Ik ga weer gladstrijken

Jaloers was ik als ik zus en schoonzus hoorden zeggen: ‘strijken, wat is dat? Ik strijk nooit meer iets’. Hoe dan, dacht ik als ik naar mijn mand met verkreukelde inhoud keek. Oké, het helpt niet als je je net gewassen goed een maand of zo laat liggen in de propvolle mand.

Dus na onze verhuizing naar een kleiner huis zonder een hele etage waar wasgoed ongemerkt kon blijven liggen nam ik me voor om het net zo aan te pakken als de strijklozen. Direct na het wassen, drogen en vouwen! En wonderwel, heel af en toe pak ik het strijkijzer nog vast maar veel vaker staat het ding werkloos te staan op de plank. De methode werkt.

Mantelzorger

Deze weken ben ik een soort van mantelzorger bij zus en zwager. Deze zus hoort ook nog bij het ouderwetse legioen van ‘strijkers’ en ik ben haar graag van dienst. Dus loop ik de twee trappen op naar boven waar de overhemden nog keurig aan het lijntje hangen. De strijkplank staat uitnodigend klaar en het zonnetje schijnt naar binnen. Na een minuut of wat sta ik volledig zen vouwen uit overhemden te strijken. Ik denk niet, ik doe niet, ik strijk.
Strijken is mediteren voor de huisman of -vrouw. Als je niet vergeet het strijkijzer af en toe te verplaatsen kun je gedachteloos naar binnen treden en in je stille wereld verblijven.

Een aai aan de ziel

Ik voel me tevreden. Het is stil in mij en in mijn hoofd. Mijn handen strijken vouwen glad alsof mijn problemen ook even gladgestreken worden. Het fijne van kreukels is dat ze van tijdelijke aard zijn mits je ze niet te lang laat bestaan. Ik besef dat kreukels, welke dan ook, niet erg zijn. Met liefde, aandacht en toewijding zijn ze glad te strijken. De ziel aaien lijkt het wel.

Als ik naar de gang loop om het volgende hemd van de lijn te pakken realiseer ik me dat er niets meer hangt. Jammer.

 

Laat een reactie achter