Kuddegedrag voor volwassenen

Je zou denken dat het met het klimmen der jaren, de (gemak)zucht om mee te lopen en te voldoen aan een of andere vage norm, afneemt. Maar niets van dat alles. Interessant en intrigerend.

Afgelopen zaterdag kwam er een evaluatie op tafel van de opleiding die wij, veertien vrouwen, nu een jaar lang volgen. Evaluatie vindt meestal plaats aan het eind. Een gemiste kans om alsnog veranderingen door te voeren maar dat is weer een ander verhaal.

Er kwamen veertien vragen voorbij die we elke keer, per vraag, aan elkaar door moesten geven. Al direct bij één vraag, die alleen zij op dat moment te zien kreeg, vroeg een cursist ‘is dit serieus’? Ze stond op, liep het lokaal uit en kwam dertig seconden later weer terug. Toen ook nummer twee dat deed, had ik het wel door natuurlijk. Bleef de vraag wat ze op de gang gingen doen en wachtte ik geduldig en met blijde verwachting mijn beurt af.

Opdrachten uitvoeren

Het doet er niet eens toe wat er op het papiertje stond. Toen ik eindelijk de betreffende vraag onder ogen kreeg, las ik het bericht en dacht heel even: is dit het nu en ga ik dit doen? Ga ik iets doen wat al tien anderen voor mij hebben gedaan, waar ik het nut niet van inzie, de grap niet van snap of zet ik mijn hakken in het zand? Als een braaf meisje liep ik even later toch naar de gang, sloeg twee keer mijn hoofd tegen de muur, kuste een wildvreemde man vol op zijn mond en tikte tien keer mijn tenen aan en liep terug het lokaal in (dit is niet waar hoor, zo ver ga ik ook weer niet voor het algemeen belang. De opdracht was eigenlijk ‘niets’). Ik wist zeker dat een paar vrouwen die na mij kwamen iets zouden doen uit protest of anderszins. Maar niemand. Niemand.

Er werd niet gelachen, er werd niets verklaard, er werd geen diepzinnige betekenis gegeven aan de opdracht. We voerden gewoon uit wat op papier stond. Wellicht voelde we de dreiging van ‘meedoen of verzuipen’ maar het is iets wat me al dagen bezighoudt. Wat weerhield mij er van om te blijven zitten? Om het niet te doen. Ging ik een conflict uit de weg, koos ik voor de makkelijke weg?

Ja. Ja, dat deed ik. Is dat erg? Nee. Maar toch.

Een ding is pas een ding als je er een ding van maakt

Ik wilde gewoon geen ding maken van iets wat het niet waard was ding te worden. Om er uiteindelijk toch een ding van te maken, in dit blog. Misschien was het te verwachten dat schrijfdocenten in spe het liever schriftelijk doen. Met alle consequenties van dien.

 

 

Handenarbeid

Ik was gisteren in het inspirerende Eemhuis in Amersfoort voor de laatste dag van de opleiding docent creatief schrijven. Bij het weggaan gluurde ik door de ramen van het buurlokaal.

Ik ving een glimp op van handenarbeidtafels, van houten krukjes, van gebutste tafelbladen, van een aangeveegde vloer en ik werd echt overvallen door een groot gevoel van weerzin.

Knutselen

Nooit eerder had ik me zo heftig gerealiseerd hoe ik vroeger dit lokaal en de activiteit die doorgaans daar uitgevoerd moet worden, haatte. Hoe ik met fysieke tegenzin zo’n lokaal binnen wandelde om daar een onnozel werkstuk te maken waarbij nut en noodzaak voor mij volledig onduidelijk bleven. Hetzelfde effect had trouwens het lokaal op mij waarin vakken als breien, haken en borduren werden gegeven. Het liefst had ik de zurige non (heel vroeger) en de toch wel lieve juffrouw Bouwman met spelden mijn voodookunsten getoond zodat zij terstond flauw zouden vallen en de les voor onbepaalde tijd afgeblazen zou worden.

Zoveel woorden

Zoveel woorden gebruiken om tegenzin duidelijk te maken. Het overvalt me zelf ook. Maar de aanblik van een leeg handenarbeidlokaal is voor mij nog troostelozer dan een kerkhof bezoeken op een gure, donkergrijze dag. Zo. Dat is er uit. Catharsis geslaagd zou ik zeggen. Pas scholen later leerde ik andere lokalen kennen waarbij mijn hart sprongetjes maakten van opwinding. De toneelzaal bijvoorbeeld met de rode gordijnen. Een podium met lampen. Een microfoon. Of schrijflokalen met pennen en papier. Maar ook sportzalen maakten mij intens gelukkig.

Nee

En wat een luxe om tegenwoordig in welke les dan ook, ‘nee’ te kunnen zeggen. Nee, ik doe even niet mee. Zonder straf of andere consequenties. Hoewel, eerlijk gezegd, ik gisteren ook ‘nee’ had willen zeggen maar het toch maar niet gedaan heb. Daarover morgen meer. Maar wat een vreugde om te beseffen dat ik nooit meer een handenarbeidlokaal hoef te betreden, vieze handen hoef te krijgen.

Ik ben niet in de wieg gelegd voor fröbelen.
Zo zie ik er ook niet uit. En dat hadden ze vroeger ook echt wel kunnen zien.

 

 

 

Alive and kicking

Gisteravond hadden we bezoek, oude vrienden van mijn ouders. En als ik zeg ‘oude vrienden’ dan heb ik het ook over de twintigers die zij toen waren. Mijn ouders zijn er al een tijdje niet meer dus hoe bijzonder is het elke keer als we elkaar ontmoeten.

Dit blog heet niet voor niets ‘Alive and kicking’ want dat zijn ze en hoe. De reizen die ze maken, de weekenden die vol zitten als bij jong volwassenen, de lach die regelmatig door de kamer schatert.
Zij zijn 55 jaar getrouwd. En zij zegt: ‘die 60 die gaan we makkelijk halen’. Onbevangen en zonder voorbehoud. Hoe mooi sta je dan in het leven? Als ik gisteren nog schrijf over een opleiding die een bepaalde periode duurt en hoe spannend ik het vind om een  jaar vooruit te kijken, kan ik hier een voorbeeld aan nemen en dat doe ik ook.

Er tussen in

Meisjes van dertien. Dat liedje van er tussen in hangen en er net nog niet bij horen. Meisjes van vijftig en zestig hebben dat ook. Soms voel ik me ook ergens in het midden staan. Met aan de ene hand collega’s van net twintig en aan de andere hand die mensen die al lang met pensioen zijn. Alleen als je dertien bent is het nog een ding. Nu helemaal niet meer. Met allebei voel je verwantschap. Want twintig… ‘been there done that’. En verderop, ach, je glijdt van het ene moment in het andere.

Jeugd

Vriendin vertelt over vervelende jongeren in de bibliotheek. Die boeken over de balustrade flikkeren en jou uitdagen om vooral jezelf te verliezen zodat zij dat kunnen filmen. En aan tafel spreken we over de tijd die veranderd is. En dan kun je er voor kiezen om deze vervelende hangjongeren als voorbeeld te nemen maar ik neem liever andere jongeren als voorbeeld. Die zijn er ook. Die super gemotiveerd, betrokken en aardig leven.

En zo kun je ook op twee manieren naar ouderen kijken. Een voorland zien van niets meer kunnen en van eenzaamheid of van mensen die meegaan met de stroming.
En ik weet wel, een beetje geluk, een beetje gezondheid, een beetje langer samen kunnen zijn: het helpt allemaal. Maar het is ook iets wat je zelf kunt veranderen, denk ik. De zon blijven zien ook als het regent. Zonder zon, binnen en buiten je, is er niet veel aan. Ik ga hier niet beweren dat ik dat kan. Maar je bent nooit te oud om te leren en mooie voorbeelden te herkennen als je ze ziet.

Wanneer zijn we nu eens uitgeleerd?

Nog twee zaterdagen en dan zit het er op. Voor het gemak ga ik er van uit dat ik volgende week mijn diploma Creatief Schrijfdocent ontvang maar ik moet er nog wel iets voor doen en dat gaat nog beoordeeld worden ook.

Stel je voor dat ik volgende week moet bloggen over de deceptie van een diploma-uitreiking waarbij ik ontbreek. Dat wordt vast een leuk en woedend blog. Maar laat ik maar niet op de zaken vooruit lopen.

Opleidingen

Tijdens een praatje met collega’s op de redactie van het AD komen mijn opleidingen ter sprake. Het zijn er veel en ze zijn gevarieerd. Geen mens kan daar op een logische manier een verbinding in ontdekken. De enige verbindende factor ben ik zelf. Van de middelbare school naar een opleiding Kinderverzorging, en van daar vandaan naar Inrichtingswerk. Toen MO Pedagogiek die ik niet afmaakte naar een opleiding tot yoga-docente. Een opleiding tot hypnotherapeute, een grafische opleiding tot desktoppublisher, een opleiding tot manager grafische bedrijven en van daar uit nog tientallen specialisaties op verschillende gebieden.

Pffffff

Bij elke opleiding die ik startte kon ik maar niet over de duur van de opleiding heen kijken. Die wetenschap dat je over drie, over vier, over twee jaar klaar bent met iets wat je nog niet kan overzien. En dan zijn die jaren voorbij en zijn ze voorbij gevlogen. Ook nu weer. Ik vind het altijd spannend om iets te doen, een besluit te nemen waar tijd mee gemoeid is. Neem een huis kopen dat nog gebouwd moet worden… Aan de andere kant: als je het niet doet gebeurt er ook niets in je leven.

Nu ben ik wel klaar

Ik kijk uit naar het einde van de opleiding Docent creatief schrijven. Voor mijn gevoel heb ik nog nooit zoveel moeten DOEN voor een opleiding. Of ben ik het vergeten? Heerlijk lijkt het me om weer vrije weekenden te hebben, geen ‘huiswerk’ te maken, geen essays te schrijven die ik zelf achteraf niet eens meer begrijp (wat vind ik nou echt???).

Maar ik weet ook dat over een maand of wat er weer iets gaat kriebelen. Dat ik iets wil doen. Dat ik schoppen onder mijn kont nodig blijk te hebben om in beweging te blijven. Of ben ik eindelijk in staat mezelf die schop te geven?

Zijn er opleidingen waar je dat kunt leren en belangrijker nog: hoe lang duurt zo’n opleiding?

 

 

Over mensen en dingen die voorbij gaan

Je hebt wel eens van die mijmermomenten. Een mooi woord: mijmermomenten. Zo’n moment van terugkijken zonder terug te willen.

Mijn mijmermoment begon toen ik een schrijfopdracht ontving naar aanleiding van een foto van een vrouw die heel verdrietig is. Of ik daar even iets bij kan verzinnen. Nu draai ik voor een beetje verdriet mijn hand niet om maar het wilde niet vlotten. Ik belandde al snel in bouquetreeksachtige tekstjes van liefdes die voorbij gaan en het verlangen naar herstel.

Voorbije relatie

Maar ik bleef hangen bij voorbije relatie. Soms kom je iemand tegen van zo’n voorbije relatie. En dan heb ik het niet over een relatie van een maand of twee maar een relatie van jaren. Een relatie van huis en haard samen, een relatie waar je voor getekend hebt. Dan kijk je naar die persoon, misschien praat je samen en sta je toch wat onwennig te staan. Hoe gingen onze gesprekken eigenlijk? Waar hadden we het over en waar kunnen we het nu nog over hebben. Is er nog oud zeer waarvan de ander niets vermoedt?

Vriendschappen

En zo is het ook met vriendschappen die ooit heel heftig en intens waren. Jaren verstrijken, herinneringen vervagen maar er blijft iets hangen. En als je dan de draad weer op wil pakken merk je dat er geen draad meer is. Doorgeknipt of kapot getrokken, wie zal het zeggen. Een draadje dat nog maar armzalig ergens aan bungelt. Vaak aan je eigen hart. Wat moet je met zo’n draadje?

Ik berg ze liefdevol op.
Want sommige draadjes waren heel belangrijk. Hielpen mij naar de overkant of trokken me het rechte pad op. Voorbij is voorbij. Maar liever heel veel ‘voorbijs’ met mooie herinneringen dan geen ‘voorbij’ en ergens blijven steken halverwege.

Ken je haar of ben je haar misschien?

Het vrouwenkoor waar ik de teksten voor schrijf ‘Vrouw & Co’, is druk bezig om alle teksten uit het hoofd te leren. En dat is nogal wat. Dat en waar je moet staan, hoe je moet staan en wanneer dat moet gebeuren…. een hele klus met nog een paar weken te gaan voor het echte optreden.

Gisteren was het een drukte van belang met veertien vrouwen die zich omkleden, in panty’s door de ruimte lopen om een ander jurkje te proberen, een jasje in blauw, in groen of in paars? Veertien vrouwen, lachen, pratend, kletsend, grappen makend.

Vrouwenkoor

Een vrouwenkoor heeft een groot voordeel. Als er wordt afgesproken dat iedereen iets meeneemt voor het eten, dan gebeurt dat ook. Een cateringbedrijf is er niets bij. Voor bij de koffie of gewoon voor de lekkere trek is er een appelcake, een dadeltaart en nog een romige, volle cake. Voor het avondmaal is er de befaamde vierkazenpizza van Ans, een bietensalade met noten, pittige gehaktballetjes, zelfgemaakte soep, een groene salade met geitenkaas, een groentetaart, zelfgemaakte smeersels voor op stokbrood, verse fruitspiesjes, franse kazen en dan vergeet ik vast nog iets. Kortom, we komen niets te kort. En dan moet er nog hard gewerkt worden ook.

Vrouwen van zekere leeftijd

Of het aan die leeftijd ligt is nog maar de vraag maar als je een film zou maken van alle momenten dat vrouwen niet precies weten waar ze moeten staan bij welk nummer en dan gepast en ongepast van positie wisselen… het is een slapstick van hoog niveau. Maar ga er maar eens aan staan. Twintig lange liedteksten uit je hoofd leren, een stukje voorlezen, op het podium en van het podium en wanneer dan precies, een tweede stem, een derde stem, een ‘hummetje’ links en rechts, lachen naar het publiek, stoelen mee op het podium, stoelen weer weg van het podium.
En we zijn maar amateurs met z’n allen maar wel met hart en ziel.

Komt dat zien

Dus komt dat zien in het echt straks op 9 december in Theater CulturA in Nootdorp. ‘Ken je haar’ van Vrouw & Co gaat in première en vraag jezelf af: Ken je haar of ben je haar?
Hier kun je de kaartjes bestellen

 

 

 

Generale

We kregen een nieuwe vloer. En ‘kregen’ is het goede woord. Tijdens een heftige regenbui van een nachtlang is ons parket beschadigd geraakt. En je weet dat het geen klusje van niets is maar zo erg….

Het hele huis moet leeg. De verhuizer komt en besluit dat een aantal dingen gewoon in de keuken kunnen staan. Wij knikken. Na vijf dagen betreden we opnieuw ons huis. De vloer is prachtig. Waar zich eens de keuken bevond zien we een waas van stof van millimeters hoog. En natuurlijk hadden we dat kunnen weten en natuurlijk hebben we daar niet aan gedacht.

Stof, stof, stof

Overal waar we lopen, lopen we het stof door ons huis. Waar te beginnen? Uren later ziet het er al beter uit. Vriendin gaat boodschappen doen en ik neem het aansluiten van alle audio-apparatuur op me. Slim als ik ben had ik de stekkers in de apparaten laten zitten. Dan zou het een makkie zijn. Maar ja, ze moeten ook nog ergens anders in?

En alles communiceert met elkaar: de wifi, de tv, het ziggokastje, de bosebox, de mediabox, de appletv, de luidsprekers, de basmodule…
En ik zeg het verkeerd: alles zou met elkaar moeten kunnen communiceren.

Afstandsbediening

Als alles min of meer weer met elkaar in verbinding staat ga ik op zoek naar de afstandsbediening. Ik vind er een stuk of tien maar niet het ding dat ik nodig heb. Ik kom zelfs een afstandsbediening tegen van honderd jaar geleden. Ik loop tien keer de trap of en af. Zucht, trek dozen open, keer dozen om en herhaal tegen beter weten in alle handelingen nog een aantal keer. Geen afstandsbediening. Ik bel Vriendin. Maar met haar Iphone en Iwatch en Iweetikveel blijft ze onbereikbaar. Mijn hartslag en gemoedstoestand bereiken ondertussen een hoogtepunt.

Ik hoor de auto. De sleutel in het slot. Vriendin met een brede glimlach, zegt ‘hoi schatje’. Ik gooi er alleen maar uit: ‘afstandsbediening’, ‘weg’, en nog wat lelijke woorden. Ze loopt naar de eettafel, trekt het laatje open en geeft mij het ding.

Zucht

Dus eindelijk kan ik controleren of het werkt. En het werkt n i e t. Uren later komt er geluid uit beide boxen, dreunt de bas zoals ik het wil, werkt de radio en werkt de televisie, kan ik mijn muziek weer aansluiten en helpt Vriendin mij op de bank.

Dit is een mooie generale, zeggen we tegen elkaar.
Over een jaar mogen we nog een keer maar dan helemaal. Ik verheug me er al nu al op.

Oepsmomentje

Vriendin en ik hebben samen aardig wat oeps-momentjes gehad. Ze gebeuren spontaan bij ons, zonder voorbedachten rade. We hebben allebei hetzelfde onnozel-gen. Niet handig om dat samen te hebben, maar wel grappig.

Bij Bregje, een restaurant in Zoetermeer halen we herinneringen op aan een gigantisch oef-momentje van jaren geleden. Toen wij een groep van zo’n twintig man hadden uitgenodigd voor een etentje. Waarschijnlijk ter gelegenheid van de hulp bij mijn zoveelste verhuizing. In Leidschenhage staan aan het water een aantal restaurants naast elkaar. Door het glas heen kan je bij de buren naar binnen gluren.

Reservering

Als wij met broer en schoonzus bij het restaurant aankomen zijn we lichtelijk verbaasd als blijkt dat onze reservering niet goed is doorgekomen. Maar de ober wrijft zich in de handen, alles komt goed, zegt hij. Met man en macht gaan ze aan de gang, slepen met tafels en dekken ze voor twintig man. Ondertussen zitten wij aan de rosé, genietend van de ondergaande zon.

Daar komt het oeps-moment

Mijn blik dwaalt af naar het restaurant naast ons en door de ruiten van dat restaurant naar het volgende. Daar valt op dat er druk gezwaaid wordt naar ons. Ik herken iemand, ik herken nog iemand. De verbijstering kleurt zich langzaam rood vanaf mijn enkels tot mijn kruintje. ‘Jongens’, kreun ik en sla alleen maar jammerkreten uit. Zij volgen mijn blik en bij iedereen valt op het zelfde maar te late moment het kwartje. We zitten in het verkeerde restaurant.

Op mijn knieën ben ik naar de ober gekropen, heb zijn schoenen gelikt en mijn fout aan hem bekend. Hij kon er om lachen. Wij al lang niet meer. We zijn het restaurant uit gevlucht en zijn rennend binnen gelopen bij het restaurant waar we de reservering wel hadden gemaakt. Inmiddels zat daar iedereen al onder de tafel van het lachen.

‘Echt weer iets voor jullie’

Het werd gezegd en is daarna nog vaak gezegd. We hebben een naam hoog te houden. Maar beseffen we bij Bregje: Dat kost ons nu eens geen enkele moeite.

 

 

Mama

Wij rijden gisteren anders Zoetermeer binnen dan normaal. Bij het stoplicht herken ik (en dat is voor mij heel bijzonder) de weg die we insloegen als we naar mijn moeder gingen.

En ik krijg de neiging om tegen Vriendin te zeggen: ‘rijd eens diezelfde weg’. Laten we langs haar oude huis rijden, aanbellen, en kijken of ze thuis is. Kijken of ik haar nog ergens kan ontdekken, haar geur kan ruiken in hoekjes die misschien nooit goed schoongemaakt zijn door de nieuwe bewoners’.

Kijken of ik haar zie zitten in die zachte, zwarte pantalon: de broek van een vrouw die nooit broeken droeg. Vijf dezelfde had ze.
Kijken of die pot snoep in de keuken er nog staat, met Engelse drop.
In de keurig opgeruimde keuken een kopje koffie voor haar inschenken en van een afstand zien hoe zij haar vingers zenuwachtig beweegt, haar eigen handen grijpt om houvast te vinden.

Haar stem weer horen. Een zachte stem was het, een mooie stem eigenlijk. Zien hoe ze elke keer kleiner werd, een schaduw van de vrouw die ze ooit was. Haar hand voelen in de mijne die ze dan altijd heel snel weer terugtrok. Een zachte hand, wittig en vol. Haar op de wang kussen als ik weer wegging.

Er zijn bijna geen moeders meer

Waarom ik er ineens zo mee bezig ben? De plek natuurlijk maar ook omdat er deze week opnieuw een moeder overleed.
Het ouder worden is merkbaar in het ontbreken van ouders in je vriendenkring. Een hele rij stoelen die leeg blijft en nooit meer gevuld worden.

Telefoon

In het adresboek van mijn telefoon staat nog steeds mijn moeder. ‘Mama’. Ik kan het niet verwijderen en dat is goed. Het heeft ook iets liefs, iets vertrouwd en voelt veilig. ‘Mama’.

 

 

 

Henny Huisman een eigen museum… Nederland denkt groot

Een foto uit de oude doos. En dat is precies waar ik het over wil hebben. Televisie van de oude doos.

De enige televisieprogramma’s die ik momenteel nog interessant vind zijn actuele nieuwsprogramma’s, talkshows enzovoort. Want alles kan beter en sneller op bijvoorbeeld Netflix of met alle ‘on demand’ functies die we in huis hebben. Ik kijk altijd naar Pauw. Of Jinek, maar in ieder geval dat programma op dat uur van de dag.

Henny Huisman en Gerard Joling

Gisteravond waren Henny Huisman en Gerard Joling te gast. Kan of moet kunnen maar echt verwachten doe ik ze niet bij Pauw. Wat blijkt en is ook gebleken bij heel veel tv-optredens van good, old Henny: Henny Huisman heeft een eigen museum. Over zijn spraakmakende carrière en de geweldige dingen die hij deed.

Ik heb vroeger ook best genoten van Henny en de dingen die hij deed, (sorry, van Joling heb ik nog nooit genoten). En dat Henny Huisman gezellige dingen heeft gemaakt voor tv-kijkend Nederland: mooi. Hij was zijn salaris dus waard. Maar een museum? In elk programma mag hij leuke herinneringen ophalen aan de mooie tijd. Gerard Joling helpt hem bij Pauw ook nog aan leuke anekdotes. Ze zijn zo blij met zichzelf en al die ontelbare successen. Al die gouden platen, al die prijzen, al dat geld dat ze verdiend hebben.

Pauw lacht

Het erge is, ik verwacht elke keer een sneer van Jeroen Pauw. Om de heren de les te lezen of ze weer bij de les van de realiteit te betrekken. Maar nee. Pauw roept ook wat luchtige dingen en zit zijn tijd uit. Aan tafel zit ook omroepbaas van Max: Jan Slagter. En weer doet Huisman een flirterig beroep om de man, want hij is echt nog niet uit gepresenteerd. De enige man met ballen aan tafel is Jan Slagter. Hij wordt in een positie gedwongen om eerlijk te zijn want anders zit ‘ie vast aan een nieuwe Soundmixshow van HH. Hij zegt: ‘Je wil te graag’. Als ik het vrij vertaal zegt Slagter: Soms gebeuren dingen spontaan en worden het successen. Dat kan ook bij jou. Ik zeg niet voor altijd ‘nee’ maar ik zeg zeker ook geen ‘ja’.

En Pauw. Waar bleef je met je vileine vragen? Je cynische blik? Je vermanende vingertje. Ook niet altijd fijn om naar te kijken maar beter dan dat zinloze, lege gebabbel over mannen die hun eigen successen nog eens vieren door elkaar open en bloot veren in de kont te steken. Gadver.