementen. Iedereen probeert zich voor te stellen wat niet voor te stellen is.

Dag van de leidster

Ik stuur mijn zus een bericht. Als leidster op een kinderdagverblijf waar elke dag met zoveel aandacht wordt gewerkt, zal de klap harder aankomen. Ze vertelt dat ze een feestavond hebben om dat het de dag van de leidster is. Dat iedereen van slag is. En ik denk aan de leidster die misschien ook die ochtend kleine cadeautjes mocht ontvangen.

Ik ben geen moeder en ken helaas die grote, onvoorwaardelijke, allesomvattende liefde niet die ouders zouden moeten kennen. Maar ik voel het wel.

Mijn manier is om er woorden voor te verzinnen, wetende dat geen woord groot, koud en hard genoeg is voor verlies.

——————

Eén ogenblik

Misschien ging alles die ochtend gesmeerd
geen gekibbel of gedoe
of was je juist moe, heb je gezucht toen de dag zich openbaarde
smeerde je brood met de doordeweekse haast
kamde je haren in een staart en bromde je ‘sta nou even stil’

ging hij naar zijn werk en gaf hij zijn dochters de grappige zoentjes in hun nek
zij schudde de ongewone onrust van zich af en zwaaide nog een keer
de slaperige ochtendgezichtjes lachend bij de deur

‘Tot vanavond’

En nog voordat de dag kon beginnen viel een gitzwarte nacht als een bom in doodnormale levens
verscheurde wat heilig en veilig was geweest
In één ogenblik verstomde een wereld van klatergelach
stond de moederziel alleen
in de herkenning van het grootste verlies en de niet voor te stellen leegte.

Er wonen mensen in Haría

We verbllijven in Haría. Eén van de mooiste dorpjes op Lanzarote. Lezen we overal. Het plein is inderdaad prachtig, maar een dorp is geen plein. Wat vooral opvalt aan Haría is de oorverdovende afwezigheid van leven.

Als we van onze vakantievilla naar het dorp wandelen, lopen we langs huizen met gesloten luiken. Niemand te zien, af en toe een auto. Geen kindergeschater, geen hangjongeren, niets.

Eén dag schrikken we op door een meisje van een jaar of tien die met een step de hoek om komt scheuren. Ze groet vrolijk en is zo snel weg dat we ons afvragen of het echt gebeurd is.

Plein

Gisteren aten we bij de plaatselijke snackbar. Een dorpscafé met een echte menukaart en hoe later op de avond, hoe meer luiken er open gaan. Oude mannetjes en een handvol dorpsgekken verzamelen zich in de huiskamer. Daar zitten ze zwijgend voor een groot televisiescherm.

Er komen jongeren aangeslenterd, ze drinken wat om daarna weer op te lossen in de stilte van het dorp. Maar ze zijn er dus wel. Mensen. Wat zou ik graag eens achter die luiken willen kijken want ze zullen toch praten, werken, eten en lachen?

Haría lijkt ingeslapen maar misschien is er aan de andere kant van de luiken iets heel anders gaande. Ik wil het zien en voelen.

Massage of een knal voor je kop?

Lig je heerlijk op je strandbedje, komen ze langs. De strandverkopers. Doeken, tassen, sieraden en niet te vergeten de massage.

Voor de massage ‘on the beach’ is een legertje Chinezen ingevlogen. De hele familie Masseur wisselt elkaar om de minuut af.

Héllo Massāgè

in het begin schudt je nog beleefd je hoofd. ‘No thank you’. De tweede keer zeg je alleen ‘no’. Na tweehonderdvierenveertig keer houd je je slapend. Maar je slaapt helemaal niet want van links en rechts besluipen ze je. Hun ‘unique sellingpoint’ is de uitspraak van de strandmantra. “Massage yes? Massage yess? of ‘Massagè’, waarbij het woord gezongen wordt in drie verschillende noten.

Cola, fanta, pretty lady

Er zijn twee colamannetjes. De ene roept zijn hele hebben en houwen in een lange zin, zo snel dat je zelf naar adem hapt. De ander roept tussen zijn fanta en coladingen, wat hij ziet. ‘Cola, fanta, oh the lady is stille sleeping, icecreams’. Hij staat voor me en zegt ‘English people are the best’. Ik verontschuldig me voor mijn niet Engels-zijn.

‘Where you from?’
‘We are Dutch’.
‘Oh, Dutch people are even better’. Ik lach.

Agressie

Als we teruglopen staat er een donkere jongen, zijn handel hangt treurig rond zijn arm. Verveeld en met een agressieve blik turft hij de rijke toeristen. En ik begrijp zijn woede. Hij vangt mijn blik, hij staat op en beveelt ‘you, come here’. Ik  kom helemaal niet here. Zijn boze blik is niet echt uitnodigend.

De man naast hem speelt voor de zoveelste keer ‘I did it my way’ op zijn accordeon. En bij al die vrouwen en mannen die zwoegen door het hete zand vraag ik me af wat ze hadden gedaan als ze het op hun manier hadden kunnen doen.

 

De luie ligbedgeneratie

Jaren geleden fladderden we als vluchtige vlinders over het strand. Ons lichaam voegde zich met gemak in het goudgele strand, onze tenen speelden met het zand. Dat was toen.

Tegenwoordig horen we bij de ligbedgeneratie. Een strand is pas een strand als er bedjes en parasols staan. Decadent misschien maar het lichaam is er aan toe.

Juweeltje

Poedelend in de zee worden we aangesproken door een Nederlands echtpaar. Zij hebben een juweel van een strand ontdekt. Een intieme baai met ligbedjes, met vissen die uit je handen eten en de authentieke Spaanse sfeer waar iedereen naar op zoek is. Zij vertrekken die dag en gunnen ons ook die ervaring.

Een dag later gaan we op zoek en vinden het strandje. Weinig ligbedden staan er maar genoeg voor ons, dus we ploffen neer. Om ons heen storten complete Spaanse families met eten en drinken voor een week zich aan onze voeten. Hun conversaties zijn luid en talrijk.

Ligbedstrand

Dit is geen ligbedstrand. Mooie, jonge mensen met bruine lijven liggen te pronken op het strand. Er wordt gekeken, gelachen, geflirt. Een jonge, hele dikke vrouw in een beschaafde bikini loopt naar de zee. Achter haar wordt gewezen en wordt ze bespot. Ze zal vast de ogen in haar rug voelen maar ze loopt moedig door. Meisjes taxeren hun concurenten en maken oogcontact met vriendjes die niet hun vriendje zijn.

Veilig

Deze week voelde ik me veilig op het strand. Tussen de lekkere-luie-ligbedgeneratie is geen competitie meer. Die tijd ligt achter ons. We laten hangen wat hangt en andermans vriendjes zijn niet meer interessant. Geen spottende blikken. Niets. We zijn verworden tot een generatie die er niet meer toe doet en dat is natuurlijk ook pijnlijk. Maar voor geen goud zou ik terugwillen naar de wereld waarin uiterlijk en schone schijn bepalen wie je bent.

Geen poppenkast meer.

 

Familiesnoezeltijd

Deze vakantie kent z’n rituelen. Zo slaapt Vriendin nog uren door terwijl zus en ik in het schemerige ochtendlicht, fluisterend praten en ons zoveelste kop koffie drinken.

En dat is met deze Zus maar ook met andere Zus. Waardevolle momenten om de dag mee te beginnen. Door dit ochtendritueel denk ik regelmatig aan vroeger. Ook ons gezin kende die snoezelochtenden. Ik vraag Zus of zij zich dat herinnert. Beiden herinneren ons die momenten vooral qua sfeer en emotie.

Pyama

We herinneren onze moeder en de drie dochters. Waar de vader en broer uithingen op die momenten is vaag. Of waren wij het vooral die spraken en namen we de mannen voor lief en zij ons? Gordijnen nog dicht, wij in nachtpon met slaperige koppies. Verse koffie en samenzijn. Waar hadden we het over? Geen idee. Maar de herinnering is zoet en warm.

Trouwen

Toen mijn oudste zus ging trouwen vond ze deze momenten de moeilijkste om los te laten. De avond voor het grote gebeuren zaten we nog eenmaal samen met kale gezichten en namen we afscheid van dat familieritueel.

Herhaling

Maar we herhalen onszelf in rituelen. Houden wat goed was en laten gaan wat niet meer nodig is. En met de zwagers (m/v) die er zijn is er dezelfde vertrouwelijkheid, je veilig voelen met elkaar.

Ik maak er geen foto van maar stel je voor:  ongekamde haren, onopgemaakt, nog helemaal ‘bedderig’, beginnen we aan een nieuwe dag. En als hier op Lanzarote buiten het licht wordt aangedaan, is dat het sein om ons aan te kleden voor de dag.

Oma, waarom….?

Roken. We weten het onderhand wel. Maar waarom is het zo verrekte moeilijk om de knop om te zetten? Waarom houden we ons opzettelijk blind en doof totdat je kleinkind je aan je truitje trekt.

M., mijn zus, moeder van twee volwassen zonen en een fantastische oma voor haar vijf kleinkinderen kan er over meepraten.

Na twintig jaar rookvrij te zijn steekt ze op een terras in verweggiestan een sigaretje op, ‘for the good times’. Zoals ex-rokers weten doet dat ene trekje alles waarvoor het gemaakt is. Het wakkert gevoelens aan van jonge onbezonnenheid, van vrijheid?, van genot.

Tien jaar later

Heeft ze van alles geprobeerd, gedacht, gewenst en verwenst maar smeult de sigaret nog altijd onder handbereik. Deze vakantie wil ze, nee, gaat ze overstappen van ‘the real thing’ naar de e-smoker. Waarom? Omdat haar kleindochter een belangrijke vraag stelde: “Oma, als je weet dat het slecht is, dat je ziek wordt en dood kan gaan, waarom doe je het dan?”

Twee helblauwe ogen

Het tienjarige meisje kijkt met haar helblauwe ogen in de ogen van haar oma, de oma die ze liefheeft. Oma stamelt, pruttelt, krijgt blosjes en weet dat er geen enkel antwoord te verzinnen is op die simpele vraag. En belooft in de vakantie het gemene stinkding vaarwel te zeggen. Het meisje knikt en vertrouwt haar oma. Als mijn zus later aan een andere, iets jongere kleindochter vertelt wat ze heeft besloten, zegt het meisje “ik had het al gehoord, ik weet niet of ik het had durven zeggen tegen je”. Ze kijkt verlegen haar oma aan.

Moederding

Zwangere vrouwen stoppen met roken. Voor hun kind. Oma’s stoppen voor hun kleinkind. Waarom werkt dat moederding voor anderen en niet voor onszelf? Waarom vinden we het onszelf niet waard om gezond en heel te blijven. Ik, kinderloos dus kleinkindloos, weet waarover ik praat.

Bye bye

Gisteren ging de laatste sigaret de asbak in. Met een appje naar de kleindochter. Vandaag is er dit blog. Het moet genoeg zijn om het vol te houden.

De rookwereld zal pas echt verdwijnen als we onszelf net zo serieus gaan nemen als anderen dat doen. Niet door rokers te verketteren maar door heel veel liefde. Van je kleinkind bijvoorbeeld en desnoods gewoon voor jezelf.

Voorbereiding is halve werk

Voorbereiding is het halve werk. Dat geldt voor alles dus ook bij een vakantie.  We hebben veel gelezen en gehoord over Lanzarote maar vooral de zalige, constante temperatuur onthouden.

Trui mee? Onzin. Zelfs ‘s avonds kun je in je niemandalletje aan tafel. Hemdjes en korte broeken, mijn koffer was tot de nok gevuld met mooie beloften.

We verblijven in Haria, het mooiste dorpje van het eiland. Daarmee rekenden we ons rijk. Wat we niet gelezen hadden is dat dit ook gelijk de meest bewolkte en winderige streek is van het eiland. Als we de eerste avond nog net niet klappertandend aan tafel zitten, kijken we elkaar ietwat verloren  aan.

Zon

We kunnen vanaf onze ‘villa’ overal de zon zien schijnen. Dat is het mooie van dit overigens prachtige eiland. Daar gaan we dus maar naar toe. Op het strand weten we niet hoe snel we de parasol moeten opzetten. De zon brandt alsof zijn leven ervan afhangt.

Het woord ‘Griekenland’ valt af en toe. Waar je van die onvergetelijke strandjes treft met ligbedjes en de aardige mijnheer die ons stralend verwelkomt. Ons Lanzaroth strand heeft ook bedjes, we liggen bijna bij de buren op schoot en de ‘aardige mijnheer’ is hier een nors mannetje die het even heeft gehad met de toeristen.

Blote borsten

Opvallend, de dames op leeftijd die topless zonnen alsof we in de jaren zeventig leven. Grote dames ook, rond, wulps of niet zo wulps maar moddervet. De eerste keer dat ik zonder gene mijn kleding uittrek op een vol strand.

Weerbericht

Onze weerappjes geven allemaal fantastisch weer aan maar op de een of andere manier is het elke keer ergens anders op het eiland.

Mijn eerste vakantieblog ging over goed nieuws. Hoe sneu als de tweede een hele andere kant op gaat? Dat is niet de bedoeling. We genieten van de omgeving, de natuur, het heerlijke eten en de rust. Anders dan op een Grieks eiland is er hier genoeg te doen en te beleven, ook als het weer iets minder is.

En gelukkig is er nog een overeenkomst.
Ook hier mogen we geen toiletpapier doortrekken.

 

 

Goed nieuws is geen nieuws

Toch, een bekend gegeven, goed nieuws is geen nieuws. Dat ga ik veranderen. Ons vertrek naar Lanzarote verliep meer dan soepel.

Dat we op een onchristelijk uur vertrekken laat ik buiten beschouwing want hé:  vakantie. Geen rij bij de incheckbalie, een en al vriendelijkheid om ons heen, zelfs’ het fouilleren is prettig. Het vliegtuig vertrekt op tijd. De huilende kinderen zijn rijenver verwijderd van ons. De rij voor ons wordt in beslag genomen door een jong gezin met een lief meisje, een verstandige moeder en een toffe vader.

Slapen

We worden welkom geheten door de ‘crew’ en het meisje spreekt alsof ze een verhaal aan kleuters voorleest. Met onze duim in de mond vallen we in slaap. Als we wakker worden zijn we er al bijna.

De koffer rolt voor ons de bagageband af. We zijn de eersten bij de autoverhuurbalie. De auto is goed en rijdt.

Tegenvaller

Dat we blijkbaar op het meest bewolkte gedeelte van het eiland zitten, mij hoor je niet. Dat we geen trui bij ons hebben, want altijd goed klimaat, mij hoor je niet. Dat ik Vriendin met een verrekijker moet zoeken in ons bed van zes meter breed… dat de douche niet werkt…

Mijn reisgezelschap zit buiten. Ik zie hen zitten met achter hen palmbomen, bergen, witte wolkjes en zon.  Er staat koffie klaar.

Goed nieuws scoort.