CategorieMedia (o.a. televisie)

Om wat verloren is

In een soort van marathon bijna alle afleveringen bekeken van Break Free. De documentaire die gemaakt is over vijf jongeren die in de MH17 vlogen op die fatale dag.

Elke aflevering laat het leven zien van een jongere, op het punt een verre reis te maken. Voor ontspanning, ontsnapping, ontlading. Je ziet ze nog één keer vrolijk zwaaiend. Na die laatste foto worden ze nooit meer gezien. Nergens meer. Weg.
Vrienden en familieleden maken samen de reis, die zo abrupt werd afgebroken, af.

Elk leven is de moeite waard maar op de een of andere manier zien we vijf jongeren die lijken te leven alsof ze wisten er alles uit te moeten halen. Wat een verhalen? Wat een levenslustige mensen.

Intens

De beelden komen binnen, intens en ontzettend verdrietig. De ouders, de broers en zussen, de vrienden, de achterblijvers. De verslagenheid is er nog steeds. Als buitenstaander kan je je alleen maar een voorstelling maken van het leed dat op die dag in vele gezinnen naar binnen is geslagen. Van daarvoor naar daarna. De ouders van een docent die omkwam geven aan twee vrienden de rugzak van hun zoon mee. De rugzak is het enige dat teruggevonden is van zijn leven. Voor de twee vrienden voelt de rugzak als ballast. Te zwaar van het verdriet van de ouders dat zij met zich meezeulen. Ze nemen twee grote keien mee terug in de rugzak. En later, in Nederland, gaan ze met de ouders naar het strand om de rugzak te legen, te ontdoen van de zwaarte. Vader gooit met een ferme zwaai een kei terug de zee in. Een ontroerend beeld. De vader zegt dat hij zich nu pas realiseert dat zijn zoon een geweldig leven heeft gehad. Hoe waardevol is het om dat te kunnen zeggen?

Pak nu maar mijn hand

Schreef ik gisteren over het ‘boze’ journaal, nog geen twee uur later kwam het bericht van de schietpartij in een tram in Utrecht. Drie doden, zwaargewonden en een land dat achter de ramen van een veilig thuis, huilt.

Ik denk alleen maar: ‘je zal toch net die ene zijn…’, ‘je zal als ouders horen dat jouw dochter is doodgeschoten, jouw man is neergeknald’. Doodgeschoten. In Nederland, in Utrecht, in een tram nota bene.

Terroristisch of gewoon gek?

Het lijkt en is misschien ook wel een belangrijke vraag. Handelde de dader uit terroristische overwegingen of anders? Waarbij ‘anders’ minder erg lijkt te zijn. En voor de gekte in ons eigen hoofd is het antwoord belangrijk maar voor nabestaanden een idiote vraag. Dood is dood. Maar de gekte in ons hoofd, daar zijn we zelf verantwoordelijk voor. Waarom zou het ene motief zoveel erger zijn dan het andere? Tegen een ‘gewone gek’ kunnen we ons wapenen met algemeenheden als toeval, pech. We kunnen ons vermannen. Maar tegen een terroristische aanslag kunnen we complotten bedenken, mensen wegzetten als een soort dat niet te redden is, wij’en en zij’en waarbij ‘wij’ altijd beter is. Ik zie dat niet.

Politiek en dood

Natuurlijk besluiten alle politieke partijen om de verkiezingscampagne af te lassen. Wat zullen we elkaar de loef proberen af te steken met weliswaar belangrijke issues maar toch niet als het om leven en dood gaat. Forum van Democratie beslist anders. ‘We moeten nu juist samen zijn’, zegt Baudet, die zijn feestje in het Kurhaus volzet met zijn volgelingen. Het zal geen invloed hebben op het stemgedrag want juist de keuze van Baudet om door te gaan zal door zijn kiezers als dapper en stoer worden gezien. Punten scoren.

Theootje Hiddema

Theo Hiddema toonde de kleinheid helder…’Ik heb me drie weken lang van hot naar her begeven, we kwamen in bomvolle zalen, de flow was geweldig en dan zal je potdomme door iets waar wij niets mee te maken hebben gestopt worden? Dan word ik boos…’

Als een jengelig kind dat zich verheugd heeft op zijn verjaardag en alle cadeautjes maar door het overlijden van de moeder even een stapje terug moet doen.

Moe en verdrietig

Ik word er moe en verdrietig van. Ook van andere politici, waarom punten scoren met iets wat gewoon zou moeten zijn. Ik zou mijn hand uit willen steken aan iedereen die zoekend is maar ik zou ook een hand willen pakken omdat ik zelf zoekend ben.

Hé Google, zing iets liefs

Broer en ik hebben iets gemeen. Wij houden van gadgets, dingetjes voor de leuk op technisch gebied. Ben ik wat ingesukkeld op dat gebied, broer niet. In zijn huis maakt Google de dienst uit.

Broer laat zien en horen hoe je contact maakt met Google. De juiste formulering is belangrijk. Mijn broer heeft een luide stem. Als hij Google aanroept, roept hij de wereld aan. Probeer dan maar eens te weigeren. Ik kwam er gisteren achter dat de Google speaker ook reageert op gefluister. Hoera. Zal Broer dat weten?

Doe de lichten aan

Vanmorgen, net wakker, loop ik nog halfslapend de woonkamer binnen. Ik ben geen ochtendprater. Ik doe zwijgend mijn ding. En natuurlijk kan ik ook gewoon een knopje indrukken maar alleen maar omdat het kan roep ik Google aan met een chagrijnige stem. Het maakt hem of haar niet uit. De lichten gaan aan. Op mijn verzoek om koffie, kwam niets. Maar het is wel fantastisch wat er allemaal kan. Zin en onzin maar beiden leuk. Wil je iets weten, vraag het aan Google. Zou je het ding ook een eigen naam kunnen geven… ‘Moppie, doe de lichten aan’, ‘hé klootzak, zet alles uit’.

Vanmorgen knipperden de lichten. Spooky. Broer houdt op duizenden kilometers afstand de controle. Met een appje, internet, stem, commando’s. Wat een mogelijkheden biedt dat.

Net gevraagd of Google de hond uitlaat. Er werd heel hard gelachen.

Geen digibeet maar digieet

Ik ga, nee, ik moet met de billen bloot. Iets bekennen om daardoor een verandering teweeg te brengen. Het gaat over tijd die in rook opgaat.

Bij toeval swipe ik iets op mijn Iphone en kom in een wereld terecht die ik nog niet kende. Er staat ‘uw schermtijd’.
Geloof me, het heeft niets met sporten te maken. Er staat precies hoeveel tijd ik gemiddeld op mijn Iphone-scherm bezig ben. Daar wordt iedereen stil van, ik heb het ook even voor mezelf gehouden. Ik ga ook niet zeggen hoeveel tijd maar in de helft er van kan ik een boek lezen of een film bekijken. In de hele gemiddelde schermtijd per dag vlieg ik makkelijk naar mijn favoriete vakantieland. Oei.

Zonde of niet

Toch heb ik niet het gevoel nutteloze dingen te doen. Mijn ochtend begint met het lezen van bijna al het nieuws dat online te vinden is. Dan volg ik de laatste tweets, bekijk facebook, belandt soms van het een in het ander en begin aan mijn dag. Gelukkig sta ik altijd veel te vroeg op dus waar een ander slaapt, ‘scherm’ ik.

Neemt niet weg dat ik regelmatig denk als ik mijn schrijfgroep hoor praten over boeken die zij lezen: ‘waar halen zij de tijd vandaan?”. Nou, daar dus.

Schermtijden

En, laat ik maar helemaal eerlijk zijn, we hebben het alleen maar over de schermtijd op mijn Iphone. Mijn Ipad gebruik ik weer voor hele andere dingen. Het scherm waar ik nu achter of voor zit, en ook met ‘I’ te maken heeft, krijgt het meeste van mijn tijd en dan noem ik het werk. Ik ben geen digibeet maar een digieet. Ik digieet alles en kom nog tijd te kort om alles tot me te kunnen nemen. En dan hebben we ook nog de ouderwetse televisie.

Ik kwam meer handige opties tegen op die plotseling gevonden pagina. Naast ‘schermtijd’ zag ik ook opties op ‘schermloze tijd’ aan te geven. Ik ga iets voornemen. Mijn schermtijd op de telefoon gaat omlaag. Ik ga halveren. En in die halve tijd die overblijft ga ik hele boeken lezen. Of hele gedichten schrijven. Of hele maal niets.

Koudwatervrees bij boeren

Och, och, och. Die boeren toch. En dan vooral Marnix met zijn Janneke en boer Jaap en Marian. Wat een gepieker en gestuntel. Komen er plotseling achter dat het geen spel is, niet zomaar voor de leuk. Dat er misschien een leven komt na de laatste uitzending. En willen ze dat wel, een leven samen?

Stel, ik ben Janneke. Een vrolijke, goedlachse, positieve vrouw met pit. En ik val op de ondeugende ogen van Marnix. Maar kom er dan achter dat zijn gesprekken alleen maar gevuld zijn met slechte clichés en metaforen waar de honden en boeren geen brood van lusten…

Marnix en Janneke

“de vraag is, ga je stroomopwaarts of stroomafwaarts”
“kies je ervoor om te zwemmen of te watertrappelen”
“Poeh hé, zou Bobbie zeggen”

Stel ik ben Janneke en vergeet die ogen eventjes, dan zie ik een boer die geen man wil worden. Die zichzelf opsluit in de slachtofferrol van geofferd lam. Dan zou ik echt niet gaan knuffelen met het lam en hem schouderklapjes geven, dat het beter is zo, dan maar vrienden… Ik zou stoer weglopen, handen in mijn zakken en even nonchalant, zonder me om te draaien mijn hand en vinger opheffen. Dag Marnix, nix.

Jaap en Marian

Verliefd zijn ze, Jaap en Marian. Kusje hier, kusje daar. Kopen dezelfde truien in maatje xxl. Een relatie moet groeien natuurlijk. Zij is leuk, hij is ook wel leuk. En na al het geklef en gekleef deelt hij haar mee dat ze niet te snel van stapel moeten lopen. Achter haar rug om zegt hij tegen de camera dat ze niet ineens volgende week met haar koffer bij hem voor de deur moet staan…’stel je voor’, hakkelt hij.

Zegt de man die in het begin heel duidelijk maakte dat dat precies was wat hij wilde. Geen gelat, geen gemaar maar kiezen voor elkaar. Ze zitten naast elkaar en terwijl zij zich bijna verslikt in de wijn pakt hij haar liefdevol bij de kin en zegt (vier keer): “Ik twijfel helemaal niet hoor, maar we moeten wel met beide voeten op de grond blijven. Hier is alles heel mooi en romantisch maar thuis…, maar ik twijfel niet aan jou hoor”.

Van het potje en dekseltje

Dat op elk potje een dekseltje past bewijzen Steffi en Roel. Die zitten van de ochtend tot de nacht op het stenen muurtje, hun benen bengelen in harmonie. Zij zegt “ik vind jou leuk” en hij zegt “ik jou ook”. Geen spannende televisie maar de eerlijke eenvoud van liefde spat van het scherm.
Over Wim en Marit ben ik niet zeker. Een leuk stel om te zien. Maar Wim veinst diepgang waar die niet is, vrees ik. En daar komt zij natuurlijk achter. Want hij houdt niet van hiken, van bergbeklimmen, van reizen naar het onbekende. En als zij uitgehiked is op hem, wat dan?

Oh en dan Michelle en Maarten. Zij lacht net iets te veel haar pijn weg. Bitched hem alle kanten van de kwekerij op en eist op een meisjesachtige manier zijn aandacht op. Een dame die met haar op d’r tanden een bedrijf leidt maar in de liefde hopeloos klein is gebleven. Over Maarten maak ik me geen zorgen. Die weet precies tot hoever hij zich gek laat maken en dat is, vermoed ik zomaar, niet zo heel ver.

Volgende week zien we wat er overgebleven is van alle liefdes. Of was het toch allemaal boerenbedrog?

 

 

 

Rutte ‘in the house’

Gisteravond was minister-president Mark Rutte te gast in Bibliotheek Schilderswijk. Ik schrijf het zo formeel, met zijn functie erbij, omdat ik me nog meer realiseer hoe bijzonder het is. Dat een minister-president te gast is in een bibliotheek.

Kort daarvoor had ik de organisator gevraagd of hij trots was dat hij dit voor elkaar had gekregen. Zijn antwoord was mooi. ‘Trots? Ik ben trots dat dit kan in Nederland. In sommige landen is dit ondenkbaar. Daar ben ik trots op.’

Vitaliteit

Het is druk in de bibliotheek. Vooral Schilderwijkers zijn gevraagd te komen om in gesprek te gaan met Rutte. Er zijn ook veel jongeren aanwezig en heel veel pers. Vriendin en ik hadden ons afgevraagd hoe het zou zijn met de beveiliging. Mochten we zomaar naar binnen, moest je jezelf identificeren? Gek genoeg verliep dat proces ook best eenvoudig.
Een mengeling van mensen met verschillende culturen en achtergronden, waar ik blij van word. Dan komt Rutte gewoon binnengewandeld en het eerste dat ik zie is een brede, warme lach. Hij begroet en omhelst links en rechts mensen en valt vooral op door zijn hartelijkheid en vitaliteit. Hij is niet van mijn partij maar wat een positiviteit straalt hij uit. Oprecht en hartverwarmend.

Respect

Ik krijg steeds meer respect voor hem. Want hoe goed je zo’n avond ook voorbereid, er komen vragen naar voren die er niet thuis horen. ‘Wat vindt u er van dat de Hoefkade wordt afgesloten’, ‘Kan ik kwijtschelding krijgen van mijn lening’ en ‘mijn zoon heeft geen huis’.

Maar ook vragen als – ‘Waarom zijn de lagere scholen in onze wijk niet veel meer gemengd’, ‘hoe kunnen we zorgen dan onze jongeren blijven geloven in een mooie toekomst’ en ‘hoe houdt u de balans in dit drukke leven?’

Een Hindoestaanse mijnheer vraagt het woord. ‘Weet u dat het vandaag een bijzondere Hindoestaanse feestdag is? Hindoestanen hadden ook graag hier willen zijn maar niemand van de organisatie heeft er over nagedacht, dat dit geen goede dag is voor zo’n bijeenkomst. Wij voelen ons gediscrimineerd.’

Het valt even stil. Je organiseert ook niet op eerste kerstdag een bijeenkomst. Punt gemaakt. Maar met 150 nationaliteiten is er altijd wel een feestdag, grapt Rutte. Hij belooft om speciaal voor deze groep een nieuwe afspraak te maken en spreekt de hoop uit dat niet alle nationaliteiten nu aan zijn deur gaan kloppen. Mooi opgelost.

Schilderswijk

Wat opvalt deze avond is de manier waarop er gesproken wordt over de Schilderswijk. Met zoveel liefde en betrokkenheid dat het ontroerend is. Dat je denkt, ik wil ook in zo’n wijk wonen met mensen die om elkaar geven, die echt samen iets doen. Die trots zijn en helemaal niet weg willen uit ‘hun’ wijk.

Niet alleen Rutte heeft indruk gemaakt. Ook de vele vriendelijke mensen die in deze wijk wonen, werken en leven.

Dichter bij de dood – Jean Louis Pisuisse

Foto’s van Jean Louis Pisuisse: het begin, het midden, het einde. Voor de viering van Dichter bij de dood, Allerzielen, op begraafplaats Oud Eik en Duinen, mochten de dichters een bekende overleden kunstenaar ‘adopteren’. Ik koos direct voor Jean Louis Pisuisse. De naam zelf is al een plaatje.

Een dame van tachtig die bij mij komt luisteren zegt: ‘Pisuisse, daar ben ik mee opgegroeid. Mijn ouders hadden het altijd over hem’.
Ik ben jonger maar de naam Pisuisse was mij ook zeer bekend. Als kind voelde ik me al bijzonder aangetrokken tot theater en cabaret. Zo verzamelde ik langspeelplaten met liedjes van lang geleden. Die liefde voor cabaret heb ik ongetwijfeld meegekregen van mijn moeder. Door haar leerde ik Toon Hermans, Wim Sonneveld, Wim Kan, Fons Jansen en Henk Elsink kennen. Zet bij ons een lied in van één van hen uit die tijd en wij, zussen, zingen het woordelijk mee.

Jean Louis Pisuisse

Tijdens Dichter bij de dood, vertelden de dichters over de artiest, lieten iets uit het werk horen en lazen tenslotte een eigen gedicht voor over de dood. ‘Mensch, durf te leven’ is zo’n bekend lied, vertolkt door Pisuisse. Hoe hij aan zijn einde is gekomen wist ik niet maar is het vertellen meer dan waard. Hij trouwde een meisje uit het cabaretgezelschap en scheidde daarom van Fie Carelse, een groot actrice in die tijd. Jenny, zijn nieuwe liefde, had natuurlijk eerdere liefdes gekend. Haar minnaar Tjakko Kuiper, was ook lid van het theatergezelschap. Tjakko kon het niet verkroppen dat zijn Jenny de relatie verbrak. Op 26 november 1927 schoot hij op het Rembrandtplein in Amsterdam zowel het echtpaar Pisuisse als zichzelf neer. Allen overleden.
Hoe theatraal wil je het hebben?

Grafrechten

Fie Carelsen, de tweede vrouw van Pisuisse, is oud geworden. Zij overleed in 1975, 48 jaar later dan Pisuisse. Hoe groot haar liefde voor hem was blijkt uit het feit dat zij in 1970 het eigendomsrecht verwierf van het graf van Jean-Louis Pisuisse en in haar testament liet opnemen dat ze in zijn graf wenste te worden bijgezet. Dat gebeurde ook na haar overlijden in 1975. Op Oud Eik en Duinen liggen dus naast elkaar Jenny en Jean Louis. In het graf van Jean Louis ligt ook Fie Carelsen. Een zoete wraak, zo’n vijftig jaar na dato.

Life is a cabaret.

De zeven zussen van Hill House

Ik heb niets met Haloween. Kijk met verbazing naar versierde huizen en spinnenwebben die aan deuren worden gehangen. Zie compleet verbouwde woningen waarbinnen zich, nu eens in het licht, duistere zaken afspelen.
Maar toch had ik mijn eigen Haloween.

Wat ik echt nog nooit heb ervaren is dat een afzonderlijk boek en serie zo veel op elkaar lijken dat de verhaallijnen door elkaar gaan lopen. In mijn hoofd dan. Dat maakt van een compleet onschuldig boek, een horrorleeservaring.

Serie en boek

De serie ‘ The Haunting of Hill House’ zie ik aangeraden worden door mensen die zeggen: ‘ook al houd je niet van ‘horror’, dit moet je zien’. Het gekke is, dat er in het begin van de serie niets gebeurt maar ik toch met een draaiende maag zit te kijken. Hoe dan? Geen muziek, stilte, filmische beelden van een groot en somber huis.
De boeken ‘De zeven zussen’ van Lucinda Riley download ik op goed geluk om er daarna achter te komen dat het een hit is. Geen diepzinnigheid maar vlot geschreven en uitnodigend om verder te lezen.

Verhaallijnen

De verhalen gaan over grote families. In Hill House een gezin met zo’n stuk of zes kinderen, in De zeven zussen zes zussen. Waarom er geen nummer zeven is, moet ik nog achter komen. In serie en in de film is er een groot huis, ver af van de bewoonde wereld. In Hill House een krakend en zuchtend kasteelachtige woning, in de Zeven Zussen een prachtig gelegen villa in een idyllische omgeving. Maar allebei groot en onbereikbaar.

Terwijl ik in de tram aan het lezen ben, blader ik terug want de vader was toch niet dood? Als ik een gewone passage lees over een vrouw die naar haar eigen souterrain gaat, houd ik mijn hart vast. Wat staat haar nu toch weer te wachten.

Dit is echt Mindfuck. Het maakt beide, kijk- en leeservaringen, nog specialer. Hopelijk vraagt niemand mij ooit waar de Zeven zussen over gaat. Net als vroeger, omdat ik zo snel lees, krijg ik dan te horen: ‘Jij hebt dat boek helemaal niet gelezen’. Alleen deze keer heeft iedereen gelijk. Ik lees een heel ander boek.

 

Boer zoekt, maar ik vind het niet

Vriendin heeft een niet eens heimelijke liefde voor Boer zoekt vrouw. En ik heb de laatste jaren ook vaker gekeken dan daarvoor. Eerlijk is eerlijk, vooral om er over te kunnen schrijven. Maar ik heb er nog geen letter aan besteed. Waarom? Er gebeurt niets.

Ik moest de site van BZV er even bij halen voor de namen van de boeren (M/V). Je hebt Marnix. Boer. Echt een boer. Wel een leuke kop maar zijn oneliners zijn tenenkrommend slecht. Grof en onbehouwen. Dat er waarschijnlijk een klein hartje inzit, wil ik best geloven. Wanneer gaan de vrouwen zelf eens denken: ‘wat doe ik hier met deze mijnheer Boer?’

Jaap is oké. En daarom al niet leuk om over te schrijven. Ook zijn dames zijn leuk. Het meest verrassende dat kan gebeuren is dat deze sympathieke man stiekem al getrouwd blijkt.

Wim. Wim werd het leukste jongetje van de klas genoemd. En terecht. Een leuke kop, leuke krullen, leuke kuiltjes in de wang. Maar wat zit er nog meer onder die kuiltjes? De gesprekken die hij met zijn vrouwen voert gaan over niets en dat houdt hij rustig een dag vol. En maar lachen. Een van zijn vrouwen mist diepgang. Flirten is een woord dat hij niet kent. Hij wil genomen worden. Dat zou wel weer leuke televisie opleveren.

Dan hebben we boerin Michelle. Een doortastende, best leuke verschijning. Maar een BoerenBitch. Ze commandeert de leuke jongens als konijnen in een hoed. Ze mogen er pas uit als zij het zegt. ‘Doe dit, doe dat, doe slimmer, doe sneller, doe meer, minder, beter, harder, zachter. De mannen kruipen nog net niet door de champignons maar dat kan zomaar gaan gebeuren.

Steffi. Steffi is Steffi. Geen woord teveel. Een lief, puur mens. Onhandig met haar lijf, onwetend van haar schoonheid. Eerlijke blosjes en oprecht verrast dat zij mannen kan bekoren. Ze heeft aandacht voor haar aardige jongens. Haar mannen zijn jongens, onzeker, onhandig maar flirten als de beste. ‘Ik heb geen cadeau voor jullie’, zegt Steffi. ‘Dat hoeft niet, jij bent er, dat is alles’. Hoe lief.

Ik kan het bijna niet zien als er iemand wordt weggestuurd. Zo pijnlijk en oneerlijk soms. Signalen blijken verkeerd begrepen of verkeerd uitgestraald. Ik wacht op het moment dat de drie vrouwen bij een boer die ze echt niet verdient, voor zijn keuzemoment opstaan en zeggen: ‘Je bent net iets teveel boer. We gaan’.

Een hack in een hack in een hack


Tjonge. Wat een verhaal. Nederland was een keer met een succesverhaal in het nieuws. De Amerikanen, de Engelsen, Duitsers, zelfs de Russen spraken er over. Bij een spectaculaire operatie van onze eigen geheime dienst werden vier Russische spionnen ontmaskerd en het land uitgezet.

De hele avond volg ik het nieuws. Net als actualiteitenrubrieken van ons land. Wat vooral opvalt is de knulligheid van de operatie. Sowieso vind ik vier grote mannen in één auto al verdacht. Maar we zien beelden van een rommelige achterbak met apparatuur, veel oude telefoons, draden, accu’s en afval.

Is dit weer een grap van Lubach?

Ik kan er niets aan doen. Omdat het Nederland is? Omdat de persconferentie bijna een persiflage lijkt? Maar ik vermoed zomaar een grap van Lubach. Ik houd niet van Lubach dus dan zou het een slechte grap zijn.

Te makkelijk

Het lijkt allemaal te makkelijk te gaan. De heren worden opgehaald door iemand van de Russische ambassade. Wil je als hacker niet met minder tamtam het land binnenkomen? Ze hebben paspoorten met opeenlopende nummers. Er staan kiekjes op de telefoons die nog ander onheil voorspellen. Een taxibonnetje en treintickets naar een volgend land. Ik kom terug op mijn eerdere opmerking: het zou toch een goede grap zijn. Van Lubach. Met slechte acteurs. Ik miste alleen het dansje van Theresa May hierbij.

Rusland

In Rusland behandelen ze het zeker als een grote grap. We zien hoe de spot wordt gedreven met het hackersverhaal. Ik droomde vannacht hoe het echt zit. Ze hebben gewoon vier Russische mannen met een hackersverleden op pad gestuurd als een grote afleidingsmanoeuvre voor ‘the real thing’. Wat dat echte ding is, dat weten we nog niet natuurlijk. Die klap komt nog. Maar terwijl Europese leiders elkaar op de rug slaan vindt elders de grootste hack aller tijden plaats. Door vrouwen die er uit zien als Russische spionnen.

Of zijn dingen soms gewoon zo dom en stom dat het wel waar moet zijn? Diep in mijn hart hoop ik dat het zo is.
En dat ‘we’ werkelijk in staat zijn om tegenstand te bieden.