CategorieMedia (o.a. televisie)

Anne

jij liet fietsend jouw
blonde lokken wapperen
liet de regen maar stromen
tegen dromen helpt niets
was je los van de wereld
waar het noodweer jou vond

het noodweer verkleed
als een man, als een dier
heb je hem gegroet?
zoals een aardig mens dat doet
en merkte je te laat
het kwaad dat binnen zat?

hoe alleen wil ik niet weten
hoe de lach verdween
de twinkeling in je ogen
bedrogen door bedrog
van een jongen toch, die
je broer had kunnen zijn

in de regen willen springen
niets bedwingen, het leven lacht
het laatst voor jou
die ene keer dat jij schuilde
en huilde omdat er niemand
was behalve dan de

dood werd je gevonden
en herkend als jonge vrouw
huilen wij de luchten grauw
en niemand huilt zo hard
als een vader als een moeder
die jou ooit zo leerde fietsen

Anne en Eberhard

Soms heb je gewoon verdriet. Om wat er dicht om je heen gebeurt. Soms ook omdat iets dichtbij komt. Zonder persoonlijke betrokkenheid want ik ken Anne niet. Ik ken Eberhard niet. Maar toch is er dat trieste gevoel, die sluier van beneveld zijn.

Anne ging fietsen. Ze maakt nog een grappig selfie. Verregend ziet ze eruit met iets van een glimlach in haar ogen. Dan verdwijnt ze spoorloos. Anne is weg. Haar spullen worden gevonden. En je weet, je voelt: dat belooft niet veel goeds. Er gebeuren vaker vreselijk dingen dus waarom maakt deze verdwijning zoveel los?
Gewoon omdat Anne iedereen kan zijn die ik ken. Een buurmeisje, een nichtje, een vriendin, een zus, een moeder. Zij is iedere Hollandse meid die even gaat fietsen en er wordt wat afgefietst in ons landje.

Pas op

Het maakt dat ik tegen iedereen wil zeggen: ‘Doe je voorzichtig?’. ‘Laat je iets van je horen?’ en ‘Ga niet alleen in het donker’. Vriendin laat ‘s avonds laat Ami uit in het parkje. Dat wil ik niet meer. Er zijn heel veel Anne’s maar er zijn ook heel veel gekken. Mannen vaak helaas die ‘in het donker wel doen wat overdag niet kan’. Wat wens ik dat Anne gewoon met de noorderzon is vertrokken. Een waas aan sporen heeft achtergelaten en is verdwenen omdat ze daar reden voor had. Wat wens ik dat.

Burgervader

En dan overlijdt Eberhard van der Laan, niet mijn burgemeester maar wat ik hem graag gehad als ‘burgervader’, zoals hij nu liefkozend wordt genoemd. We wisten dat hij zou overlijden maar de werkelijkheid is anders dan een verwachting. In programma’s wordt hij respectvol herdacht en ik kan en mag daar niets aan toevoegen. Soms heb je geen recht om iets te zeggen. Maar voelen is vrij en dat mag ik volop. Vorige week schreef ik over een zoete pijn. En de zoetheid heeft te maken met de warmte die Van der Laan uitstraalde. Hoe gewoon hij was. Hoe normaal. Hoe vreselijk normaal voor een politicus.

Normaal

Ik las net een column van Bas Heijne. Hij schrijft dat Van der Laan eigenlijk die burgemeester en politicus was die iedereen zou moeten zijn.
Dat wij dat zo bijzonder vinden is eigenlijk heel treurig. Dat er maar zo weinig voorbeelden zijn van dit soort grote mannen of mevrouwen, dat we ‘normaal’ verheffen tot bovenmenselijk. Dat warmte en nabijheid, eerlijk en oprecht slechts voorbehouden zijn aan de enkeling die het kan dragen. Die niets te verliezen heeft.
Maar er is wel verloren. Een gezin verloor een man en vader. Een stad verloor hun verbinder. Een land verloor een ongewone man.

Winst

Maar er is ook gewonnen. Als we straks een burgemeester mogen kiezen, waar ik eigenlijk op tegen ben maar als het dan toch moet, dan kiezen we natuurlijk voor iemand als Van der Laan. Voor een burgemeester waar je hart even van open gaat. Iemand die jou in de ogen kijkt en jou groet als je bijvoorbeeld in dezelfde lift staat. Als ex-ambtenaar van Den Haag ken ik dat soort ongemakkelijke momenten.
Door Van der laan weten we nu allemaal veel beter wat we wel en vooral wat we niet willen.

Als ik naar buiten kijk zie ik de troosteloze grijsheid van een gewone zaterdag en besef hoe gewone mensen kleur kunnen geven aan het leven. Anne en Eberhard. Ze leefden nog lang en gelukkig.

 

 

 

Pas als er gezichten zijn…

Gisteravond bespreken we de afgrijselijke aanslag in Las Vegas. Velen van ons stonden daar zelf een keer. Toch zeggen we: ‘Helaas wennen we aan dit soort tragedies’. De schrok van de allereerste keer is niet meer voelbaar. Maar is dat zo?

Laat thuis bekijk ik nog snel even het nieuws op mijn ipad. Ook over Las Vegas. Er staan foto’s online van de mensen die de aanslag niet overleefden. En die foto’s, die beelden van veel jonge mensen, mensen met partners, kinderen, ouders, vrienden… Al die foto’s. En dan komt het net zo hard binnen als de allereerste keer. Ik voel mijn hart bijna stuk slaan tegen mijn borst. Wat een verdriet weer.

Bijlmerramp

Vandaag is het 25 jaar geleden dat de Bijlmerramp plaatsvond. Beelden die je ook nooit meer vergeet. 25 Jaar, dat is een mensenleven. In die tijd zijn mensen geboren, getrouwd en ouders geworden. Bij RTL Late Night is een Surinaamse vrouw te gast. Ik val midden in haar verdriet, haar verhaal dat ze vertelt. Hoe haar jonge kinderen omkwamen bij die vreselijke vliegtuigramp. De woede die ze jaren heeft gevoeld. Boos op God. Want kwamen ze niet net uit de kerk? Hadden ze niet bewezen aan Hem dat ze goed waren, goede bedoelingen hadden als mens op deze planeet?
De woede verteerde haar van binnen. We zien foto’s van een jongen en een meisje. Haar jongen en meisje. Een jaar of tien oud waren ze, schat ik.

Moeder

En als ze vertelt zie ik hoe de moeder in haar tot leven komt. Hoe ze trots is op haar kinderen, op de prachtige dingen die ze zeiden, op de boodschappen die ze nog steeds ontvangt. En ze krijgt de tijd om te praten en ze heeft ook alle recht om te praten. Vijfentwintig jaar leed verdient een standbeeld.

Voorbij

De woede is weg. Op een dag werd ze wakker en keek in de spiegel. Ze zag een oude vrouw, een zombie. De haat had haar gezicht vertekend. Ze sprak zichzelf toe. ‘Stel dat je nog 40 jaar leeft. Wil je dan die 40 jaar op deze manier doorkomen, op deze manier jezelf kapot maken, je kinderen gedenken?’ De knop ging om. Er kwam weer een andere vrouw tevoorschijn. Ze leeft weer, nooit meer als de vrouw die ze was maar toch leeft ze weer zoals een leven geleefd mag worden. Haar verhaal moet anderen helpen. Tonen hoe sterk een mens is. Hoeveel kracht er schuil gaat in ons.

Mij helpt het. In nederigheid. Want ik weet niet hoe sterk ik zou kunnen zijn. Of ik die test kan doorstaan. Maar door haar en door al die gezichten van hen die er niet meer zijn en die ik niet ken, voel ik me geraakt. En zo moet het ook zijn. Er is tijd genoeg om te wennen aan slechtheid.

Ruzie

Wij kijken (graag) naar Familiediner. Een programma over ruzie in de familie. Hoe groepen, dus ook families, samenleven vind ik altijd heel interessant. De ruzies zijn dat eigenlijk nooit, die zijn soms zelfs totaal onbegrijpelijk.

Gisteravond was zo’n avond. Tenenkrommend gedrag van oudere mensen die zo koppig bij hun gelijk blijven dat ik het eigenlijk niet kan aanzien.
Familieruzie 1: Een kleindochter wil proberen om de ruzie tussen oma en haar moeder bij te leggen. Zowel moeder als oma hebben hun eigen uitleg van het waarom van de verwijdering. Duidelijk is dat moeder haar moeder mist. Er is een kleinkind dat oma zelfs nog nooit gezien heeft. Als oma in beeld komt, een sterke vrouw met krachtige bruine ogen en kort grijs haar wordt duidelijk dat er niets bijgelegd gaat worden.
Oma ‘zeg maar tegen mijn kleindochter dat ze dat diner heerlijk met haar eigen moeder kan opeten. Ik ben en blijf er klaar mee. Ik vind het wel rustig zo.’

Familieruzie 2: Al veertien jaar ziet dochter haar ouders niet meer. Tot haar groot verdriet. Haar vader laat door zijn dronkenmanspraat nogal eens wat steken vallen wat ooit de oorzaak was van de verwijdering. De dochter heeft kanker, dezelfde kanker die haar vader gehad heeft. Ze heeft hem hard nodig, voor steun en warmte. Kleindochter doet een poging om de partijen bijeen te brengen. Op de vraag aan de vader hoe hij het vindt dat zijn dochter ziek is, antwoordt hij: ‘Doet me echt helemaal niets, ik slaap er geen minuut minder om’. Naast deze man zit de moeder/oma van het stel. Zij heeft of mag niets toevoegen. Alsof zij niet de moeder is maar een toevallige voorbijganger.

Grote meneren en mevrouwen

Waarom ik hier zo uitgebreid verslag van doe? Omdat het zo pijnlijk in beeld brengt hoe arm mensen soms zijn. Hoe arm in woorden, in empathie, in mogelijkheden om contact te maken. Hoe moeilijk het is om iemand aan te raken of gewoon zo maar te raken in liefde en aandacht.
Grote meneren en mevrouwen die nooit geleerd hebben het hoofd te buigen, sorry te zeggen, uiting te geven aan gevoelens die van kinds af aan opgeslagen zijn in verharde lijven. Verdrietig om te zien en verdrietig om in zulke gezinnen op te groeien.

Verplicht vak

Vaker is geopperd om ‘communicatie’ een apart vak te maken op school. Maar ‘communicatie’ klinkt te zakelijk en afstandelijk wat mij betreft. Het gaat om veel meer. Om voelen, om delen, om herkennen wat je voelt en waarom je het voelt. Om troosten, om aanraken, om liefde een kans te geven. Het erge is dat ik denk dat in de families die in deze uitzending te zien waren, die liefde er wel zit. Maar zo diep weggestopt dat de eigenaar zelf het niet meer kan vinden. Pijnlijk om te zien maar waarschijnlijk nog pijnlijker om zo te moeten leven.

Veerkracht

De mooiste definitie die ik tegenkom als ik ‘veerkracht’ google is deze: het vermogen om na te zijn uitgerekt of ingedrukt, weer de oorspronkelijke vorm of positie in te nemen’.

‘Veerkracht’ is het woord dat in mij opkomt als ik zojuist het interview terug hoor met Simone Kleinsma in De Wereld Draait Door. Maar ook het woord dat ik voel als ik de afscheidsbrief lees van burgemeester van Amsterdam, Eberhard van der Laan. Kleinsma is achterblijver van haar grote liefde, Guus Verstraete, Van der Laan gaat de tijd die hem nog rest, doorbrengen met wie hij achter gaat laten.

Oorspronkelijke vorm

Kleinsma staat dit weekend in het DeLaMar theater voor de première van Was getekend, Annie M.G. Schmidt. Zij zingt daar een lied over het doorgaan zonder partner zoals ook Annie M.G. Schmidt moest na het overlijden van haar man. Hoe doe je dat? Zingen over de pijn van een ander terwijl je eigen pijn zich nog in een stadium van ontluiken bevindt? Ik vermoed dat je pas weet wat veerkracht is als je zelf zo’n tragedie hebt meegemaakt in je leven. En je oorspronkelijke vorm terugvinden, kan dat? Het zal er verdacht veel op lijken en met een vluchtige blik zal het verschil niet te zien zijn. Maar de oorspronkelijke vorm is er niet meer, wordt uitgebreid met kleine inkepingen of uitstulpingen. De inkepingen die we allemaal in onze eigen vorm een plek proberen te geven.

Verlies is meer dan ‘zonder’

Ik weet niet of ik veerkracht heb. Er zijn van die dingen die je pas weet als je ze meemaakt. De vraag stellen maakt wel dat ik me meer bewust ben van de veerkracht van mensen om mij heen. Die iemand verloren zo dicht bij het hart dat er scheurtjes in ontstonden. Ik weet ook niet of het een kracht is die je zelf ontwikkelt of is die kracht er omdat je toevallig zo in elkaar zit. Dat je na verlies weer een glimlach ontdekt, je plotseling een melodie neuriet of een kindje wiegend in slaap sust. Wat maakt dat je doorgaat? Ik kan niets anders bedenken dan dankbaarheid voor wat je is overkomen aan liefde in je leven.

Zonder liefde ben ik in ieder geval weerloos.

Sad and yet

Soms hoor je iets waar je je even door van slag bent. Zoals gisteren. Iemand vertelt dat Renate Dorrestein, niet lang meer te leven heeft. Ik ken haar niet persoonlijk maar ik ken haar van de vele prachtige boeken die ze heeft geschreven. Wat zonde en natuurlijk weer die klote ziekte.

Er staat een interview met haar in de Volkskrant. De krant die ik niet heb. Als ik thuiskom zegt Vriendin: ‘De Volkskrant lag in de bus’. Op de voorkant de foto van Renate Dorrestein.

Verademing

Ik heb er eerder over geschreven. Mensen die zeggen: waarom overkomt ons dit nu? Deze ziekte, deze klap op mijn kop. De vraag wordt weinig gesteld bij een blije gebeurtenis.  Als je jezelf die vraag stelt, stel hem dan altijd. Ik draai de vraag graag om: ‘waarom ik niet?’. Dat komt toch dichter bij de waarheid dat we niet verdienen iets wel of niet te krijgen. Soms is het gewoon zo. Verdrietig en pijnlijk.

Renate Dorresteins partner zegt: ‘één op de drie mensen krijgt kanker. Waarom wij niet’. Zij beaamt dat. Ja, waarom wij niet? Als een arts zegt haar niet te begrijpen, omdat ze geen operatie wil en ze toch nog ‘zo jong is’, antwoordt zij dat jong of oud zijn, betrekkelijk is, ‘alsof je niet ophoudt onmisbaar te zijn’.

Ik zou het hele interview kunnen overtikken hier maar dat is pas echt onzin. Maar het is zo’n optimistisch geluid over een intens droevige periode. Ze is natuurlijk verdrietig en wanhopig bij vlagen maar er is geen woede of verongelijktheid.

Mooie zinnen

Ze kan in zulke rake zinnen mooie en minder mooie dingen zeggen. Je snapt precies waarom zij die goede schrijver is geworden. Misschien niet omdat ze knap kan schrijven maar omdat ze knap kan leven, knap kan denken. ‘Je weet dat je ooit doodgaat maar als het je wordt aangezegd, sta je er toch versteld van hoezeer je hier niet op gerekend had’.

Dat nieuwe boek, Reddende Engel, moet ik hebben.

Verliefd op hotel romantiek

Foto © KRO-NCRV

Als kijker zwijmel ik mee als de ouderen zwijmelen als ze met elkaar eten, dansen, treinen. Wat een  mooi en lief programma is het toch: Hotel Romantiek. Gepresenteerd door de jongens van Lab TV en Marlijn Weerdenburg.

Eerlijk gezegd had ik bij de jongens va Lab TV mijn twijfel. Ik moet altijd erg om ze lachen maar ik zou het vervelend vinden als ze over de ruggen van kwetsbare, oudere mensen, grappen gaan maken. Maar niets is minder waar. Zij maken het nog meer waard om te kijken. Ze zijn zo zoet aanwezig op de achtergrond en geven schattige commentaren. Als een ouder stel elkaar een kusje geeft, dansen zij bijna van blijdschap. ‘Zullen we ook kussen’, vragen ze elkaar.

Geen gedoe

Wat duidelijk is aan deze ouderen die al een heel leven achter de rug hebben: ze willen geen gedoe. Ze willen gezelligheid, aanraking, aandacht en leuke dingen doen samen. Geef ze eens ongelijk. Dat wil ik ook. En liever ook geen gedoe. Dat valt nog niet mee voor Anke. Zij heeft al een nacht doorgebracht in een speciale villa met Rieks, een heer van stand. Ze vinden elkaar aardig. Maar als Rieks de volgende dag een andere dame kiest voor een tochtje op de rodelbaan is Anke van slag. ‘Rieks zei dat hij niet zou rodelen’, zegt ze teleurgesteld. Maar de heren staan in de rij voor Anke en Anke weet van wanten. Als ze de stang van het rodelkarretje niet dichtkrijgt, zegt ze kleinemeisjesachtig  ‘zie je wel, ik heb gewoon een man nodig’.
Welke man is daar tegen opgewassen?

Verhalen

Een vrouw die haar dochter heeft verloren zegt ze dat ze deze week bij Hotel Romantiek zoveel gelachen heeft als in een heel jaar. Dan krijg ik ook een glimlach om de lippen. ‘Misschien’, zegt de vrouw, ‘maakt dat lachen meer los en voel ik daarom ook dat er wellicht ruimte is voor iemand in mijn leven’. Het is gun-televisie. Je gunt iedereen de liefde voor de rest van hun leven. Bij de mannen is er ook eentje met pretlichtjes in zijn ogen. ‘Ik was een player’, zegt hij. Je ziet meteen aan mij als ik verliefd ben, dan gaan mijn ogen nog meer glimmen. Hij heeft gelijk. Zijn ogen glimmen de hele uitzending ondeugend van links naar rechts.

Casting

Ze zullen lang gedaan hebber over deze mix van deelnemers. Want eerlijk gezegd ken ik meer zeurders dan optimisten onder de ouderen van vandaag. En juist het ontbreken van zeuren maakt dit programma zo fijn om naar te kijken. Maar dat er wel koppen op zitten, dat is weer helemaal goed. Dat verdienen ze ook na zoveel jaar.

 

Hotel romantiek : gewoon lief

Het nieuwe televisie seizoen is weer begonnen. Veel nieuwe programma’s en voor het eerst ook gericht op de oudere medemens. Omroep Max scoort al jaren goed dus nu durven andere omroepen het ook aan.

Tijdens de promo zei Vriendin: ‘Goed idee, zo’n programma voor oudere mensen’. Ze zei het op een toon alsof het een hele speciale doelgroep betrof.
‘Over niet zo heel veel jaartjes passen wij er ook in’, herinnerde ik haar. We werden er beiden stil van. ‘Oud’, dat zijn anderen maar wij toch niet? En gelukkig hoeven wij niet op zoek naar romantiek maar we weten heel goed hoe dankbaar en blij je kunt zijn als je op oudere leeftijd weer een liefde ontmoet.

Gewoon lief

Dat is eigenlijk alles wat ik nu van het programma kan zeggen. Het gaf me een blij gevoel. Zo veel verschillende mensen, sommigen waar de diepe rimpels op het gezicht verhalen vertellen over toen, sommigen met hippe haren en kleding, mensen die gescheiden zijn of ineens na zestig jaar huwelijk: weduwe of weduwnaar. En dan de draad weer oppakken?

Vroeger keek ik naar tieten

Eén man bekijkt de foto’s van de vrouwen. ‘Lieve uitstraling’, zegt hij als hij wijst naar een foto van een blonde dame. ‘Vroeger keek ik alleen  naar tieten, maar nu niet meer, tieten….’. Hij zwijgt alsof hij wil zeggen: ‘wat zijn tieten nu helemaal als je gewoon een lieve vrouw kan treffen’.
Er is een stille, introverte man bij. Veertig jaar lang liep hij voor de fanfare uit. Een vrouw mompelt: ‘Ik vind het leuk als een man een hobby heeft’.

Elvis-fan

Er zijn twee Elvis fans bij. Een vrouw met blond haar en rimpels als littekens op het gezicht. Het verdriet en teleurstelling over het leven sijpelen er nog net niet uit. En een man in zwart leer en lange haren. Een overjarige motorman. Ook hij houdt van Elvis. Ik weet zeker dat zij van elkaar gaan houden. En nu al gun ik het hun zo!

Intriges

Maar dit was de eerste aflevering. Je kunt op je vingers natellen dat na zonneschijn ook regendruppels zullen vallen. Dan steken al die menselijke karaktertrekken de kop op. Jaloezie, nijd, eenzaamheid, verdriet. Ik hoop dat er niemand uit de groep valt of alleen overblijft. Dat mag alleen als iemand zegt: ‘Goed dat ik heb meegedaan. Nu weet ik weer dat ik het heel goed heb in mijn eentje. Laten we het zo maar houden’.

Dan kan ik het aan.

Zomergasten is pootje baden voor de televisie

VPRO’s Zomergasten vind ik één van de leukste televisieprogramma’s die ik ken. Niet altijd natuurlijk en afhankelijk van presentator en zomergast, maar verrassende televisie. Leerzaam, rakend, onderhoudend.

Janine Abbring, de presentator dit seizoen, kende ik niet. Een leuk mens, licht kritisch en open. Die mag terugkomen wat mij betreft. Op de aflevering van gisteravond had ik me echt verheugd. Claudia de Breij te gast. Maar ik merkte dat ik na een kwartier al enigszins onrustig op mijn stoel zat, ging er nog iets gebeuren?

Nee. Dit was gewoon Claudia de Breij. Waar ik toch al van hield. En Claudia de Breij laat zich genoeg kennen via de teksten die ze schrijft dus daar zat weinig verrassends bij. Dat had ik kunnen verwachten. Dat ze hoopvol gestemd is, uit gaat van het goede van de mens en gelooft in de liefde… ik wist het.

Het mooiste fragment wat mij betreft, is bovenstaande foto. Een optreden van Barbara Streisand met Judy Garland. Twee vrouwen die ik ook enorm bewonder. Judy Garland, moeder van Liza Minelli, die zichzelf een overdosis gaf maar zong ‘somewhere over the rainbow’.

Perfecte zomergast

Wat is nu de perfecte zomergast voor mij? Iemand die ik niet goed ken, die mij iets kan laten zien en voelen dat nieuw is. In principe kan dat iedereen zijn. Een wetenschapper, een sportmens, een arts, een schrijver, een vrouw, een man: een verhaal. Daar gaat het om, een goed verhaal.

Maar het is weer voorbij. Zomergasten 2017. Jammer maar ook wel fijn. Blijft er meer tijd over voor andere verhalen.

Van apatheïst tot GG rubbing

In Zomergasten was dit keer primatoloog Frans de Waal te gast. Ik had geen idee wat ik kon verwachten maar toen ik hoorde over apen en apengedrag, was ik verkocht.

Frans de Waal legt uit waarom wij zo graag naar apen kijken maar er niet mee vergeleken willen worden. De mens als omhoog gevallen aap: daar voelen we ons te goed voor. Ik kijk ook graag naar apen, net zoals ik graag naar mensen kijk in een programma als Utopia. Gedragingen observeren van ‘mensapen’ die de camera vergeten en hun soms waardeloze zelf kunnen zijn.

Liefdesgen

Voor het gemak noem ik dat maar even zo. Het is mogelijk om bij muizen een gen zo te manipuleren dat ongewenst gedrag verminderd wordt en er ‘lieve’ muizen ontstaan. Eureka!!!! Kunnen we niet wat proefpersonen afstaan aan onze primatologen en andere wetenschappers. Ga je gengang zou ik zeggen.

GG rubbing

Ik veerde geamuseerd omhoog toen ik hoorde dat vrouwelijke bonobo’s (de kleinere variant van de chimpansee) openlijk plezier beleven aan het wrijven van de genitaliën tegen elkaar. GG rubbing. In plaats van een high five is het een aardige variant als groet. En volkomen geaccepteerd in de wereld van de bonobo’s. Nog een aardig wetenswaardigheidje: de bonobo wordt wetenschappelijk niet als vol gezien omdat zij te weinig agressie tonen. Ze gaan voor liefde en verzoening. Een soort van hippie-aap. Maar omdat de focus vooral gericht is op agressie en macht bij apen, is de hippie natuurlijk een flauw aftreksel van de ‘werkelijkheid’.

Apatheïst

Frans de Waal noemt zich een apatheïst. Geen atheïst die ‘gelooft’ dat er geen God is maar een apatheïst. Iemand die volkomen apathisch reageert op het wel of niet bestaan van een God. Het doet er niet toe. Wat een heerlijke kijk op geloof. En ook geloofwaardig want we staan er in ons eentje voor, in dit leven. In het verkloten of mooier maken van het leven. Geloven in een God maakt mensen niet perse beter dan ze zijn. Integendeel. In Barcelona weten ze er alles van.

Tranen met tuiten

Figuurlijk dan. Er wordt een fragment getoond van het afscheid van Jan van Hooff die afscheid neemt van ‘mama’. ‘Mama’ was de sterke apenvrouw op de achtergrond. Ze is 59 jaar oud als ze overlijdt. Zo ontroerend, mooi en verdrietig. Als je het gemist hebt, bekijk het hier. Zo mooi kan het leven zijn.