Groen sapje?
Peiling: GroenLinks-kiezer gaat voor Sap
En daar ben ik toch wel blij mee.
Tofik Dibi is dapper, want het vraagt nog wel wat om je zelf kandidaat te stellen in deze heksenketel. Ik weet niet zo goed wat ik vind van hem. Een eigengereid mens, iemand die voor zijn mening uitkomt, een idealist, een believer. Maar dit vond ik geen beste stap. Want stel dat Sap het gaat redden wat gebeurt er dan met Tofik? Mag hij gewoon mee blijven doen….
Nu wordt er nog vriendelijk om gegaan met de ‘dappere daad’ maar het is een kleine stap naar ‘messteek in de rug’.
Ziekenbezoek
We gaan onze tante bezoeken die tijdelijk is opgenomen in een verzorgingshuis. Tijdelijk, dat is wat we hopen. Als we haar kamer binnenlopen ligt ze diep in slaap, omringd door zuurstofflessen. Een akelig gezicht. We sluipen de kamer weer uit. Haar wakker maken is ook zo iets.
Door het zien van deze beelden zie ik ook mijn eigen vader weer aan de zuurstof liggen. Happend naar adem. De sticker op de deur: verboden te roken. Dezelfde sticker hangt ook aan de deur van de kamer waar mijn tante ligt.
Door het zien van de beelden zie ik ook mijn eigen moeder weer liggen in het verpleeghuis. Tijdelijk. Wat was ze vrolijk toen.
Een zuster heeft mijn tante gewekt om het zuurstofgehalte te meten en raadt haar aan niet te praten maar alleen maar te knikken met het hoofd. Maar dan ken je mijn tante niet. Ze fluistert haar hele verhaal. Hoe goed het ging. Hoe akelig het werd. Hoe rot ze het vindt ons niet optimaal te kunnen ontvangen, hoe blij ze is met de bloemen, hoe graag ze nog verder wil, hoe ze daar alles aan gaat doen.
Op het kastje staan foto’s van haar twee overleden dochters en haar overleden man. Een triest rijkdom. In niets doet zij mij dan denken aan mijn moeder. Ze maakt zelfs nog een grapje als ik, met oude bloemen om weg te gooien, de kamer uitloop. “Niet pikken heh’, zegt ze en lacht zoals alleen zij kan lachen.
Mijn tante. Ik hoop dat ze er nog bij blijft. Voor haarzelf maar ook voor ons. Optimisme kunnen we allemaal gebruiken maar er zijn er maar weinig die het kunnen geven.
Borstvoeding: issue of niet…
Hoeft het niet te zijn maar deze cover van Time is dat wel. Ik begrijp dat wel. Hoewel moeder en zoon, roept dit plaatje geen moederlijke gevoelens op. Stel je voor dat het niet zijn moeder was, wat vinden we er dan van? Kan het, mag het? En kan het nu het zijn eigen moeder blijkt te zijn?
Wat mij stoort is dat er duidelijk geposeerd wordt. Hoe vaak heeft het jongetje de tepel in zijn mond moeten doen?
Borstvoeding voor oudere kinderen.. ik ben er niet echt aan gewend. Het zou moeten kunnen maar als ik een vijfjarige te pas en te onpas moeders blouse omhoog zie duwen om in haar tepel te bijten… Ik weet het niet.
Jongens tegen de meisjes
In het atrium van het Haagse stadhuis zijn regelmatig tentoonstellingen. Dit keer iets over Den Haag ontmoet Den Haag. Een project van diverse scholen. Er staan borden met foto’s en briefjes waarop kinderen iets geschreven hebben. Zoals dit:

‘We deden jongens tegen de meisjes’.
Toen ik dit las werd ik echt honderd jaar terug geworpen. Dat deden wij ook! En voor ons deden ze het vast ook al. Jongens tegen de meisjes…
Wat doe je dan…. voetballen, touwtje springen? Het maakt niet uit, als het maar tegen elkaar is, en dat spel duurt een leven lang. Soms noemen we het ‘samenwerken’, ‘gelijkwaardigheid’ of ‘huwelijk’, maar er komt altijd een moment dat we even tegen elkaar zijn. Voor het spel, niet voor het eggie. Want we kunnen niet zonder elkaar.
We doen heel lang of we hetzelfde zijn en voor een heel groot deel zijn we dat ook. Maar niet in alles en dat is maar goed ook. We deden jongens tegen de meisjes verloopt wel altijd hetzelfde. Wie wint en verliest er? Als meisjes verliezen, dan hoort dat ook eigenlijk zo. Wie zit daar mee?
Maar als de jongens van de meisjes verliezen… oh, berg je dan maar. Dan was het spel niet in orde of was er iets anders helemaal niet goed.
Als volwassenen doen we alsof dat niet meer zo is. Maar dat is een leugentje. En dat weet jij. En dat weet ik.
Schijtziek.
Schijtziek word ik er van. Kan geen ander woord bedenken dat zo past bij mijn stemming. Waar gaat het over? De ambtenaren hebben na achttien maanden een cao-akkoord afgesproken waarin ze in gedeelten 2 % loonsverhoging krijgen en een eenmalig uitkering van 200 of 400 euro.
Nu het lente-akkoord spreekt over de nullijn voor ambtenaren gaan er diverse stemmen op die zeggen: kijk dan, die ambtenaren wel!
Voor de duidelijkheid. Ik ben ambtenaar. En eerlijk gezegd kan ik me er ook bij neerleggen als we die nullijn nu al inzetten maar… ik word zo schijtziek van al die reacties van mensen die de ambtenaren met de grond gelijk maken. Kom met argumenten maar kom niet met stompzinninge opmerkingen.
Een paar voorbeelden:
Ook daarom de pvv
Waarom betaal ik eigenlijk het salaris van een ambtenaar als ik er alleen maar last van heb en ze absoluut niet efficiënt werken.
Als er een groep is die slapend rijk wordt zijn zij het wel.
Ja, natuurlijk, en ook nog steeds met vervroegd pensioen gaan
Ik zal het maar gewoon eens zeggen, ik ben dit land meer dan spuugzat. 12 September komt hopelijk alsnog het zo lang beloofde ‘zoet’, lees PVV. En anders vertrek ik zou gauw als ik kan naar Duitsland.
Ja prachtig allemaal gewoon loonsverhoging geven ben blij dat ik gestopt ben met belasting betalen want dat was het slechtste idee van mijn leven.
Pensioen naar beneden maar die slapende amtenaren krijgen gewoon loonsverhoging
Ik vind het belachelijk dat iedereen moet in leveren en de hoge heren-dames de dans ontspringen, dit kan je niet maken tegenover het volk.
Ik kan zo nog uren doorgaan. Het doet me ook denken aan de pvv-stemmer. Iedereen krijgt de schuld. Wijzen en schoppen. Ontevredenheid viert hoogtij.
Ik had me zo voorgenomen me hier nooit door te laten raken, die anti-ambtenarenhouding. Maar dit is de zoveelste keer dat wij het te verduren krijgen. Door idiote veronderstellingen.
Alsof ambtenaren alleen maar de tijd uitzitten. Alsof er geen ambtenaren zijn die ‘arbeid’ verrichten in de meest elementaire vorm van handen uit de mouwen steken. En eigenlijk baal ik er van dat ook ik met cateringmedewerkers en schoonmakers kom; de sjouwers en de zwoegers, want er zijn ook ambtenaren die vergaderen, beleid maken, moeilijke gesprekken voeren, heel hard werken. Die niet weten van een veertigurige werkweek.
Er wordt niet efficiënt gewerkt. Daar moet iets aan gedaan worden. Er kunnen ambtenaren uit.
Maar de ambtenaar is een radartje in de hele gemeentelijke molen. Soms draaien de radartjes hard en soepel maar grijpen niet in elkaar. En dat moet gebeuren.
Maar houd eens op met zeiken en ga iets DOEN.
Als het weer lente is geworden.. roep me dan
Waarom hebben wij zoveel woorden met een dubbele betekenis?
Weer en weer. Twee gelijke woorden met een totaal andere betekenis. Wie heeft dat verzonnen?
Zomaar wat voorbeelden:
Mag ik jouw kussen? Mag ik jou kussen? (Ik weet wel, het is het weetje dat het hem doet, maar die hoor je nauwelijks).
We gaan een bank overnemen. We gaan de bank overnemen.
Ik heb haast. Ik hoor het haast niet.
Ik duim voor je. Dit is mijn duim.
Je moet zeven. Je krijgt een zeven.
Alle lof. We eten lof.
We gaan naar moe. Ik ben moe. Ma is moe.
Het tocht. Onze tocht is heerlijk.
Wat is de prijs. Je hebt de prijs gewonnen.
Ik weet het. Geen opzienbarend bericht.
Maar ik zit met het weer in mijn hoofd en in mijn maag. Omdat het maar geen lente wordt praten wij weer over het weer.
Daardoor maakte ik deze uitstap. Zoals honderdduizenden voor mij.
Maar de zon gaat er niet door schijnen …
als het weer lente is geworden… roep me dan
Moederdag. Het went niet.
Moederdag
Het went niet.
Geen cadeautje hoeven kopen. Je was geen moeder die zei: “Wat een gekkigheid, moederdag? jullie hoeven niets te geven en als je niet kan komen, big deal!’. Zo’n moeder was je niet.
Je wilde wel cadeautjes, het liefst iets dat je voor de rest van je leven gelukkig zou maken. Dat wij dat niet konden doen, dat wisten we allemaal. Maar de illusie hielden we graag in stand. Een glimlach, blij zijn, tevreden. Al was het maar voor de tijd dat wij er waren.
Moederdag
Het went niet. Nu de derde keer zonder moeder. Altijd in mei, de maand dat mijn vader stierf, ben ik met mijn moeder bezig. Door de reclames die we horen: verwen moeder, koop dit, koop dat…
De druk is weg want moeder is weg.
Toch zou ik er iets voor geven om weer een lullig flesje Dove te kopen of dure tickets voor het theater, een strijkijzer die vanzelf strijkt, een oplaadbare alleskunner.
Alles zou ik er voor over hebben om je nog één keer te zien glimlachen. Je te knuffelen en zeggen dat ik van je hou. En je mis.
Hoe zeg je ‘mafkees’ in het Grieks? ilíthio?
Vieren we net de dag van de Vrijheid. Danken we God op onze blote knieën deze mazzel te hebben, te leven in een land waar we vrij zijn. We kunnen doen en laten wat we willen, je moet het wel heel gek maken wil het niet lukken.
Nee, dan de Grieken. Uit pure frustratie of een stem voor ultra links of een stem voor ultra rechts. Ach, het maakt ook niet zoveel uit en dit bedoel ik niet eens cynisch. Maar al die zetels voor de neo-nazistische Gouden Dageraad? Ze hebben een flink aantal zetels gewonnen en dat zullen we weten. Alle buitenlanders er uit. Met knuppels en bommen. De Grieken zijn geschrokken van deze ultra rechtse draai in hun zonnige land. Ik hoop dat ze flink geschrokken zijn. Dat het niemand lukt om met deze partijen een coalitie te vormen en dat er dan nieuwe verkiezingen moeten komen.
Dat de Grieken inderdaad weer bij zinnen komen en anders gaan stemmen nadat is beloofd dat er iets gedaan wordt aan de armoede en de onmenselijke toestanden waarin ze moeten leven. Bezuinigen is één ding, kreperen is een ander. Geef mensen hoop op iets beters.
Elke ilíthio weet toch dat belonen eerder helpt dan straffen.
Hollande… en andere ongemakken
Dat is het enige zinnige dag ik kan melden over de man. En socialist. Dat is goed. Maar nu?
Dan hebben we het nog niet eens over de Grieken?
En ons eigen wandelgangenakkoord? Wat betekent dat nog na de verkiezingen?
En het CDA?
Met allemaal lijstrekkers die eerst niet willen en dan weer wel. Maar dat is misschien ook het enige herkenbare aan het CDA!
Vandaag wordt bekend gemaakt wie van de twaalf! mee kunnen doen aan de verkiezing.
Feijenoord wint en viert tweede plaats zoals Nederland ooit de tweede plaats vierde. Ik ben Feijenoord-fan maar wat zegt het over een club en over een land dat we een tweede plaats vieren? Omdat 1 niet haalbaar is, nooit haalbaar is? Sneu land dan toch.
En rond bevrijdingsdag bijna oorlog over wie we mogen herdenken.
En Wilders in Amerika: naar de kapper geweest. Waarom wel voor de Amerikanen en niet voor ons? Denk daar eens over na.
Wat een weekie.
Vrijheid

