Er wonen mensen in Haría

We verbllijven in Haría. Eén van de mooiste dorpjes op Lanzarote. Lezen we overal. Het plein is inderdaad prachtig, maar een dorp is geen plein. Wat vooral opvalt aan Haría is de oorverdovende afwezigheid van leven.

Als we van onze vakantievilla naar het dorp wandelen, lopen we langs huizen met gesloten luiken. Niemand te zien, af en toe een auto. Geen kindergeschater, geen hangjongeren, niets.

Eén dag schrikken we op door een meisje van een jaar of tien die met een step de hoek om komt scheuren. Ze groet vrolijk en is zo snel weg dat we ons afvragen of het echt gebeurd is.

Plein

Gisteren aten we bij de plaatselijke snackbar. Een dorpscafé met een echte menukaart en hoe later op de avond, hoe meer luiken er open gaan. Oude mannetjes en een handvol dorpsgekken verzamelen zich in de huiskamer. Daar zitten ze zwijgend voor een groot televisiescherm.

Er komen jongeren aangeslenterd, ze drinken wat om daarna weer op te lossen in de stilte van het dorp. Maar ze zijn er dus wel. Mensen. Wat zou ik graag eens achter die luiken willen kijken want ze zullen toch praten, werken, eten en lachen?

Haría lijkt ingeslapen maar misschien is er aan de andere kant van de luiken iets heel anders gaande. Ik wil het zien en voelen.

Massage of een knal voor je kop?

Lig je heerlijk op je strandbedje, komen ze langs. De strandverkopers. Doeken, tassen, sieraden en niet te vergeten de massage.

Voor de massage ‘on the beach’ is een legertje Chinezen ingevlogen. De hele familie Masseur wisselt elkaar om de minuut af.

Héllo Massāgè

in het begin schudt je nog beleefd je hoofd. ‘No thank you’. De tweede keer zeg je alleen ‘no’. Na tweehonderdvierenveertig keer houd je je slapend. Maar je slaapt helemaal niet want van links en rechts besluipen ze je. Hun ‘unique sellingpoint’ is de uitspraak van de strandmantra. “Massage yes? Massage yess? of ‘Massagè’, waarbij het woord gezongen wordt in drie verschillende noten.

Cola, fanta, pretty lady

Er zijn twee colamannetjes. De ene roept zijn hele hebben en houwen in een lange zin, zo snel dat je zelf naar adem hapt. De ander roept tussen zijn fanta en coladingen, wat hij ziet. ‘Cola, fanta, oh the lady is stille sleeping, icecreams’. Hij staat voor me en zegt ‘English people are the best’. Ik verontschuldig me voor mijn niet Engels-zijn.

‘Where you from?’
‘We are Dutch’.
‘Oh, Dutch people are even better’. Ik lach.

Agressie

Als we teruglopen staat er een donkere jongen, zijn handel hangt treurig rond zijn arm. Verveeld en met een agressieve blik turft hij de rijke toeristen. En ik begrijp zijn woede. Hij vangt mijn blik, hij staat op en beveelt ‘you, come here’. Ik  kom helemaal niet here. Zijn boze blik is niet echt uitnodigend.

De man naast hem speelt voor de zoveelste keer ‘I did it my way’ op zijn accordeon. En bij al die vrouwen en mannen die zwoegen door het hete zand vraag ik me af wat ze hadden gedaan als ze het op hun manier hadden kunnen doen.

 

De luie ligbedgeneratie

Jaren geleden fladderden we als vluchtige vlinders over het strand. Ons lichaam voegde zich met gemak in het goudgele strand, onze tenen speelden met het zand. Dat was toen.

Tegenwoordig horen we bij de ligbedgeneratie. Een strand is pas een strand als er bedjes en parasols staan. Decadent misschien maar het lichaam is er aan toe.

Juweeltje

Poedelend in de zee worden we aangesproken door een Nederlands echtpaar. Zij hebben een juweel van een strand ontdekt. Een intieme baai met ligbedjes, met vissen die uit je handen eten en de authentieke Spaanse sfeer waar iedereen naar op zoek is. Zij vertrekken die dag en gunnen ons ook die ervaring.

Een dag later gaan we op zoek en vinden het strandje. Weinig ligbedden staan er maar genoeg voor ons, dus we ploffen neer. Om ons heen storten complete Spaanse families met eten en drinken voor een week zich aan onze voeten. Hun conversaties zijn luid en talrijk.

Ligbedstrand

Dit is geen ligbedstrand. Mooie, jonge mensen met bruine lijven liggen te pronken op het strand. Er wordt gekeken, gelachen, geflirt. Een jonge, hele dikke vrouw in een beschaafde bikini loopt naar de zee. Achter haar wordt gewezen en wordt ze bespot. Ze zal vast de ogen in haar rug voelen maar ze loopt moedig door. Meisjes taxeren hun concurenten en maken oogcontact met vriendjes die niet hun vriendje zijn.

Veilig

Deze week voelde ik me veilig op het strand. Tussen de lekkere-luie-ligbedgeneratie is geen competitie meer. Die tijd ligt achter ons. We laten hangen wat hangt en andermans vriendjes zijn niet meer interessant. Geen spottende blikken. Niets. We zijn verworden tot een generatie die er niet meer toe doet en dat is natuurlijk ook pijnlijk. Maar voor geen goud zou ik terugwillen naar de wereld waarin uiterlijk en schone schijn bepalen wie je bent.

Geen poppenkast meer.

 

Familiesnoezeltijd

Deze vakantie kent z’n rituelen. Zo slaapt Vriendin nog uren door terwijl zus en ik in het schemerige ochtendlicht, fluisterend praten en ons zoveelste kop koffie drinken.

En dat is met deze Zus maar ook met andere Zus. Waardevolle momenten om de dag mee te beginnen. Door dit ochtendritueel denk ik regelmatig aan vroeger. Ook ons gezin kende die snoezelochtenden. Ik vraag Zus of zij zich dat herinnert. Beiden herinneren ons die momenten vooral qua sfeer en emotie.

Pyama

We herinneren onze moeder en de drie dochters. Waar de vader en broer uithingen op die momenten is vaag. Of waren wij het vooral die spraken en namen we de mannen voor lief en zij ons? Gordijnen nog dicht, wij in nachtpon met slaperige koppies. Verse koffie en samenzijn. Waar hadden we het over? Geen idee. Maar de herinnering is zoet en warm.

Trouwen

Toen mijn oudste zus ging trouwen vond ze deze momenten de moeilijkste om los te laten. De avond voor het grote gebeuren zaten we nog eenmaal samen met kale gezichten en namen we afscheid van dat familieritueel.

Herhaling

Maar we herhalen onszelf in rituelen. Houden wat goed was en laten gaan wat niet meer nodig is. En met de zwagers (m/v) die er zijn is er dezelfde vertrouwelijkheid, je veilig voelen met elkaar.

Ik maak er geen foto van maar stel je voor:  ongekamde haren, onopgemaakt, nog helemaal ‘bedderig’, beginnen we aan een nieuwe dag. En als hier op Lanzarote buiten het licht wordt aangedaan, is dat het sein om ons aan te kleden voor de dag.

Oma, waarom….?

Roken. We weten het onderhand wel. Maar waarom is het zo verrekte moeilijk om de knop om te zetten? Waarom houden we ons opzettelijk blind en doof totdat je kleinkind je aan je truitje trekt.

M., mijn zus, moeder van twee volwassen zonen en een fantastische oma voor haar vijf kleinkinderen kan er over meepraten.

Na twintig jaar rookvrij te zijn steekt ze op een terras in verweggiestan een sigaretje op, ‘for the good times’. Zoals ex-rokers weten doet dat ene trekje alles waarvoor het gemaakt is. Het wakkert gevoelens aan van jonge onbezonnenheid, van vrijheid?, van genot.

Tien jaar later

Heeft ze van alles geprobeerd, gedacht, gewenst en verwenst maar smeult de sigaret nog altijd onder handbereik. Deze vakantie wil ze, nee, gaat ze overstappen van ‘the real thing’ naar de e-smoker. Waarom? Omdat haar kleindochter een belangrijke vraag stelde: “Oma, als je weet dat het slecht is, dat je ziek wordt en dood kan gaan, waarom doe je het dan?”

Twee helblauwe ogen

Het tienjarige meisje kijkt met haar helblauwe ogen in de ogen van haar oma, de oma die ze liefheeft. Oma stamelt, pruttelt, krijgt blosjes en weet dat er geen enkel antwoord te verzinnen is op die simpele vraag. En belooft in de vakantie het gemene stinkding vaarwel te zeggen. Het meisje knikt en vertrouwt haar oma. Als mijn zus later aan een andere, iets jongere kleindochter vertelt wat ze heeft besloten, zegt het meisje “ik had het al gehoord, ik weet niet of ik het had durven zeggen tegen je”. Ze kijkt verlegen haar oma aan.

Moederding

Zwangere vrouwen stoppen met roken. Voor hun kind. Oma’s stoppen voor hun kleinkind. Waarom werkt dat moederding voor anderen en niet voor onszelf? Waarom vinden we het onszelf niet waard om gezond en heel te blijven. Ik, kinderloos dus kleinkindloos, weet waarover ik praat.

Bye bye

Gisteren ging de laatste sigaret de asbak in. Met een appje naar de kleindochter. Vandaag is er dit blog. Het moet genoeg zijn om het vol te houden.

De rookwereld zal pas echt verdwijnen als we onszelf net zo serieus gaan nemen als anderen dat doen. Niet door rokers te verketteren maar door heel veel liefde. Van je kleinkind bijvoorbeeld en desnoods gewoon voor jezelf.

Voorbereiding is halve werk

Voorbereiding is het halve werk. Dat geldt voor alles dus ook bij een vakantie.  We hebben veel gelezen en gehoord over Lanzarote maar vooral de zalige, constante temperatuur onthouden.

Trui mee? Onzin. Zelfs ‘s avonds kun je in je niemandalletje aan tafel. Hemdjes en korte broeken, mijn koffer was tot de nok gevuld met mooie beloften.

We verblijven in Haria, het mooiste dorpje van het eiland. Daarmee rekenden we ons rijk. Wat we niet gelezen hadden is dat dit ook gelijk de meest bewolkte en winderige streek is van het eiland. Als we de eerste avond nog net niet klappertandend aan tafel zitten, kijken we elkaar ietwat verloren  aan.

Zon

We kunnen vanaf onze ‘villa’ overal de zon zien schijnen. Dat is het mooie van dit overigens prachtige eiland. Daar gaan we dus maar naar toe. Op het strand weten we niet hoe snel we de parasol moeten opzetten. De zon brandt alsof zijn leven ervan afhangt.

Het woord ‘Griekenland’ valt af en toe. Waar je van die onvergetelijke strandjes treft met ligbedjes en de aardige mijnheer die ons stralend verwelkomt. Ons Lanzaroth strand heeft ook bedjes, we liggen bijna bij de buren op schoot en de ‘aardige mijnheer’ is hier een nors mannetje die het even heeft gehad met de toeristen.

Blote borsten

Opvallend, de dames op leeftijd die topless zonnen alsof we in de jaren zeventig leven. Grote dames ook, rond, wulps of niet zo wulps maar moddervet. De eerste keer dat ik zonder gene mijn kleding uittrek op een vol strand.

Weerbericht

Onze weerappjes geven allemaal fantastisch weer aan maar op de een of andere manier is het elke keer ergens anders op het eiland.

Mijn eerste vakantieblog ging over goed nieuws. Hoe sneu als de tweede een hele andere kant op gaat? Dat is niet de bedoeling. We genieten van de omgeving, de natuur, het heerlijke eten en de rust. Anders dan op een Grieks eiland is er hier genoeg te doen en te beleven, ook als het weer iets minder is.

En gelukkig is er nog een overeenkomst.
Ook hier mogen we geen toiletpapier doortrekken.

 

 

Goed nieuws is geen nieuws

Toch, een bekend gegeven, goed nieuws is geen nieuws. Dat ga ik veranderen. Ons vertrek naar Lanzarote verliep meer dan soepel.

Dat we op een onchristelijk uur vertrekken laat ik buiten beschouwing want hé:  vakantie. Geen rij bij de incheckbalie, een en al vriendelijkheid om ons heen, zelfs’ het fouilleren is prettig. Het vliegtuig vertrekt op tijd. De huilende kinderen zijn rijenver verwijderd van ons. De rij voor ons wordt in beslag genomen door een jong gezin met een lief meisje, een verstandige moeder en een toffe vader.

Slapen

We worden welkom geheten door de ‘crew’ en het meisje spreekt alsof ze een verhaal aan kleuters voorleest. Met onze duim in de mond vallen we in slaap. Als we wakker worden zijn we er al bijna.

De koffer rolt voor ons de bagageband af. We zijn de eersten bij de autoverhuurbalie. De auto is goed en rijdt.

Tegenvaller

Dat we blijkbaar op het meest bewolkte gedeelte van het eiland zitten, mij hoor je niet. Dat we geen trui bij ons hebben, want altijd goed klimaat, mij hoor je niet. Dat ik Vriendin met een verrekijker moet zoeken in ons bed van zes meter breed… dat de douche niet werkt…

Mijn reisgezelschap zit buiten. Ik zie hen zitten met achter hen palmbomen, bergen, witte wolkjes en zon.  Er staat koffie klaar.

Goed nieuws scoort.

 

Vuile lafbekken

Ik wilde vandaag over iets anders schrijven maar bij het ontwaken voel ik me akelig, verdrietig en machteloos. De kinderen Lili en Howich worden vandaag uitgezet. Wat een vreselijk woord voor kinderen die niets hebben misdaan. Uitgezet, opgehoepeld, opgerot.

En ik heb niets nieuws toe te voegen aan alles wat al gezegd en geschreven is. Aan datgene wat mensen met verstand en compassie al gemeld hebben. Mijn tranen zullen niet de druppel zijn die de witte heren uit Den Haag op andere gedachten zullen brengen en maak je geen zorgen, met ‘witte heren’ bedoel ik ook de ‘vrouwen’. Ik bedoel de hele kliek die nu over elkaar heen struikelt met een vastberadenheid die ik ze nog nooit ergens heb zien tonen. Gadverdamme.

Rutte ging dansen

Rutte had nog wel wat te zeggen. Het deed hem echt ook wel iets maar als ze nu geen statement zouden maken dan zou er helemaal geen draagvlak meer zijn voor mensen die echt opgevangen moeten worden. En toen ging hij dansen bij Anouk in Scheveningen. Ik weet dat Anouk haar nieuwe Nederlandse single daar niet gezongen heeft maar had ze het maar gedaan. Stilte gevraagd en het opgedragen aan heer Rutte himself en aan zijn makkers die naast hem heupwiegend genoten van de Nederlandse geneugten.

‘Ik heb het met je rotkop gehad’. jij huichelaar’

Ik val in herhaling. Want zorg ervoor dat procedures die een kinderleven duren niet meer mogelijk zijn. Het is een misdaad en heeft niets maar dan ook niets met ‘rechtvaardigheid’ te maken. Als je zo stoer wilt zijn zoals je nu lafhartig doet, zet die stap dan eerder.

Toen ik gisteravond het laatste nieuws hoorde over de kinderen dacht ik alleen maar ‘ren, ren, ren voor je leven’. Maar Vriendin opperde dat ze waarschijnlijk al ergens zijn waar niet meer gerend kan worden.

Waar ik zo bang voor ben is dat wij allemaal doorgaan met ons leven en dat is precies wat de politiek al bedacht had en op gehoopt heeft. Volgende week praat niemand er meer over. Mag Blok blijven, mag Pechtold buiten de pot pissen, mogen bedrijven die hier niets te zoeken hebben zich hier investeren en zijn Lili en Howick schaduwen die langzaam verdwijnen in een grijze ledigheid.

Nederland. Nederigland. Schaamteland.

 

Vergeet Mij Niet

Lien de Jong (84) © Ernst Coppejans

Donderdag 6 september was bij Pauw een gast die veel indruk op mij maakte. Lien de Jong. Een krachtige, prachtige dame met een geschiedenis om te willen vergeten. Bart van Es schreef een boek over haar leven.

Het verhaal is al boeiend genoeg maar dat is niet perse wat mij zo raakt. Het is de uitstraling van deze vrouw. De lach, de ogen die spreken, het kordate, het onbreekbare, het tere ook.

Vergeet mij niet

Bart van Es, de schrijver van Vergeet mij niet, woonde bijna zijn hele leven in het buitenland. Een verhaal uit zijn Nederlandse jeugd blijft hem bij. Over het Joodse meisje Lien dat bij zijn familie zat ondergedoken. Hoe het contact plotseling verbroken werd en hij zich afvroeg wat er van Lien de Jong terecht was gekomen. Wat was haar verhaal. Hij zoekt haar op en dat is het begin van een vriendschap en een boek dat deze week verschijnt.

Ik ken het boek nog niet, maar ik hoor in het interview bij Pauw de verschrikkingen. Er wordt een brief voorgelezen van de moeder van Lien aan de pleegouders van het meisje. Een prachtige brief van een moedige moeder. Een liefdesbrief van een moeder waarmee ze haar dochter weggeeft uit liefde.

Generatie

Als ik verhalen als deze hoor of lees, besef ik altijd zo goed dat mijn generatie een gelukkige generatie is. Van na de oorlog en waarschijnlijk ook van voor de oorlog. En ik hoop en bid dat ‘voor de oorlog’ nog heel lang gaat duren. Voor al die jonge mensen die nu spelen en zingen en geloven dat het voor altijd zo zal blijven. Daarom zijn de verhalen van toen het anders was en zoveel slechter dan nu, zo belangrijk. Om het nooit voor lief te nemen.

Deze week was er veel ophef over een interview met priester Antoine Bodar. Met wat hij zegt over transgenders en homoseksuelen ben ik het niet eens, hoe kan ik, maar in essentie begrijp ik wel wat hij zegt. Natuurlijk preekt hij voor eigen parochie maar als we de parochie loskoppelen dan denk ik ook dat wij ons hier over zoveel dingen zorgen maken omdat we de tijd en de ruimte hebben om ons zorgen te kunnen maken.

Leven en overleven

Wij leven en ik heb nog nooit het gevoel gehad te moeten overleven. Niet in praktische zin. En dan zit daar zo’n oude dame aan tafel die alles heeft meegemaakt wat nooit had mogen gebeuren, ze heeft het overleefd en ze leeft misschien juist daardoor wel meer. Zij weet in ieder geval echt waar het om draait. Wij kunnen slechts raden. En ik wil het zelf niet meemaken, natuurlijk niet. Maar ik wil wel herinnerd blijven worden aan hoe het ook kan zijn. En dankbaar blijven.

 

Schrijf eens even een tekstje…

Vroeger werkte ik in een kinderdagverblijf. Had ik te maken met een ouder die bijvoorbeeld pedagoog was. Nooit iemand gezien die er zo’n zootje van maakte met haar eigen kind. Zo is het ook als je jezelf tekstschrijver noemt. Maak dan maar eens een tekst voor jezelf.

Twijfelen aan alles. Aan punten en komma’s, aan inhoud en vorm, aan lengte en omvang. Als iemand mij vraagt een lied te maken of een gedicht dan ligt het eindresultaat twee uur later op tafel. Mijn website kostte iets langer. Maar, hier is ‘ie dan en ik ben er blij mee.

Van teksten naar meer

Als zzp’er moet je continue mee bewegen, soms meer dan je lief is. En keuzes maken. Ik was eigenlijk van alles, ik ben eigenlijk van alles. Juf creatief schrijven, webbouwer, liedjesmaker, dichter, blogger, organisator, therapeut. Maar teveel is niet goed. Dus ik ga me voortaan richten op twee zaken die ik geweldig vind om te doen: schrijven en websites bouwen. Voorlopig geen lessen verzorgen of partner worden in die mooie nieuwsbriefapplicatie. Of me richten op levensverhalen. Of mijn therapeut zijn combineren met schrijven, of zal ik dat wel …

Mijn portfolio moet nog uitgebreid worden. Maar dat komt later wel.

Vandaag gaat mijn site de lucht in en dat lucht op. Als je het wilt delen is dat ‘meer dan lief’. Benieuwd naar jullie reacties.

www.av-teksten.nl