Wij moeten onder curatele

no-39409_640En ‘wij’ zijn gewoon wij, Vriendin en ik. Staan we al redelijk bekend om ons soms onbekwaam handelen, elk jaar doen we er weer een stapje bovenop. Na ons caravan-debacle, zou je denken dat er enig verstand is neergedaald in onze best wel grote hersenen. Maar vandaag ga ik het toegeven en Vriendin weet nog van niets. We blijven ons herhalen in ‘de-domme-dingen-doen’ actie.

Hond Bas is dood en we missen Bas en naast Bas missen we gewoon een hond in ons huis en hart. Het is stil en vriendin vindt dat stil-zijn en zitten maar niets. We oriënteren ons op een volwassen manier. Schrijven ons in bij topfokkers die topprijzen vragen maar we doen het gewoon. Totdat vrienden en familie met hondengevoel beweren dat een topfokker echt niet alles is. Hebben wij een stamboom nodig? Nee, niet echt, we willen een hond. Dus we wagen ons op marktplaats op zoek naar het goede gevoel bij een tekst, met ons onderscheidend vermogen om uit een advertentie te halen of het snor zit en we geen broodfokker gaan verblijden. Er zijn labradoodle pups ergens in het land. We bellen, we kunnen langskomen. We komen langs. We raken ontroerd bij het zien van Bommel en we nemen een hond. We betalen iets aan en beloven Bommel volgende week op te halen.

‘s Nachts liggen we wakker en vragen ons honderdduizend dingen af die we overdag niet hebben verzonnen. Was de vrouw betrouwbaar? Waarom stonden deze hondjes niet op de foto op marktplaats? Zijn ze echt wel mee geweest naar strand en school? Wordt ‘ie niet te groot, is ‘ie wel gezond? We slapen nauwelijks en ook de dag daarna lopen we als twijfelende zombies door het huis. Uiteindelijk valt het besluit om de hond niet te nemen. Maar wie gaat er bellen? We zijn zelf eigenlijk nog puppy’s die aan de hand genomen moeten worden bij belangrijke beslissingen?

Ik verlies de weddenschap en bel de mevrouw op. Zij reageert best oké. Het is over en gedaan. We zijn ontdaan. Ik haal de foto van Bommel van mijn telefoon. Mail bijna iedereen weer af die we zo enthousiast hadden verteld over onze huisgenoot (ook al met de gedachte: ‘ze’ zullen wel denken… maar het is ons leven… ).

Eigenlijk hebben Vriendin en ik op dezelfde manier voor elkaar gekozen als nu voor de hond. We zagen elkaar, het was goed, we kochten een huis. Bijna net zo snel als ik het hier tik. Bij ons is het helemaal goed gebleven maar waren wij te koop geweest bij een topfokker dan had die het ons ontraden. Wij vullen elkaar niet aan, in tegendeel. Wat Vriendin niet heeft, heb ik ook niet. Wat ik niet kan, kan Vriendin ook niet. Heb ik een dom idee, dan vindt Vriendin dit prachtig. Heeft zijn een belachelijk plan, dan zeg ik ‘doen’.

Maar onze ontmoeting was een wonder en we moeten het lot niet tergen. Dus Bommel, sorry.

Er komt een hond en ook snel maar we gaan er beter over nadenken. Vriendin zegt heel wijs, dat we gaan nadenken over hoe we de hond willen opvoeden. Ik knik ‘ja’. We weten allebei dat wat we willen en doen soms mijlenver uit elkaar kan liggen.

 

Laat een reactie achter