Zou ik het anders doen?

Toch nog even terugkomen op Oranje. Met hoofdletter, ja wel. Ik schreef al eerder dat je blij moet zijn om geselecteerd te worden, spelen of niet. Dus Huntelaar en Van Persie, groei op. (In het engels klinkt dat toch lekkerder) Toch, hoe zou ik het vinden. Stel: ik ben goed, ik ben top, ik zie in mijn dromen hoe ik het verlossende doelpunt scoor en die andere spits bakt er niet veel van. Juich ik dan als hij toch scoort…

Als ik goed in elkaar zit, wel. Als ik niet zo lekker in mijn vel zit, juich ik omdat ik geacht wordt te juichten, maar mijn hart juicht niet mee.

Ik heb het meegemaakt. Niet met sport maar gewoon in mijn werk. Wie kent het niet. Je wilt iets en een ander krijgt het. Een ander die je ook aardig vindt. Maar dat gevoel van voorbijgelopen worden is niet prettig. Het heeft een tijd geduurd voordat ik weer onbevangen kon samenwerken. Wat helpt in zo’n geval? Praten. Met die collega, met die andere spits.
‘He, Pers, ik baal er enorm van dat jij speelt en dat ik op de bank zit.”
‘Joh, gozer, dat begrijp ik toch, ik zou ook enorm de pest er in hebben.’
‘Ik kan niet eens blij zijn als jij scoort… dat is toch erg’
‘Ja, maar ik zou het ook hebben. Jij hoort ook te spelen. Het spijt me dat het niet zo is voor jou maar ik wil er wel het beste van maken en jij kan me daarin helpen.’

Okee, okee, het is wat zoet maar wel de enige oplossing. Gekwetst worden we allemaal in ons leven, daar over heen stappen en weer glimlachen, dat is de les die te leren valt.

En nu op vakantie.

Laat een reactie achter