Uggelig


We hebben het weer eens over het weer. Hoe warm, hoe bijzonder. We puffen in oktober van de warmte. Trekken jassen toch maar uit. Mijn lichaam werkt alleen niet mee. Die staat in herfststand.

Ik voel me uggelig.
Dat gevoel dat je verlangt naar andere warmte. Naar samen, naar kaarsjes aan, naar open haard en rode wijn. Als in de lente de eerste zonnestralen het land doen oplichten, licht mijn hart ook een beetje op. Het cadeautje van boven doet wonderen voor hart en ziel. Maar het is wel een keertje klaar, ja!

Wintermens

Ik ben geen wintermens. Sneeuwpret is niet aan mij besteed. Buitenzijn is geen feestje. Maar binnenzijn omdat ik niet buiten wil zijn, wel. Ik verlang er voorzichtig naar. Naar gordijnen dicht, naar afzonderen, naar in het donker filosoferen over het leven en de liefde, over al die binnenzaken die in de zomer maar moeilijk op gang komen. De zomer is onze buitenkant, de winter onze binnenkant.

Andere zon

De zon is ook anders deze dagen, al bijna afwezig, hij schijnt nog wel maar het gaat niet meer van harte. De ligstoel heeft zijn beste tijd gehad, die zal mij nog maar even kunnen dragen. De tuin weet ook van geen ophouden. Overal springen weer grassprietjes omhoog, denken rozen het nog eens over te kunnen doen maar ze komen van een koude kermis terug.

Seizoenen

Die seizoenen van ons. Altijd wat te zeiken. Te lang, te kort, te koud, te warm, te winderig, te nikserig. Maar de seizoenen doen meer dan het weer in vieren delen. Ze zorgen ook dat wij ons terug kunnen trekken om straks weer met alle energie naar buiten te treden.

Ik doe vandaag mijn uggs aan. Het belooft 26 graden te worden, deze dertiende oktober. Ik daag ze uit. Al die zesentwintig graden.

 

Dat schept een band

We hebben een prijs gewonnen in de Postcodeloterij. We ontvangen een Willem&Dreespakket. Gisteravond was het zover. De postbode belt aan en feliciteert ons.

Vriendin komt binnen met een grote, zware doos. Hoe bijzonder toch dat een pakket waarvan de inhoud onbekend is, mensen die alles kunnen kopen, blij kan maken. Het is het idee van een ‘cadeau’, ‘verrassing’. De dichte doos is vaker mooier dan de geopende doos want het kan immers nog alles bevatten.

Eten

De doos is afgeladen met groenteproducten waarvan ik de meesten wel ken maar waarvan er toch ook enkele exemplaren bij zitten die me nieuwsgierig maken. Compleet met een receptenboekje voor vier maaltijden slaken we verrukte kreetjes. Alsof we nog nooit zoete aardappelen hebben gezien. Een kerstpakket voor doordeweeks. Zo voelt het.

Samen eten

Als ik ‘s avonds, nog steeds vol van het leuke cadeau, de dichtgroep vertel over onze ‘prijs’, zegt iemand: ‘dus de hele wijk eet morgen pompoensoep’. Dat was nog niet tot mij doorgedrongen. Niet alleen wij maar al onze buren in een omtrek van pakweg één kilometer, zitten wel of niet met hun handen in de haren met het verse groentepakket.

Ik kan niet wachten om te gaan koken maar ik stel me zo voor dat in andere huizen misprijzend de artikelen op tafel worden gelegd. Naast de preien, de nootjes, het meel, de kromgegroeide paddenstoelen, de Chinese kool, wordt er koortsachtig gezocht naar chocola, chips, flessen wijn en zakjes gele beren.

Ik durf het me niet af te vragen maar vrees dat veel artikelen zomaar eens elders terecht kunnen komen.

Kerstpakket

Over kerstpakketten gesproken. Zo’n doos met gezond en goed zou toch een veel beter kerstpakket opleveren dan dat wat we doorgaans ontvangen. Goed voor het milieu, goed voor de buik, goed voor de boeren. Dus heel Nederland een gratis Willem&Dreespakket en wie het niet wil levert het af bij de voedselbank.

Maar morgen eerst met de buren aan één lange tafel genieten van de pasta en het zuurdesembrood.
De wijn neem ik zelf wel mee.

Herinnermoment

Gisteren was de laatste grote herdenking van het ongeluk in Oss, waarbij vier kinderen om het leven kwamen. ‘We moeten verder’. En dat moeten we ook. Zij die verder kunnen.

Ik zag een interview met de ouders van twee omgekomen jongeren bij de ramp met de MH17. Of het helpt, de nationale rouw? Ze zijn stil. Ze kijken elkaar aan want het is lief bedoeld allemaal. ‘Maar’, zegt de man, ‘niemand kan zich voorstellen hoe het werkelijk is als je het niet hebt meegemaakt’. En hij heeft natuurlijk gelijk. Zij vertelden wat hen werkelijk hielp tot op de dag van vandaag. Dat was de warmte, steun en gesprekken met familie en vrienden. Dierbaren om je heen, een warm bad van zorg en liefde.

Als wij zeggen ‘we moeten verder’ ben ik altijd bang om het te vergeten. In de waan van de dag, in de onbelangrijke momenten die ons leven weer zullen beheersen. Zelfs bij mensen dicht om ons heen vergeten we wel eens de pijn en de zorg die mensen nodig blijven hebben. Daarom maak ik herinnermomenten. Voor mezelf. Om niet te vergeten.

Een eerdere versie van dit gedicht publiceerde ik kort na het ongeluk. Iets herschreven. Herinnermoment.

Verrassend avondje uit


Een onverwacht avondje uit als we getrakteerd worden door Zus en Zwager. Bijna traditiegetrouw beginnen we de avond bij café Voorhout op de Denneweg. Als ik er in de buurt zou wonen, zou dat mijn stamkroeg worden. Gewoon gezellig, dat zegt genoeg en zegt alles. En dan in de ambiance van deze prachtige buurt, meer hebben we niet nodig.

Het is nog rustig als we een wijntje bestellen. Maar als we vertrekken om naar het restaurant te gaan zijn alle stoelen en krukken bezet. Zwager rekent af om oog in oog te staan met zijn zus en zwager. Op nog geen meter van elkaar hebben we samen ‘apart’ geproost. De hilariteit in het café is groot als we elkaar lachend en met verbazing begroeten.

Lichtjes

Zwager wil eten in het leuke straatje waar buiten de lichtjes op de grond ons leiden naar restaurant Allard. We worden hartelijk begroet met de boodschap dat de elektriciteit is uitgevallen maar dat er met man en macht wordt gewerkt om alles voor elkaar te krijgen. ‘We kunnen jullie natuurlijk wel alvast een heerlijk voorgerecht serveren’. Zwager, nog in de ban van de Pinot Grigio bestelt een fles zonder om de kaart te vragen. Na het voorgerecht, als de tweede fles wijn ontkurkt wordt, vragen we naar de prijs. We verslikken ons nog net niet. Maar ik voelde al nattigheid omdat onze eerste fles meteen de laatste fles was die zij in voorraad hadden maar de ober ons verzekert van de kwaliteit van hun andere wijnen.

Eerlijk is eerlijk. De wijn is meer dan heerlijk. We nippen zuinigjes en vertrouwen op de goede werking van fornuis en haard. Nog geen tien minuten later staat de kok verontschuldigend aan onze tafel. Het gaat niet lukken. Zowel voor hen als voor ons teleurstellend. Met twee flessen rode wijn als excuus en een fikse rekening, vertrekken we richting Plein.

Piet Patat

Onderhand dromen we van een vette hap. Bij Piet Patat rennen we naar binnen en bestellen bij de Marokkaanse mijnheer Piet vier patatjes oorlog. Op het Plein nemen we plaats tussen al die mensen die op deze oktoberavond genieten van de Haagse Lente. We bestellen nog één glaasje en voeren een diepgaand gesprek over de liefde.
Het leven is goed.

 

Een hack in een hack in een hack


Tjonge. Wat een verhaal. Nederland was een keer met een succesverhaal in het nieuws. De Amerikanen, de Engelsen, Duitsers, zelfs de Russen spraken er over. Bij een spectaculaire operatie van onze eigen geheime dienst werden vier Russische spionnen ontmaskerd en het land uitgezet.

De hele avond volg ik het nieuws. Net als actualiteitenrubrieken van ons land. Wat vooral opvalt is de knulligheid van de operatie. Sowieso vind ik vier grote mannen in één auto al verdacht. Maar we zien beelden van een rommelige achterbak met apparatuur, veel oude telefoons, draden, accu’s en afval.

Is dit weer een grap van Lubach?

Ik kan er niets aan doen. Omdat het Nederland is? Omdat de persconferentie bijna een persiflage lijkt? Maar ik vermoed zomaar een grap van Lubach. Ik houd niet van Lubach dus dan zou het een slechte grap zijn.

Te makkelijk

Het lijkt allemaal te makkelijk te gaan. De heren worden opgehaald door iemand van de Russische ambassade. Wil je als hacker niet met minder tamtam het land binnenkomen? Ze hebben paspoorten met opeenlopende nummers. Er staan kiekjes op de telefoons die nog ander onheil voorspellen. Een taxibonnetje en treintickets naar een volgend land. Ik kom terug op mijn eerdere opmerking: het zou toch een goede grap zijn. Van Lubach. Met slechte acteurs. Ik miste alleen het dansje van Theresa May hierbij.

Rusland

In Rusland behandelen ze het zeker als een grote grap. We zien hoe de spot wordt gedreven met het hackersverhaal. Ik droomde vannacht hoe het echt zit. Ze hebben gewoon vier Russische mannen met een hackersverleden op pad gestuurd als een grote afleidingsmanoeuvre voor ‘the real thing’. Wat dat echte ding is, dat weten we nog niet natuurlijk. Die klap komt nog. Maar terwijl Europese leiders elkaar op de rug slaan vindt elders de grootste hack aller tijden plaats. Door vrouwen die er uit zien als Russische spionnen.

Of zijn dingen soms gewoon zo dom en stom dat het wel waar moet zijn? Diep in mijn hart hoop ik dat het zo is.
En dat ‘we’ werkelijk in staat zijn om tegenstand te bieden.

Bella Ciao – vaarwel schoonheid

Herinner jij je nog de kampvuren van vroeger? Het tegen elkaar aan hangen met glaasjes hele verkeerde wijn of iets wat daarvoor door moest gaan? En dan altijd die ene jongen met gitaar. Die goedbedoelde gezelligheid kwam brengen?

En dan samen zingen onder de flonkerende sterren op een of ander terrein. Tussen de benen zitten van diegene die je heel erg leuk vond. Starend naar de flakkerende vlammen, hoesten van de zwarte rook die altijd net jouw richting op kwam.

Oude liedjes

Wat zongen we? Ons zelfgemaakte ‘mag ik bij jou op je vuilniszak’ maar ook altijd ‘ Bella Ciao’. In een oer-Hollands ritme waar we op de tel een einde maken aan elke vorm van fijngevoeligheid. Rampetampen in het Italiaans. Wisten wij veel. Totdat daar die serie was van La Casa de Papel en het lied werd gezongen zoals het ooit bedoeld was. Stil worden van de stilte, van de pijn, van de betekenis van het lied.

Verzetslied

Het lied won aan populariteit tijdens de Tweede Wereldoorlog. Daar werd het door de antifascistische beweging in Italië opgenomen en gebruikt als verzetslied. Na de val van Mussolini en de aansluiting van Italië bij de geallieerden werd het gebruikt om de vrijheid, van Mussolini, het Italiaanse fascistische regime en nazi-Duitsland, te vieren. Het lied gaat over het verzet van de partizanen, een soort verzetsstrijder.

Even op deze donderdagochtend, terwijl ik honderd andere dingen moet doen, genieten en stil worden. De Nederlandse vertaling staat onder de video.

Tekst (gevonden op de website van newsmonkey)

Op een ochtend trof ik de vijand,
o bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
Op een ochtend trof ik de vijand
heel alleen voor dag en dauw.

Kameraden, laat mij niet liggen!
O bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
Kameraden, laat mij niet liggen!
Want ik voel: de dood komt gauw.

Ik zal sterven als partizaan
o bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
Ik zal sterven als partizaan,
delf mijn graf, maar pleeg geen rouw.

En begraaf mij hoog in de heuvels.
o bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
En begraaf mij hoog in de heuvels
onder bloemenschaduw blauw.

In ’t voorbijgaan zeggen straks mensen
o bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
In ’t voorbijgaan zeggen straks mensen:
“Voor wie bloeit die bloem daar nou?”

“‘t Is de bloem van de partizanen”,
o bella, ciao, bella, ciao,
bella, ciao, ciao, ciao!
“’t Is de bloem van de partizanen,
die voor de vrijheid vielen – voor jou!”

Wat een grote kast!!!

Voor ons nieuwe, veel kleinere appartement, hebben we kasten nodig. Kledingkasten om onze inloopkledingkastkamer enigszins te vervangen. We hebben er eentje op het oog en staan verlekkerd te kijken naar al die ruimte en handige oplossingen. Die kopen we.

We maken er een foto van en gaan naar huis. Als ik in ons huidige huis in die kledingkastkamer sta bedenk ik om eens de maat te nemen van de kleinste kast in die kamer. De kast is net zo groot als de kast die we gaan kopen.
Dus onze nieuwe kledingkast is nog geen derde van wat we nu hebben aan kastruimte. Een beetje paniek slaat toch wel toe.

Laatjes en vakjes

Ik schuif de deuren open om te zien wat er nu eigenlijk allemaal opgeslagen ligt. De bovenste twee planken? Daar kom ik eigenlijk nooit. Daar liggen spullen voor later, voor als, voor dan, voor je weet maar nooit. Van de zeven laatjes trek ik de bovenste twee wel eens open. De anderen zijn gevuld met kledingtroepies, halve sjalen, enkele handschoenen, vergane glorie van weleer.
Van de ongeveer vijfentwintig schoenparen kan ook de helft zomaar weg.

Broeken en panty’s

De broeken hangen soms met vier tegelijk over een hanger. Broeken met ook weer beloftes voor betere tijden maar gelukkig ook als herinnering aan slechtere, dikkere tijden. In het kopje staat panty’s. De eerlijkheid gebied mij om te zeggen dat er in het huis geen panty te vinden is. Een huis van twee vrouwen met enkel twee pantykousjes. Treurig nietwaar. Op het koor Vrouw & Co brak deze week een discussie los over welke panty’s te dragen tijdens het optreden. Er werd gesmeten met begrippen die mij vreemd zijn: ‘nearly black’, dichtheid, stevigheid, transparantie, optrekdikte, afzakhulpjes. Dat scheelt zo een aardige la in mijn kledingkast.

Opgelucht

Ik ben opgelucht. De helft kan zomaar weg en ik zal het niet missen. Totdat ik me realiseer dat dit alleen maar mijn kast met mijn kleding is. Die van Vriendin is nog een meter langer.
Ik strijk over mijn hart. Zij krijgt ook een laatje in mijn nieuwe kast.

Gewoon aardig werkt het beste


Ik las van de week aan artikel op Linkedin over storytelling en het einde dat in zicht is voor deze vorm van marketing. Bij storytelling staat het persoonlijke verhaal centraal. Hiermee proberen bedrijven informatie te geven over een product of dienst om zo de verkoop te stimuleren.

Storytelling zou nu vervangen worden door de kritische werknemer waarnaar echt geluisterd moet gaan worden. Want met alleen maar ja-knikkers en hielenlikkers redt je het niet als bedrijf. Deze week had ik twee fijne ervaringen met bedrijven waardoor ik dacht: dit is het. Geen ‘story’ of gefabriceerd ‘good feeling’ over je werk. Maar mensen die echt zijn en dat mogen zijn.

Nieuwbouw

We wachten al ruime tijd op de vorderingen van ons nieuwbouwappartement. Tijdens de bezoekdagen valt me op hoe vrolijk de gasten aan het werk zijn. Ze lachen, ze groeten, ze zijn betrokken, ze zijn gewoon aardig. Dat is even wennen. Geen gezeik, geen chagrijn, geen gemopper. Van de week worden we in bouwlift begeleid door de uitvoerder en wat bouwmannen. Het was bijna leuker om met hen in de kleine ruimte te staan dan in ons nieuwe appartement. Bijna dan, hè

Uit eten

Gisteravond werden we getrakteerd op een etentje in een leuk restaurant in Den Haag. De sfeer was direct goed en makkelijk. Het gemak waarmee de medewerkers contact maakten en hun werk met zoveel passie en lol uitvoerden was een verademing. Dan doet het eten er niet zo meer toe want alles smaakt beter met een oprechte lach. (Het eten was trouwens heel goed). Er is geen menukaart. De jongen schuift aan bij ons en vertelt over de gerechten. Ontspannen, alle tijd (met een volle zaak), persoonlijk.

De jonge vrouw die er werkt ploft later op de avond ook even bij ons neer als we buiten zitten om af te koelen. Precies lang genoeg om ons een goed gevoel te geven. Kort genoeg om niet weggekeken te worden. Met goed personeel heb je geen marketingplan nodig.

Visies en beleid

Precies 25 jaar werkte ik als ambtenaar bij de gemeente Den Haag. Lang genoeg om te zien hoe processen zich herhalen. Te zien hoe er om de zoveel tijd een koers wordt uitgezet waar vooral het management in gelooft. Hoe de ene koers net zo makkelijk wordt omgeruild voor een tegengestelde richting, hoe personeel zich dan losweekt van visies en beleid en besluiten om gewoon maar hun ding te doen, dan maar niet betrokken.

Ik hoef geen rekening meer te houden met visies van anderen. Met kernwaarden die een leugen vertegenwoordigen. Maar ik maak me nog steeds boos over de onderwaardering van organisaties voor hun medewerkers. Waar mensen ondergeschikt zijn aan het product of de dienst. Waar communicatieafdelingen onzin recht praten en er vooral zelf heel erg in gaan geloven.

Een bedrijf, een dienst, een product is geloofwaardig als het door mensen die echt zijn wordt aangeboden. Omdat zij zelf geloven in wat ze doen. Wat daarvoor nodig is? Waardering, interesse, oprechtheid.

 

Free the bilsplate

Nummertje vier vanaf links heeft het goed begrepen. Free The Bilsplate. Wat een lucht en ruimte geeft dat. Tijdens mijn vakantie viel mijn oog, ik kon er niets aan doen, op bilspleten. Meestal mannelijk maar ook vrouwen kunnen er wat van.
De bilspleet bestaat niet

Filosoferen over de bilspleet, het moet niet gekker worden. Maar bedacht ik, de bilspleet bestaat helemaal niet. Hadden we maar één bil, dan was er ook geen spleet. Anders dan bijvoorbeeld bij Free the nipple: die ‘nipple’ bestaat echt.
Dus waarom zouden we ons schamen over iets wat er eigenlijk niet echt is? De bilspleet is lucht, een illusie, een gat ontstaan door druk van twee andere elementen. Geholpen door een Griekenlandganger heb ik een aantal exemplaren op een rijtje gezet.

Ik heb vooral te doen met de vrouw op foto 6. Als er iemand recht heeft op ‘free the bilsplate’ dan is zij het wel.

Ik had tijdens die vakantie de ene ingeving na de andere. Ik zou een speciale website in het leven roepen onder de naam ‘Bilsplategate’ en iedereen oproepen mij de mooiste exemplaren te sturen. De foto’s moeten wel onherkenbaar zijn, volledig AVG proef, zodat alleen de eigenaar van die ene spleet zou weten, dat is de mijne. Er zouden zomer- en winterbilspleten zijn. Die site zou ongelooflijk goed scoren, iedereen ging op zoek naar zijn of haar eigen spleet. Fabrikanten van lingerie, badkleding zouden in de rij staan om op mijn site te adverteren, de bilspleet zou hot zijn, scoren als een reet. Er kwam een spijkerbroek op de markt met een transparante achterkant ter hoogte van de bilspleet. Er zou een wedstrijd zijn met publiek dat kan stemmen op de mooiste bilspleet van het jaar….

Lummelen

Maar dat was toen de zon scheen en ik tussen dromen en een nooit echt ontwaken lummelde, verstand op nul. Nu sta ik weer met beide voeten in de Hollandse klei en moet ik gewoon aan het werk. Maar mocht je een mooi exemplaar scoren…. ik houd me aanbevolen.

De confrontatie met jezelf

Ik ken maar heel weinig mensen die echt tevreden zijn met hoe ze op foto’s staan. De meesten gruwen van de aanblik van het ‘zelf’ op papier. Maar mijn gruwel, denk ik altijd, berust op waarheid. Ik sta nooit leuk op foto’s. Nu is de vraag ligt dat aan de foto of ben ik gewoon niet leuk (genoeg)?

Een pijnlijke vraag kan het worden.
Ik heb een website, meerdere zelfs, ik schrijf blogs en, wordt overal geadviseerd, zorg dat mensen zien wie jij bent. Niet alleen in het schrijven maar ook in beeld. Een foto dus. Deze vakantie die nog maar kort achter me ligt, was een goed moment om mooie foto’s te scoren.

Ontspan

Zus en Vriendin klikken er op los. Als ik ga zitten bij een prachtige rotsachtige formatie zegt Zus: ‘Ontspan An, niet zo je armen tegen je lichaam houden, zet je handen achter je, alsof je leunt.’
Ik doe braaf wat me verteld wordt. Ik leun ontspannen?? achterover maar de stenen achter mij zijn te laag zodat ik heel veel moeite moet doen om ook maar enigszins ontspannen over te komen. Als ik het resultaat bekijk is dat ook het enige dat zichtbaar is. Een idioot mens dat erbij zit alsof iemand haar armen achter de rug bijeen gebonden heeft met prikkeldraad.

Een foto is geen spiegelbeeld

Eigenlijk zien we op foto’s wat anderen zien van ons. Is me dat even wat. De spiegel is een omkering van jezelf. Buiten dat toch wel belangrijke feit kijken we met ogen die al honderd jaar hetzelfde beeld zien en dat beeld dus ook mede bepalen. Wat is waar? Ik vrees dat de foto echter is dan ons spiegelbeeld.

Tips

Google en vind duizenden tips om goed op de foto te staan.
Let op je kin
Duw je schouders naar voren
Doe een trucje met je tong
Doe de twist
Wees het middelpunt
 als je slank op de foto wilt
Doe ‘de arm’

Ik vrees dat ik het allemaal niet kan onthouden. De do’s and don’ts.

De mooiste foto

Ik heb een keer in mijn leven prachtige foto’s van mensen mogen zien. Zo mooi dat ik er van moest huilen. Het was na een rebirthsessie. Een heftige emotionele therapie. We waren bloot. Niet alleen fysiek maar vooral mentaal. Er waren foto’s voor- en achteraf. En op de achteraf-foto’s kwamen de gezichten van mensen die make-up-loos, maskerloos, kwetsbaar en totaal zichzelf waren binnen in al hun schoonheid. Ik zag een ziel op de gezichten. Het was zo echt dat je bijna niet durfde te kijken naar de intieme portretten.

Die foto’s zullen nooit gepubliceerd worden. We herkenden onszelf niet eens maar we waren het wel. Wat we laten zien op foto’s die we online zetten is hoe we graag willen dat anderen ons zien. Maar misschien zijn we, dus ik ook, in het echt, veel leuker.