CategorieBlogs

Een onman

Filmproducent Weinstein kon er lang mee wegkomen. En nu vrouwen hun mond opendoen komen er te veel verhalen naar buiten over seks en onderdrukking. Teveel om het een incident te noemen. Maar dat wisten we toch wel?

Deze week was bij Pauw een jonge vrouw aanwezig die als jong, veelbelovend zwemmer door haar trainer werd misbruikt en gestalkt. De angst dat hij zijn dreigingen waar zou maken en zij uit het zwemteam gezet zou worden, belette haar te praten. Een meisje van elf jaar. Hoe durf je. Hoe ziek ben je en hoe zielig ben je. De vrouw vertelde ook dat zij eigenlijk ook hem beschermde want buiten haar, had hij niemand.
Net zoals deze ‘zielige’ man is de verdachte van de moord op Anne Faber ook een man met een psychische ziekte. En hoe vreselijk ook, de zieke mens moet behandeld worden en desnoods nooit meer vrij komen.

Maar Weinstein en al die andere mannen die menen ergens recht op te hebben, hebben niet het etiket van ‘ziekte’ aan zich kleven. En dat is een vergissing, want geen ziekte, geen behandeling. Terwijl ik denk dat het het enige is dat moet gebeuren.

Brainwash

Mannen die last hebben van hoogmoed en superioriteitsgevoelens moeten terug naar af. Naar een lege schijf in de bovenkamer die dan langzaam en adequaat gevuld worden met de juiste boodschappen.
Bijvoorbeeld:
man en vrouw zijn gelijkwaardig aan elkaar.
Baas in eigen buik, borst en bil.
Je lul loopt jou achterna en niet andersom.
Om maar eens iets te noemen. Want zolang er mannen en vrouwen applaudisseren voor het apengedrag van soortgenoten redden we het niet met een vermanend vingertje.

Mannen sta op

Pauw suggereerde in een latere uitzending dat hij misschien nog een keer een uitzending moet maken over dit onderwerp maar dan alleen met mannen. Ik juich dat toe. En dan niet alleen mannen die toch wel oké zijn maar juist ook die mannen die denken dat een kneep in een linkerborstje niet onaardig bedoeld is. Zolang zo’n jongen niet ongevraagd in zijn rechter bal geknepen wordt, weet hij niet waar ‘ie het over heeft.

Wie zou verwachten dat we anno nu nog het woord ‘onderdrukking’ noemen als het gaat over vrouwen en mannen? In een tijd waarin het toch eens klaar moet zijn met angst hebben voor het ‘sterkere’ geslacht.
Wat is er sterk aan domme kracht?

Mogen mannen nog mannen zijn

Och, arme. Mannen mogen geen mannen meer zijn en waar moeten zij heen met al dat testosteron? En daarom worden er mannenkampen georganiseerd waar ze met knuppels op handen en voeten door het bos mogen rennen en berenhuiden om hun behaarde borst dragen. Weten die mannen niet dat echt alles anders is nu? Dat er achter het hek van die mannenbossen vrouwen staan te gieren van de lach bij het zien van de verongelijkte oerman?

Er is geen ‘oer’ meer. Geen oervrouw, geen oerman. Oermens misschien, maar zeker niet genderneutraal. Want mannen en vrouwen zijn niet gelijk en dat is ook goed. In het verschil kunnen we iets betekenen voor elkaar en elkaar aanvullen.

Dat is heel wat anders dan mannen die vrouwen uithollen en ontleden om de doodsimpele reden dat het kan en zij het kunnen.
Dan ben je geen man. Dan ben je een onman. Man is een titel die je moet verdienen.

 

Dieet wel, dieet niet

Precies twee maanden ben ik nu aan werken aan mijn gewicht, het wegwerken van mijn overgewicht dus. De vraag Dieet wel of Dieet niet kan ik beantwoorden met: die eet niet.

Ik snap ineens wat ze bedoelen met ‘de knop moet om’. De knop is om. Zo erg dat ik me bijna schaam wanneer ik bijna een roepend chocoladetaartje van de Bijenkorf (Chocolade mousse en biscuitdeeg gevuld met koffierumsaus en feuilletine, overgoten met pure chocoladegelei en gegarneerd met een krul van pure chocolade en chocoladegalletjes.) aanneem.

Zwak moment

Eigenlijk heb ik nog niet echt een zwak moment gehad en de kilo’s vliegen er vrij makkelijk af. Maar gisteren zat ik heel dichtbij een groot moment van zwakte. Wat was er gisteren dan?
Gisteren was het lente in de herfst.
Gisteren liepen mannen in korte broek onder een regen van neerdwarrelende bladeren.
Gisteren zaten de terrasjes overvol en liepen kinderen met ijsjes in de handen.
Gisteren zat ik, na een dag weinig eten en veel doen, op een terras met een knagend hongergevoel naar lekkers.

Bitterballeninvasie

Links en rechts werd ik gepasseerd door bitterballen. Bitterballen besteld door het tafeltje naast ons en het tafeltje waar ik net op uitkeek. Toen kwamen er schaaltjes tacochips met gesmolten kaas voorbij. Ik pak opnieuw de menukaart op zoek naar iets dat net zo lekker maar toch verantwoord is. Dat is er niet. Vriendin heeft haar sterke ‘nee’ moment dus bij haar kan ik ook niet halen. Dan komt er een bord langs met een doodgewone tosti maar die tosti ziet er helemaal niet doodgewoon uit. Het ziet er uit om je tanden in te zetten, weer gesmolten kaas, en lekker dik belegd met een heerlijk sausje om het geheel in onder te dompelen.
Een geur komt voorzichtig langs. Gefrituurde verse uienringen met yoghurt-knoflookdip. Ik doe net alsof ik niets ruik. Als ik dan ook nog wordt begroet door zes gefrituurde Japanse kipstukjes, heb ik gehad. We gaan.

Bram de Ladage

Met ferme stap lopen we richting parkeergarage, daar zit Bram Ladage en dat rijmt. Bram heeft een groot terras waar hele gezinnen zich te goed doen aan vers geschilde aardappelfrieten. Met mayo. Of pindasaus. Maar we lopen door. Trap naar beneden. Auto in. Deuren en ramen dicht. Rijden.
‘Wil je een snoeptomaatje’, vraag Vriendin.

Vraag niet ‘waarom niet’

Vrijdagavond waren we bij een show van Sanne Wallis de Vries: ‘gut’. Een aanrader. Grappig, snel, ontroerend, cynisch, hilarisch. Haar eerste lied: ‘vraag niet waarom niet’ bleef bij mij hangen.

Zij doelde op vragen waar een ontkenning in zit. Vraag me bijvoorbeeld waarom wel, maar niet waarom niet. Voor ‘wel’ zijn er argumenten, voor ‘niet’ vaak niet.

Telefoontje

Mijn telefoon gaat. ‘Anoniem’ staat er. Ik ken geen anoniem dus heel vaak besluit ik dat niet op te nemen. Maar soms schuilt er achter ‘anoniem’ een echt mens die echt iets van mij wil, dus heel, heel, heel soms neem ik dan op. DOM.

‘Met mij’
‘Goedemorgen, middag, avond mevrouw, heeft u een momentje?’
‘Uh, waar gaat het over?’
‘Over energie. Over windmolens. Over een telefoonabonnement. Over waterverontreiniging. Over een rattenplaag. Over een lidmaatschap van ‘alles voor niets’, over kurkentrekkers voor flessen zonder kurk’.
‘Uh’ nee, ik heb geen interesse’.
‘Maar mevrouw, ik heb een geweldige aanbieding. U hoeft niets te doen. Het levert u, dat niets doen, als snel een besparing op van 50 procent. Dat wilt u niet?
‘Nee, echt geen interesse’.
‘Mag ik u vragen, mevrouw, waarom niet?’
‘Uh, tja, uh…., gewoon, geen interesse, ik heb al, ik ben al geweest, het interesseert me niet’.
‘Waarom niet?’

Dan ga ik hakkelen.
Het kan natuurlijk anders. Ik kan gewoon zeggen ‘omdat het je geen donder aangaat waarom ik iets niet wil, domme koe’. Maar ook door anonieme telefoongluurders wil ik blijkbaar aardig gevonden worden.
Welke slimme marketingstrateeg heeft dit bedacht? Deze ‘waarom niet’ vraag.

Stel

Stel nu dat iemand vraagt, zomaar iemand: ‘Waarom ben je niet verliefd op mij’.
‘Waarom heb je geen drie konijnen?’
Ik heb zelfs geen één konijn, dus tja, waarom geen drie?

Wat willen ze bereiken met dit soort vragen? Simpel. Ze willen gewoon dat je zelf ook gaat denken dat jouw antwoord echt nergens op slaat. Maar op sommige ‘waarom-niet-vragen’ is geen antwoord te geven is. En dan ga ik, ga jij, gaan wij hakkelen. ‘Uh, tja, uh, ik wil het gewoon niet’. Dat klinkt als een niet overwogen antwoord op een toch legitieme vraag.
‘Waarom ben je niet verliefd op mij?’
‘Omdat’.
‘Dat is toch geen reden, kun je niet met iets beter voor de dag komen? Dat verdient deze vraag toch tenminste wel. Een oprecht antwoord op een oprechte vraag’.

En dan gebeurt het

Je bent zelf ook niet tevreden met het antwoord. Je verwacht van jezelf ook argumenten die hout snijden. Dus ga je hakkelen, stuntelen, uhuhen. En is het allerergste geval besluit je dan toch ‘ja’ te zeggen op iets wat jou inderdaad niets kost, behalve het voeren van dat uitermate vervelend telefoongesprek, waar je vanaf wil.

Je zegt ‘ja, doe dan maar’. De mevrouw vraagt niet ‘waarom wel’. Ze kijkt wel uit.
‘Mevrouw, ik ga ons volgende gesprekje opnemen zodat we zeker weten dat we u voorgoed als klant bij ons vervelende bedrijf kunnen registreren, heeft u daar bezwaar tegen?’
‘Nee’.
‘Mag ik u vragen, waarom niet?’

…. maar dat vragen ze natuurlijk net niet.

 

Ze kwam (niet), ze zag en overwon

Als we gaan wandelen, Ami en ik, dan hebben we steeds een heel ander beeld van ‘wandelen’. Als we naar Monster gaan verheug ik me al op zo’n tienduizend stappen, Ami verheugt zich op poepen en plassen. Dat is een andere insteek.

Een paar dagen terug gingen Vriendin en ik ook met haar naar Monster. Ergens halverwege vind Ami het genoeg. Ze staat stil. Staart omhoog, kop omhoog, een standvastig type. Maar dan ken je ons nog niet. Omdat we de enige zijn op de dijk, wagen we het er op om door te lopen en even niet achterom te kijken. Dat werkt inderdaad maar even. Als ik me omdraai zie ik heel ver weg het blonde arrogante koppie van onze hond. Nog geen centimeter verplaatst.

Hek

Ik stel voor om door te lopen en naar het hek te gaan, alsof we weggaan. En dan gebeurt het. Ami ziet ons langzaam aan verdwijnen en als een afgeschoten raket slingert ze zich een weg door grassen en heuvels. Hijgend staat ze voor ons. Wij kwispelen.

Het werk

Een beproefd concept zou je denken. Maar gisteren faalde het toch. Ze bleef waar ze was. Niet ongelukkig, dat was ik, niet uit het veld geslagen, zoals ik. Ze had gewoon geen zin in mijn wandeling. Met de figuurlijke staart tussen mijn benen wandel ik terug naar haar. Weinig andere opties had ik. Mezelf nog meer voor gek zetten door haar naam te roepen terwijl mensen kijken ‘ik weet niet wie ze roept, maar helemaal lekker is ze niet, die vrouw, daar alleen in de duinen’. Ami wacht af tot ik bij haar ben en begint op haar gemak aan de terugwandeling. Af en toe roep ik ‘wacht’, bijna het enige commando waar ze wel naar luistert. Ik geef toe, meer voor mijn ego dan voor het hare. Dan zet ze het op een lopen. Bij het gesloten hek ‘naar huis’ wacht ze hoopvol op me. Glimlacht bijna. De wandeling is voorbij.

Eén dans, één dans met sproeiende ogen

Zaterdag wordt voortaan mijn gedichtendag. Vandaag een prachtig gedicht dat ik tegenkwam van M. Vasalis.

Oud

Eén dans, één dans met sproeiende ogen,
gloeiende wangen, losse handen.
En dan opzij gaan staan. De bleke glimlach voelen,
die als een nevel op een avondwei
omhoog stijgt. Langzaamaan verkoelen
en merken dat de nevel sneeuw geworden is.
Dan wijze dingen denken, lachen, liegen,
winst maken uit het wezenlijk gemis?
Of plotseling weer het feest inspringen,
op stijve benen en met koude handen
dansen en vallen, overdekt met schande?
Het helpt niet. Houding is het leven niet,
onthouding evenmin. Zwijg en ga heen
en loop alleen zoals een oude wolf
en lik de laatste druppels uit de droge plassen.
Proef goed, het is uw heil en de grimassen
die gij moet trekken zijn vol herinnering
aan vroeger lachen. Met nog één druppel
loodzwaar bestaan, dat toekomst heet:
de laatste terug van onverdund en helend leed.

uit: ‘Vergezichten en gezichten’, 1954.

Zo trots als een pauw voor één dag in je leven

Ik begrijp dat wel. Je hebt een leven dat zozo is. Je hebt een relatie waar je niet gelukkig maar ook niet helemaal ongelukkig van wordt. Je hebt een baan waarmee je net genoeg verdient om de rekeningen te kunnen betalen. Je kijkt uit het raam naar buiten en denkt: niets.

En door die leegte word je ineens bevangen. Je wilt niet niets. Je wilt een gedachte hebben, een gedachte waar je zelf door verrast wordt. Je wilt een idee. Je wilt iets omarmen al is het maar voor een dag. Desnoods wil je het niets omarmen als je je maar kon verzoenen met het niets. Maar het wil maar niet lukken.
Dan blaas je ineens ei uit een glaasje.

Een ei

Hoe was het spreekwoord ook al weer. Eén ei is geen ei, twee ei is een halve… Je vult meer glaasjes met eieren en je blaast uit elk glaasje het ei, zodat het in de lucht een gracieuze draai maakt en op z’n kop weer in het glaasje belandt. Elke ochtend sta je iets eerder op om te oefenen. Je vrouw weet van niets. Ze weet sowieso al niets meer van je. Maar jij hebt die aandacht ook niet meer nodig. Jij kunt iets. Jij kunt eitje blazen zonder handen.

Guinness book of records

En dan op een dag meld je je aan bij het Guinness book of records en zegt dat je iets kan wat niemand anders kan. Ze geloven je. Ik geloof je zelfs. Je krijgt een diploma en verschijnt op het nieuws. Zo. Laat nu die vrouw van je niet zeggen dat je niets bereikt hebt in je leven.

Net zoals die man die al twintig jaar navelpluisjes spaart. Twintig gram heeft ‘ie inmiddels. Hij gaat er een naveltruitje van breien.
Of die man die met zijn hoofd toiletbrillen kapot kan beuken. Daar word je even stil van.
Of je kunt het snelste een rauw ui en ei opeten.
Terwijl ik tik komen de mooiste ideeën naar boven. Koffie drinken door je neus, je vingers vijlen om er een schaar van te maken, je tong op het kopieerapparaat leggen en printen in 3D.

Of je kunt gewoon eens aan je huiswerk beginnen. Verhaar.

 

 

Ik weet ineens wat ik wil worden als ik groot ben

Ik heb twee grote hobby’s. Eén is televisie kijken. Twee is ergens iets van vinden. Zet mij voor een testbeeld en ik ben gelukkig. Ik ben niet verknocht aan films maar wel aan praatprogramma’s, mensprogramma’s, discussie- en politieke programma’s.

De Slimste mens dit jaar werd gewonnen door Angela de Jong, tv-recensente bij het AD. Iemand die ik vaak lees en waar ik het dan weer wel, dan weer niet mee eens ben. Maar dat terzijde. Zij is tv-recensent. Dat wil ik ook. De hele avond televisie kijken en er wat dingen over zeggen. Met een beetje humor, ironie, en zwart-witterigheid. Als doorgewinterde steenbok kun je voor die dingen goed bij mij terecht. Wat een leven zou ik hebben.
Maar welke opleiding moet je doen om een diploma tv-kijken te halen?

Dat hoort niet

Dat ik nu uitkom voor mijn liefde voor televisiekijken is wel een dingetje. Als een beetje leuk, creatief, avontuurlijk type hoor je niet te zeggen dat je graag televisie kijkt. Not done. Idioot wat ik allemaal heb gedaan en gelaten omdat het zo hoort. Te leven volgens  ‘hen’ die ik niet eens ken. Dat is een voordeel van ouder worden: ze kunnen mijn rug op. En het is druk daar momenteel.

Verbaasd

Het is toch geweldig als je met je hobby je geld kunt verdienen? Dat je een kunstje kent waar een vak bij hoort. Zo zou het moeten zijn voor iedereen. Dat er bij jouw talent en persoonlijkheid een vak gevonden wordt.

Deze week was ik in een bibliotheek om mijn cursusruimte te bekijken. Daar had ik een zelfde gevoel. Een gave ruimte, boeken, boeken, boeken. Een plek waar het ruikt naar ideeën, naar creativiteit, naar lezingen. Daar rondlopen gaf me ook een tevreden gevoel.

Misschien is het angst

Dat ik plotseling zo bezig ben met andere beroepen dan het beroep dat ik heb en waarvoor ik ook met hart en ziel gekozen heb, heeft wel een reden, denk ik. Vanavond geef ik mijn eerste cursus Creatief schrijven. En morgen meld ik me voor een baan bij een krant en ik heb geen flauw idee wat ik daar ga doen. Die spanningen, vind ik niet prettig.

Tot ik me realiseer dat ik eigenlijk ook precies doe wat ik graag wil en waarvoor ik een beetje talent heb. Fysiek is het onmogelijk om jezelf een schop onder de kont te geven. Maar met woorden kun je ook heel veel.

 

Ik vertrek – beetje gek – met rozijntje in je bek

Rioolopzichter Alex (54) en voetreflextherapeut Martina (53) verruilen Oosterhout voor Tiszafüred in Hongarije. Ik val er middenin dus het waarom en hoe heb ik gemist. Maar nog nooit hebben Vriendin en ik zo in stilte naar een aflevering van Ik vertrek gekeken.

We vinden er altijd wel iets van. Ik vooral. En nu had ik ook wel maar eerlijk gezegd bleek alles in de praktijk voor hen te werken, dus wat zou ik dan nog commentaar hebben.

Mindset

Ze wilden een naturistencamping starten of een natuurcamping met retraites voor de moderne mens die tot rust wil komen. Het wordt het laatste.
Als er iets mis gaat roept Martina ‘hoppa, kwestie van mindset’. En met een optimistische blik in haar ogen pakt ze het volgende probleem aan. Als ze bijna van de dak afvalt roept ze ‘aarden’. En ze valt niet. Als haar man beneden in de volgelopen kelder zijn koudwatersessie doet, spiernakend in water van 7 graden ligt ‘ie, roept zij van bovenaf ‘laat hij er maar lekker van genieten’.

Alex belooft nog net geen orgasme

Rozijnen sabbelen

Ze geven een workshop rozijnen sabbelen. Een groep van ongeveer zeven mensen komt op de workshop af waar meer wordt gedaan dan rozijnen smelten. Ze slaan op klankschalen, ademen in en uit en ten slotte gaat de schaal met rozijnen rond. Alex legt uit dat alles begint met ervaren. Je kunt de rozijn doorslikken zoals je je hele leven al hebt gedaan maar je kunt ook de rozijn op je tong leggen, proeven, voelen hoe de rozijn verzacht, versmelt met je innerlijk, je kunt er zacht op bijten met je tanden totdat je het rozijnenvlees voelt flubberen van genot. Alex belooft nog net geen orgasme.

Ik stel me voor hoe ik in die groep zit en die rozijn proestend de meditatieruimte in zou spugen. Dit is voor mij niet weggelegd. Op de opleiding Creatief Schrijven doen we een test om te kijken welke soorten van intelligentie bij ons hoog en laag scoren.

Niet verrassend

Logisch Wiskundige intelligentie ontbrak bij mij volledig. Ik snap het ook volledig. En natuurlijke intelligentie scoorde ook nul komma nul. Dat is wel jammer voor mij want ik zie er wel het nut van in maar het nut heeft mij nog niet gevonden. Tijdens de tienduizend stappen geniet Vriendin zichtbaar van al het moois om en in haar. Ik ben met mijn gedachten bij van alles en nog wat. Hoe manipuleer ik de stappenteller of hoe kan ik zonder het volledig mee te maken die tienduizend stappen dagelijks doen? Ik zoek dus afleiding in mijn hoofd en ik weet het, dat is niet goed.

Kom maar op met die rozijn

Dus wie ben ik om te oordelen over Alex en Martina. Ze doen wat ze willen en ze doen het goed en met overtuiging.

Ik vrees dat ik dat nog niet kan zeggen over mezelf.

En dan is er alleen nog maar de stilte

Het aller, aller ergste vind ik nog dat we er aan wennen, samen. Wennen aan niet meer, nooit meer veilig zijn.

Weer een afschuwelijke aanslag. In Barcelona. Beelden van lichamen, links en rechts over de weg. Een lege kinderwagen. Vrouwen die met een verslagen blik om zich heen kijken. Mensen die in paniek rennen, hollen, weg van de terreur. En dat witte busje.

En hoe er in de media ook gesproken wordt over de stagnatie bij IS, slagen die gewonnen worden, landen die heroverd worden… Wat te doen met al die gekken die hun eigen vlucht naar de heilige hemel boeken?

Vakantie

Slenteren in de zon. Flaneren op je nieuwe schoenen, hand in hand met je geliefde. Barcelona, de stad die iedereen gezien moet hebben. Zon, warmte, temperament. In één keer is het stil op straat. Zo stil dat alleen de echo van geweld doorklinkt in een stad die tot zwijgen werd gebracht.

En dan schrijft Pechtold in zo’n makkelijke tweet: ‘Ideaal van verdraagzaamheid lijkt nu weerloos, maar zal alle waanzin overwinnen’. En ineens kan ik het niet meer hebben. Hoezo, overwinnen? Hoe dan? Pechtold.  Het zijn niet meer de woorden die het doen. Verzin iets, doe iets, red ons. Niet ‘ons’ in de zin van ik en de mijne. Maar ons, mens. Met het vermogen om te denken en lief te hebben.
Kunnen we geen nieuwe God creëren? Een God van iedereen? Of beter nog, helemaal geen God meer. Maar jij en ik die verantwoordelijk zijn.

En ik besef dat mijn woorden misschien net zo leeg zijn als die van Pechtold. Zwijgende woorden zijn het.

Als je ineens werkelijk doorhebt, waar een liedje over gaat

De derde aflevering van Zomergasten was een verwarrende. Gast was psychiater Glenn Helberg, een donkere man, gay, lijsttrekker van Artikel 1 partij en een langzame, doordachte prater. Een fijne psychiater lijkt me, als je je eenzaam voelt en verlaten.

Het ging veel over slavernij. Een indrukwekkend interview met schrijver James Baldwin. Die mij als kijker confronteert met dingen die ik misschien wel niet wil weten. Hij spreekt op zo’n toon dat je je een schoolmeisje voelt die een hele domme fout heeft gemaakt, maar het is oké.

‘You wanted us, now you got us’.

Over de tijd van de kolonisatie en de rol die Nederland speelde. Of over het ‘minderheidsprobleem’ waar het dan gaat over niet-blanke mensen in ons land. Balwin zegt terecht dat als je het wereldwijd bekijkt, wij, de blanken, de minderheid zijn. Kwestie van perspectief.

Lastig

Lastig om er iets van te vinden. Ooit sprak ik de diepzinnigste woorden die ooit over mij lippen zullen rollen: ‘Wat je niet weet, kun je niet weten’. Maar je kunt wel leren om te weten.

I am what I am

Zomergasten ging over mensen, over bazen en slaven, over superioriteit, macht, anders zijn en anders mogen zijn. Het lied I am what I am, kennen we allemaal wel. We zingen het keihard mee als we een feest nog leuker willen maken. Gloria Gayner zong het, Shirley Bassey. Maar het is geen feestnummer. Het gaat over zijn wie je bent, wie je moet zijn omdat je niet anders kunt. Geen vraag maar een statement. Een nummer uit La Cage aux Folles, een musical over twee mannen die een nachtclub hebben. Als je de tekst echt tot je door laat dringen, krijgt het lied zoveel meer betekenis. Ik werd er stil van en ben er twee dagen later nog mee bezig.