AVG – gek van al die privacy

Deze week is het feest in mijn mailbox. Allemaal bedrijven die graag willen dat ik nog steeds ‘ja’ zeg op hun nieuwsbrieven of andere zaken. Een mooie gelegenheid om de boel eens op te ruimen. Maar wacht… ik ben ook een zzp’er, ik moet ook iets doen. Help.

Uit pure chagrijnigheid meld ik me nergens meer voor aan. Inschrijven kan namelijk altijd nog en weer. Ik lees net de privacyverklaring van Twitter en dan valt pas op wat ze allemaal doen met mijn gegevens. En, handig, dat ik nu zelf kan bepalen door achter items wel of geen vinkje te zetten. Daar is het allemaal voor bedoeld. Mijn zoektocht gisteren naar iets van Rituals heeft er nu al toe geleid dat ik alleen maar advertenties zie van dat merk. Nog even, en de geur van Tangerine Tea Fragrance komt via mijn computer mijn neus binnen.
Het komt mijn neus uit onderhand.

Privacy

Het is natuurlijk toe te juichen. Deze regels en verscherping van regels die er al lang waren. Maar eerlijk gezegd denk ik toch dat het vooral de grote commerciële jongens zijn die hier last van krijgen en dat is helemaal goed. Waarschijnlijk weten we nog niet een kwart van de duistere wereld van ‘marketing-‘ en verkooptrucs die ons onzichtbaar door de strot worden geduwd. Om maar te zwijgen over nieuwsfeiten die geen nieuws bevatten of ons onbewust sturen in een bepaalde denkwereld.

Cookies

Natuurlijk weet ik van cookies. Maar stuur ik zelf cookies mee…, nee toch? Ja toch. Al die diensten zoals google, facebook en noem maar op, gebruiken via jou en mij cookies. En ik ben daarom medeschuldig.

Deze hele AVG-epidemie levert in ieder geval op dat we er met z’n allen over nadenken. Nu nog de handhaving. Ik weet niet hoe minister Dekker dit bedacht heeft. Autoriteit Persoonsgegevens moet toezien op naleving van de nieuwe wet. Hoe gaan ze dat doen? Staan ze straks plots bij mij voor de deur? Of bij de handwerkvereniging van Naadloos Naaien?

Ik ontving een mail van Wolplein. Of ze mij  nog steeds hun nieuwsbrief mogen sturen. Ik en een nieuwsbrief van Wolplein. Een vreemde combinatie. Waar een draadje toch toe kan leiden…

25 mei

Dat is vandaag. D-Day. Ik ga ook maar eens aan de slag.

 

 

VVE: kan wel leuk zijn…

Met nog heel wat maanden te gaan, hadden we gisteren al de eerste VvE-vergadering van blok B. Klinkt als een gevangenis maar is ons appartementencomplex, nu in aanbouw. Ik heb eerdere ervaringen met een VvE, die ik in plaats van Vereniging van Eigenaren in gedachte ook wel Vereniging van Eikels noemde.

Zo gingen we naar deze vergadering. Met de nodige scepsis die ik ook in Vriendin’s hoofd had geplant. Als we mensen met mappen onder hun armen aan zien komen lopen, constateren we onnozel dat we misschien ook pen en papier mee hadden moeten nemen.

Monsteren

We slaan de toekomstige bewoners gade. Hoe snel zijn we met oordelen, veroordelen en beoordelen? Een eerste indruk is snel gemaakt. Maar ons oordeel valt eigenlijk alleen maar positief uit. Een vrouw komt op ons af. ‘Jullie worden mijn buren. Ik hoorde dat ik hele leuke buren zou krijgen, twee vrouwen, dat moeten jullie zijn, wat leuk om kennis te maken’. Met zo’n compliment kun je toch even lekker verzitten op je stoeltje. We komen er achter dat we geen buren worden maar onderbuur is ook goed genoeg. Zij houdt van honden, wij hebben een hond, de oppas is  geregeld.

Besturen en commissies

De gevreesde vraag wordt gesteld. Wie er in het bestuur wil. Wie er in de technische commissie wil. Gelukkig zijn er anderen die echt willen al voelen we de druk om mee te doen heel langzaam toenemen. Met een aantal andere vrouwen stellen wij voor om de feestcommissie te vormen. We houden van ‘wijnen’, een nieuw werkwoord dat ik gisteren geleerd heb. De feestcommissie is een feit.

Wijnen

Na afloop nemen we op het terras een wijntje met de nieuwe bovenbuurvrouw. Andere buren sluiten zich aan. We proosten en praten, praten en proosten. Maken een afspraak om zondag de expositie van M te komen bewonderen en koffie te drinken in de leukste koffietent van Den Haag van andere buren. De blonde bovenbuurvrouw roept hoe blij ze is. Hoe ze van de week nog huilend met haar oude buren had gedeeld dat ze bang was in een bejaardenflat terecht te komen. Maar wat een opluchting. Blok B is een feestje. Er is nog geen plek om de slingers op te hangen, maar reken maar dat die er gaan komen.

In de auto zeggen we tegen elkaar dat we niet kunnen wachten op de volgende Vve-vergadering.

Het wonderbaarlijk ontwaken

Nee, geen verwijzing naar een spiritueel ontwaken op deze mooie ochtend. Wel een letterlijk ontwaken door wonderschoon vogelgezang. Een fijnere wekker, wel wat vroeg birdy!, kun je je niet wensen.

De eerste keer, zo rond 03.00 uur word ik er wakker van. Langzaam dringt het gezang tot me door. Tjonge, ze zijn vroeg vandaag, ze hebben er zin in. De een doet nog meer zijn best dan de ander. Ik herken niet de vogel maar hoor wel dat het ene gezang het andere niet is. Wat doen ze hun best.

Mannetjes en vrouwtjes

Lang werd gedacht dat alleen mannetjesvogels zongen maar niets blijkt minder waar. Zo lees ik:  Zingen is voorbehouden aan mannelijke zangvogels. De vrouwtjes horen hun mond te houden. Trokken ze wel hun snaveltje open, dan werden ze weggezet als ‘atypisch’, of ‘hormonaal afwijkend’. Wetenschapsblad Nature Communications meldt dat het gekwinkeleer van vrouwelijke zangvogels wijdverbreid is. En hun oermoeders deden het ook al.
Ook vogels emanciperen dus. Vrouwtjesmussen mogen zelf ook aangeven dat ze in zijn voor een paring.

Roepen of zingen

Er zijn twee soorten geluiden: roepen en zingen. Roepen is voor beide seksen weggelegd maar het zingen, tja, de zang is vaak een lang en complex lied. Een beetje jammer dat als de moeilijkheidsgraad toeneemt het vooral de mannetjes zijn die dat kunnen. Ook daar is The Voice een fenomeen. Want zing je mooier dan je buurman, dan krijg je vast en zeker het lekkerste wijfje. Het blijkt ook dat vogels die het niet zo van hun uiterlijk moeten hebben, de mooiste melodietjes kunnen zingen. Zo wordt talent en aangeboren schoonheid tenminste nog eerlijk verdeeld. Kom daar bij ons mensen maar eens mee aan.

Mei en juni

Dat zijn toch wel de maanden van de zangvogels. Er is werk aan de winkel. Er moet gebroed worden, dus alles wordt uit de klankkast gehaald. En daarna is het stil. Soms hoor je nog wat ‘subzang’. Het gezang van de jonggeborenen die aan het oefenen zijn voor volgende jaar. Vroeg geleerd is oud gedaan.

En wat nu laten horen? Blackbird of Vogeltje wat zing je vroeg? Je mag kiezen, het is jouw dag.


Wild, wild country – even terug in de tijd

We volgen momenteel de documentaire over Bhagwan, de goeroe uit India met destijds duizenden volgelingen over de hele wereld. Een interessante documentaire. Als de hele Bhagwansekte zich vestigt in Oregon, krijgen de bewoners daar de schrik van hun leven. Want ‘vrije seks, oranje gewaden en mensen die dansen zonder muziek’. Dat heeft God zo niet bedoeld.

Ik onthoud weinig titels van boeken en namen van auteurs, maar één boek onthoud ik altijd. ‘De schijn van heiligheid’ van Lin Stevens. Ik verslond dat boek, ik heb het nog en aan de buitenkant is te zien hoe vaak ik het gelezen heb. Deze Lin Stevens, Amerikaanse vrouw en moeder, verlaat haar gezin om zich in Poona voor drie maanden aan te sluiten bij de Bhagwancommunity. Dat had ik ook wel gewild.

Vrij

Ik vond het eng en spannend, dat oranje gedoe. ‘Eng’ won het zodat ik nooit verder ben gekomen dan dansavonden bezoeken in de Bhagwandiscotheek in Den Haag. Dansen op muziek, dat dan weer wel. Maar het trok wel aan me. Het gevoel van vrij-zijn wilde ik omarmen, ik wilde vrij zijn van voornamelijk mezelf. Gelukkig leiden er meer wegen naar Rome.

Gek

We zien in aflevering twee, beelden van heftige therapiesessies waarin naakte vrouwen en mannen krijsen, huilen, lachen, slaan en flippen in extase. Geen fraai beeld. Vriendin trekt ook haar wenkbrauw op en ik denk terug aan mijn eigen therapiesessies van lang geleden. Een lege ruimte, een vloer van matrassen en mensen daarop, bovenop elkaar, die huilen, krijsen, lachen en slaan. Ik heb zoveel gedaan dat door een buitenstaander als ‘gek en idoot’ zou worden omschreven en eerlijk is eerlijk, ik ben blij dat er geen beelden van zijn. Want sommige dingen moet je beleven en zijn niet om naar te kijken. Ik heb er veel aan gehad. De zoektocht naar het ultieme voelen, ‘up and down’, is mij niet vreemd. En nu denk ik vaak: been there, done it.

Tweestrijd

De bewoners van de kleine dorpjes als Antelope, waar de sekte zich vestigde, weten niet wat hun overkomt. Is het in het begin nog aftastend vriendelijk van beide kanten, de oorlog ontketent zich als een vanzelfsprekendheid. De verhalen over vrije seks, de therapie, de rijkdom, het anders zijn: het strookt niet met de christelijke overtuiging van de mensen die wonen. De angst is groot en omgezet in woede is er geen plek voor begrip. Een kettingreactie is in gang gezet waaruit geen ontsnappen mogelijk is.

En ik heb begrip voor beide partijen. Als je ziet hoe honderd mensen een complete stad uit het niets opbouwen, met een eigen energiecentrale, dammen, watervoorziening, banken, winkels, bedrijven. Een klein wonder. Wat er mogelijk is als mensen ergens in geloven en samen werken. Maar de angst voor deze indringers is begrijpelijk. Een tevreden, begrepen wereld wordt overlopen.

Een aanrader, deze documentaire. het geeft een neutraal beeld van mensen met afwijkende overtuigingen. Ik ben benieuwd naar het vervolg omdat ik gek genoeg niets bewust heb meegekregen van alle schandalen en rechtszaken rondom Bhagwan. Waarschijnlijk omdat ik in mijn eigen oranje bubbel zat.

Gelijkheidsbeginsel. Wie heeft gelijk?

Ik snap het niet.
Wilders riep in 2016 met zijn ‘minder, minder’-uitspraak een golf van verontwaardiging op. Door allerlei procedures aan te spannen, in hoger beroep te gaan, stond hij deze week pas weer in de rechtszaal.

En gebruikte de uitspraak van Pechtold over de Russen (“Ik moet de eerste Rus nog tegenkomen die zijn fouten zelf rechtzet”) om een ander gelijk te halen: het gelijkheidsbeginsel. Voor mij twee totaal andere zaken die los staan van elkaar. In 2016 had Pechtold zijn Russending nog niet gezegd.

'Het wrakingsverzoek van Geert Wilders is toegewezen. De rechters van het Haagse gerechsthof die volgens Wilders de schijn van partijdigheid hebben gewekt, worden van de zaak afgehaald. Dat heeft de wrakingskamer vrijdag bepaald.'
Pechtold versus Wilders

Ik ben geen fan van een van deze heren. Bij de één om wat hij openlijk zegt en ik dat slecht verdragen kan, bij de ander omdat hij openlijk niet open is. Maar ik vind de twee uitspraken niet te vergelijken met elkaar. Ik snap dat de uitspraken los staan van het verloop van de rechtszaak maar er wordt nu wel degelijk uitgegaan van vergelijkbare opmerkingen, van discriminatie van hele bevolkingsgroepen.

Wilders deed zijn ‘minder’-uitspraak als politicus in eigen land, over eigen inwoners die zich daardoor bedreigd en gediscrimineerd voelden. Een man waar veel en vaak op gestemd wordt (werd) en daardoor potentieel gevaarlijk zou kunnen zijn voor bepaalde inwoners van Nederland. Een uitspraak waarvan je vermoedt dat het consequenties heeft.

Ik zou ook bang en boos worden als het over mij zou gaan. Pechtold deed zijn stomme uitspraak in een verhit moment over een bevolkingsgroep in het algemeen die nu niet direct gevolgen heeft voor die bevolkingsgroep. Een uitspraak om vooral zijn eigen hachje te redden en een uitspraak waarmee hij zichzelf vooral belachelijk maakt.

Vrouwen

Als Pechtold zou zeggen dat hij de eerste vrouw nog moet tegenkomen die wel met geld om kan gaan, dan haal ik daar mijn schouders over op. Als hij zou zeggen ‘willen we meer of minder vrouwen in Nederland’ om dan luidkeels ‘minder, minder’ te scanderen, dan is het andere koek.

Blijft ook nog het punt of Wilders mag zeggen ‘minder, minder’ of niet. Dat hij het denkt, daar hebben we gelukkig geen invloed op. Dus mag hij het ook zeggen wat mij betreft. Liever open en bloot dan een heimelijke agenda.
Dan is het daarna aan de mensen die iets anders vinden om hun stem te laten horen.

Every time we say goodbye

Loslaten. Misschien wel een van de moeilijkste dingen in het leven. Tenminste, als je het bewust doet. En er zijn heel veel vormen van loslaten. De één omarm je met een knipoog, de ander duw je van je af.

Deze week heb ik het besluit genomen om te stoppen met het koor. Met ‘mijn’ koor dat natuurlijk helemaal niet mijn koor is, maar wel zo voelt. Vijftien jaar hebben we lief en leed gedeeld. Ik schreef de liedteksten waarin ik ons lief en leed kwijt kon. En het koor zong hun eigen lied, zo voelde dat.

Honderd keer heb ik gedacht aan stoppen om altijd weer door te gaan. Redenen om te stoppen waren net zo talrijk als de redenen om door te gaan. Maar één reden was de belangrijkste: het koor is een wezenlijk onderdeel van mijn leven geworden. Wezenlijk. Een mooi woord met een nog mooiere betekenis.

Waarachtig

Zo omschrijf ik ‘wezenlijk’ het liefst. Waarachtig. Dat iets zo bij je is gaan horen, dat je het bijna niet meer kan scheiden van elkaar. En toch ga ik het doen. En ik weet niet heel goed waarom, alleen dat het tijd is voor, wie zal  het zeggen.

Loyaal

Ik ben loyaal en trouw en hoe mooi dat ook klinkt, het is ook makkelijk. Liever blijf ik ergens inhangen en vind ik manieren om er mee om te gaan, dan dat ik knopen doorhak. Loyaal en bang is een betere omschrijving vrees ik. Twee jaar geleden nam ik afscheid van mijn werk, toch wel een dingetje. Vrijwillig nam ik afscheid van iets dat eigenlijk heel makkelijk ging: geld verdienen. Nog geen dag spijt heb ik al maak ik me wel eens zorgen om de toekomst maar het weegt niet op tegen het gevoel van vrijheid en kunnen kiezen. Met veel dank natuurlijk aan Vriendin die samen met mij deze stap zette.

Vriendschappen

Soms lijkt alles op hetzelfde moment te gebeuren. Zijn er ineens heel veel momenten van dag zeggen. Lijken vriendschappen minder natuurlijk te verlopen, zijn overtuigingen ineens iets minder overtuigend, zijn er standpunten die wijzigen, belangen anders. Ik kijk er vanaf een afstandje naar. Een beetje triest, een beetje blij, een beetje vol verwachting.

Ik ben nog niet weg bij het koor. We treden nog op: 3 juni in De Zoete Aarde in Zoetermeer en dan voor mij het laatste grote optreden in november.

Er is maar één lied dat ik altijd zachtjes mee neurie op dit soort momenten. En ik vond weer een nieuwe kippenveluitvoering.

Messing with my mind

Soms denk ik: dit kan gewoon niet. Kleine dingen, grote dingen. Of het lijkt klein maar uiteindelijk is het dan heel groot. Eng groot.

Ik vrees dat ik het toch nog even over het songfestival moet hebben. En wel het liedje van Engeland. Op het podium stond SuRie met het nummer Storm. Nooit eerder van gehoord. Een liedje waar ik niet warm of koud van werd. Maar toen.

Toen

Toen werd ik vanmorgen wakker met dat nummer in mijn hoofd. Het refrein. Achter elkaar gaat het door. En ik ken het liedje niet. Slechts 1 keer gehoord. Dus… wat hebben ‘ze’ gedaan in dat lied of met dat lied?

Mijn hoofd barst bijna uiteen van alle complottheorieën die je maar bedenken kunt en ik vrees dat ik er heel veel niet bedenken kan. Blijkt het straks helemaal niet meer om creativiteit te gaan maar om bedachte constructies waarop hersenen anticiperen. Worden we beïnvloed terwijl we dat niet willen en het lied in dit geval, het ook niet verdient. Vinden we iets leuk of mooi door manipulatie van hogerop. Zijn we niets meer dan een legertje volgers met de illusie van vrij denken.

Of…

Of, en dat vind ik een fijner idee, bestaan alle liedjes eigenlijk al. Ik heb eerder geschreven dat als ik een lied maak, ik het op het juiste moment uit de lucht moet plukken. Kwestie van timing en gevoel. Raak ik de melodie of tekst op de een of andere manier kwijt, dan weet ik zeker dat het ooit weer langs komt. Wanneer weet ik niet, kan een dag duren, een maand of jaren.
En misschien kunnen meerdere mensen tegelijk wel hetzelfde lied uit de lucht plukken. Dat je even op dezelfde golflengte zit. En moet ik blij zijn dat SuRie eerder was?

De verliezer is…

De verliezer van het Eurovisie songfestival is Waylon. Niet omdat hij achttiende is geworden. Maar om de manier waarop hij lijkt om te moeten gaan met kritiek.

Het is maar het songfestival natuurlijk. Door sommigen vervloekt, door anderen bejubeld als het festijn van het jaar. Vriendin en ik vinden het gewoon leuk om naar te kijken. Om toch de opwinding te voelen als ‘wij’ moeten. Om tegen wil en dank soms, de Nederlandse inzending hoog in te schatten. Niets chauvinistisch is ons vreemd hoewel ik ook wel weet dat het echt helemaal nergens op slaat.

Waylon

Ik vond Waylon altijd wel oké. Goede stem, knappe vent. Hij zou het goed doen daar in Portugal. Koos hij zelf het lied uit en later de act: allemaal goed. Dat is zijn recht. Normaal gesproken als Nederland aan de beurt is heb ik een soort van spanning, opwinding, gaat de televisie harder maar nu? Niets. Eigenlijk deed het me niets om Waylon daar te zien en te horen. Alsof het een deelnemer was van IJsland of Montenegro: het was me om het even.

Mens

Misschien ben ik de enige die dit zo voelde maar voor mij is hij als mens vooral door het ijs gezakt. Door te mekkeren en gekwetst te zijn, door arrogant de pers te woord te staan, door nergens zelf kwetsbaar te zijn. Uitspraken als ‘We verliezen van een vrouw met een baard en van een kip’, vind ik hem onwaardig. De ‘kip’ heeft heel knap gezongen. Haar lied was moeilijk, leuk en bleef hangen.

Waylon gedroeg zich als een kip zonder kop. Het haantje dat op zijn pikkie wordt getrapt. Dat is volgens mij toch niet waarom je meedoet aan een wedstrijd. Dat je als artiest en als mens de verliezer bent.

MOEDERDAG – DAG MOEDER

Op deze Moederdag ging ik op zoek naar een foto van mijn moeder. Om even dag te zeggen. Toen van de week een collega vroeg of mijn moeder nog leefde, antwoordde ik ‘nee’. Deze ‘nee’ is een antwoord dat tekort doet aan de vraag en aan mijn gedachten en gevoelens. Maar het antwoord blijft voor altijd ‘nee’.

Wat vond zij Moederdag belangrijk. En hoewel er jaren waren dat ik met tegenzin op die dag naar het ouderlijke huis ging, ik ging wel. En later, toen het niet meer kon, wenste ik dat ik nog een keer het huis binnen kon wandelen. Dat zij de koffie inschenkt en tegenover mij gaat zitten om te praten.

Praten

En als ik me nu bedenk waarover ik dan zou willen praten weet ik ineens dat dat het niet is. Ik wil niet praten. Ik wil bij haar huilen. Als een kind bij haar moeder die getroost wil worden om niets. Want er is niets, alleen af en toe dat te groot verdriet dat nooit meer een weg vindt naar buiten.

Kistje

Mijn zus maakte een kistje. Een herinneringskistje aan onze ouders. Jaarlijks gaat het kistje van de ene zus naar de andere zussen of broer. Een kistje met foto’s, rijbewijs, trouwkaarten, allerlei documenten, het haarlokje van de tweelingbroer van mijn moeder die als jonge peuter overleed. Het verhaal van het haarlokje dat mijn moeder altijd met groot verdriet deelde.

Soms als ik aan de beurt ben voor het kistje wil ik weigeren. Wat moet ik er mee? Ik stop het kistje in de kast en dat is het. Maar ik betrap me er op dat ik die twee keer dat ik het kistje had, toch minstens één keer het deksel open en dat het dan fijn is dat het er is.

De moederdagen zonder mijn moeder zijn betekenisvoller geworden. En het is ook goed dat ik fysiek niet meer langs kan gaan want ik ga toch wel langs. In mijn hoofd en hart. Zonder cadeautje, waar ze toch nooit echt blij van werd.
Ze wilde ons. Het was haar dag. En met terugwerkende kracht begrijp ik dat heel goed.
Het was alles wat ze had. Misschien kan ik haar nu troosten?

Bucketlist

Je hebt veel programma’s over de dood op televisie. Of er gaan gewoon mensen dood die niet dood hadden mogen gaan. Dan wordt er gesproken over een bucketlist. Om de reis van je leven te maken of andere fantastisch, adembenemende dingen te doen. Ik heb geen bucketlist.

In het programma De reis van je leven, maken mensen die ongeneeslijk ziek zijn, prachtige reizen met vrienden. Het is mooi om naar te kijken, hartverwarmend triest ook. Het meisje dat veel te jong is en dood zal gaan, kan veel dingen van haar lijstje strepen.
Renate Dorrestein, die deze week overleed, had geen bucketlist. ‘Ik heb altijd gedaan wat ik wilde’.

Onbereikbare doelen

Vriendin en ik spraken er over. Wat zou jij nog willen doen? En beiden wisten we het niet. Ik heb geen bucketlist van bereikbare doelen en ik ben van mening dat als er iets op je bucketlist staat, het in principe haalbaar moet zijn.

Mijn bucketlist bestaat wel maar er staan dingen op die niet zomaar te regelen zijn of te koop zijn.
Neem zoiets als echt heel mooi zijn en nog leuk ook. Gisteren bij Pauw zaten twee stralende meiden lesbisch te zijn. Ze hebben een eigen Youtube-kanaal ‘Ik vrouw van jou’. De hele tafel was onder de indruk. De meiden vonden het heel raar dat tegen hen gezegd wordt: ‘Jullie lesbisch? Dat had ik nou nooit verwacht’. De tafel knikt, want ja, zo zit de wereld in elkaar. Het trieste is dat het als een groot compliment bedoeld is. Als je niet verwacht dat iemand lesbisch is dan zeg je eigenlijk dat iemand te leuk, te mooi, te normaal is.

Het grootste compliment dat ik ooit kreeg was: ‘van jou weet ik het niet, het zou allebei kunnen’. Heel stiekem vind ik dat echt een compliment. Trouwens, ik heb geen kort haar omdat ik lesbisch ben. Ik heb kort haar omdat ik klote haar heb.
Dat zou zomaar nummer twee op mijn lijstje kunnen zijn: een weelderige haardos waar je van alles mee kan.
Nummer drie zou dan moeten zijn dat ik ook zo handig ben dat ik er van alles mee kan of 4) je helemaal niet handig hoeft te zijn omdat je haar altijd goed zit en goed staat.

Scoren

Mijn bucketlist staat vol met wat ik eigenlijk ‘scoren’ zou willen noemen. Scoren in de liefde (heb ik), scoren in rijkdom (heb ik), scoren in vriendschap (doe ik).
Maar ik heb nog wel wat wensen…
Zo zou ik graag geretweet worden omdat ik het meest grappige heb gezegd en dus gedacht, dat ooit verzonnen is.
En dan niet omdat ik dood ga.
Of dat mijn blog plotseling nog meer gelezen en gewaardeerd wordt.
Dat mijn moeder er weer is.
Dat ik een lied schrijf dat door iedereen gezongen wordt.
Dat ik had geweten of ik een goede moeder was geweest.
Dat de gedichten uit mijn pen stromen.

Maar het hoogst op mijn bucketlist staat dat ik het vermogen zou willen hebben om overal en altijd mezelf te zijn. Zonder bezwaren, zonder schuld. Tevreden en blij. Mijn top reis zou niet naar ergens buiten zijn maar naar ergens binnen.
En ik geloof dat ik dat nog enger vindt dan vliegen.